vc

                                   Genealogie van het geslacht Aesgema uit Dronrijp, voor 1500 behorende tot de  adel.

 

 

                     Overgenomen van de CD behorende bij “ De stinzen in middeleeuws Friesland en hun bewoners” door P.N.Noomen

 

             Aesgema in de Poelen (later stemkohier 39 Dronrijp)

 

Aesgema is een goed voorbeeld van een stins die na 1500 zijn militaire functie verloor. De

hoofdelingenfamilie stierf in mannelijke lijn uit. In vrouwelijke lijn was er nageslacht in eigenerfde

families in Westergo.

De oudste vermelding van Aesgema dateert van 1403. Volgens het necrologium van

Dronrijp stierf in dat jaar de discretus vir Siffridus of Sioerd Aesgama in de Poelen. Hij bestemde

bij testament een eeuwige rente voor de priesters ten bate van zijn zieleheil.2315 Als "eeuwige

delen" uit Aesghema staten in die Poelen voor Siwyrd in de Poelen2316 werden deze renten in 1543 nog

betaald. Eén of meer generaties later, in 1455, was Zyoerd in da Polum getuige bij het testament van

Feddrick Hummama.2317 Weer een generatie later leefde Sywerd in de Poelen, die in 1496 met zijn

buurman Douwa Renicks (Glins) namens de gemeente van Dronrijp toetrad tot het verbond van

Groningen met Westergo.2318 Op 16 juli 1500 sneuvelde hij samen met andere Friese heerschappen

bij Franeker tegen de hertog van Saksen.2319 Sioerd in de Poelen was getrouwd met Doedt Ofckes

Dotinga uit Marssum. Alleen van hun dochters bleven nakomelingen in leven. Dezen behoorden

tot eigenerfde families, als Baerdt, Dotinga, Popta, Aesgema en Dronrijp. Nog tot het einde van

de 16de eeuw bezaten zij - blijkens talrijke onderlinge transacties - gemeenschappelijk eigendom

binnen de Aesgema-goederen in Dronrijp, de Dotinga-goederen in Marssum en het goed Baerdt

onder Arum.2320 Uit latere wapenboeken blijkt dat het wapen Aesgema in de Poelen twee doodshoofden

vertoonde.2321

Oorspronkelijk zal, gezien de positie van de familie op Aesgema in de Poelen een stins

hebben gestaan. Na 1500 moet het een gewone boerderij zijn geworden. De boerderij lag in 1718

en in 1832 bovenop de terp in de Poelen;2322 tussen 1832 en 1851 werd de boerderij 500 meter

naar het oosten verplaatst.

 

2315 Schotanus, "Tablinum", 21a.

2316 BB, 332a, 333a. Lees voor Scwyd: Siwyrd.

2317 FT, nr. 17.

2318 Pax, nr. 147.

2319 Worp van Thabor, V, 25.                                                  

 

 

2320 Zie bijvoorbeeld: A.L. Heerma van Voss en D.D. Osinga, "Baerdt", NL (1930) 34 e.v. (zij verwarden de

Aesgema's van Oosterlittens en die van de Poelen en de Baerdt's van Arum en de Baard's van Baard bij Oosterlittens);

D.J. van der Meer in: Grafschriften Menaldumadeel (1959) s.v. Baerdt, Aesgema, Dotinga, Popta; Roarda,

"Siersma", GJB (1965) 81; GJB (1977) 34; PKAF, IX, 64; J.T.F. Sluiter, "Dronrijp", Gruoninga (1994) 53-66;

Noomen, "Consolidatie", 112, 156; Brouwers, "Sytzama", NL (2000) 106; H. Walsweer, "Nicolai", GJB (2000) 94;

idem, "Capellefrijlien", GJB (2001) 134, 136; H. Zeinstra, "Brandsma", GJB (2005) 170.

2321 "Conscriptio", 163-164, 184-185; Sluiter, "Dronrijp", 54-55. Ook hieruit blijkt dat deze familie Aesgema een

andere is dan de *Aesgema's te Baard en Oosterlittens. Verwarrend is dat beide families Aesgema met Baerdt

gelieerd waren, maar ook dat betrof verschillende families, resp. *Baerdt te Arum en *Baard bij Oosterend.

 

 

 

         I Sjoerd van Aesgema, overleden Franeker 16 jul 1500.

 

Genoemd als Sjoerd in de Poelen (bij Dronrijp) met bezit van Aesgema aldaar.

Hij tekende in 1496 voor Dronrijp het verdrag met Groningen.

 Zie  voor Sjoerd en zijn vrouw en hun kinderen GJB 1999-205, GJB 2001-134, GJB 2002-92 en GJB 2005-172.

Hij sneuvelde bij de opstand tegen de hertog van Saksen in de slag bij Franeker.

 

Sjoerd was gehuwd met  Doedt Ofckesdr van Dotinga, overleden na 1511, dochter van Ofcke van Dotinga en  waarschijnlijk Doedt van Oedtsma

 

De weduwe Doedt wordt bij  RvA 1511 met bezit vermeld als Doedt in de Poelen.

Kinderen van Sjoerd en Doedt op grond van HvF 16481-45 d.d.15-7-1539.

 

 

Uit dit huwelijk:

 

           1   Doedt van Aesgema, overleden na 1551

 

Zie GJB 2001-134 en GJB 2002-91 onder nr.108833 en GJB 2005-170 onder nr.4945.

Zij verkocht als Duedt Syuerdtsdr, weduwe Tiette Baerdt , in 1550 een rente uit Aesgama-zathe in de Poelen.

 

Doedt was gehuwd met Tiete Folperts van Baerdt, overleden na 1543, voor nov.1547, waarschijnlijk zoon van Folpert Tietes (1511 Oosterend).

 

Tiete woonde als landeigenaar op sate Baerdt te Arum in 1542,1543.

In GJB 2002-91 onder nr.108832 en in GJB 2005-170 onder 4944.

Zie voor het nageslacht de genealogie Baerdt/Baerda door A.L.Heerma van Voss en D.D.Osinga in N.L. 1930-38 e.v.

Door deze relatie Aesgema-Baerdt en de relatie Aesgema-Dotinga is er voor de nakomelingen gemeenschappelijk bezit in Aesgema te Dronrijp, Dotinga te Marssum en Baerdt te Arum.

Ook eerder waren er relaties tussen Aesgema en Baerdt of was er gemeenschappelijk bezit (zie N.L.1930-33 e.v.)

Na Sjoerd van Aesgema (III) iets over Baerdt / Baerda/ Aesgema van Oosterend.

 

 

           2   Ofcke van Aesgema, overleden voor15 jul 1539.

 

Met hem stierf dit geslacht Aesgema uit in de mannelijke lijn..

HvF 16481-45 d.d. 15-7-1539: Ofcke is al overleden en zijn erfgenamen zijn: Laes Poppesz van wege zijn vrouw, Abbe Gerryts vanwege zijn vrouw, Sybe Sybesoon voor zijn kinderen bij wijlen Beytze, Heerke Jacobsz voor Tiamke zijn moeder, Tiete Folquertsz voor Doedt zijn huisvrouw, en  tenslotte Ulcke Tiepkesz voor zijn overleden ouders.

 

           3   Beytz van Aesgema, overleden voor 15 jul 1539.

 

Zie GJB 2001-134.

 

Beytz was gehuwd met Sybe Sybes, overleden na 15-7-1539.

 

           4   Tjamcke van Aesgema, overleden na 15 jul 1539.

 

Zie GJB 2001-135.

 

Tjamcke was gehuwd met Jacob N.,  overleden voor 15-7-1539.

 

In 1539 is er een zoon Heerke Jacobs; 1571/1572 verkoopt kleindochter Tyam Heerckedr een sate in de Poelen.

 

           5   N Sjoerdsdr van Aesgema, overleden voor 15 jul 1539.

 

Haar zoon Ulcke Tjepckes is op 15-7-1539 erfgenaam van haar broer Ofcke.

Zie GJB 1977-34 en GJB 2001-135.

 

N was gehuwd met Tjepcke Ulckes Douma van Oenema, overleden 1525/15 jul 1539, begraven Pietersbierum, zoon van Ulcke Tjepckes van Oenema en Gerlant Hobbesdr van Epinga.

 

Hij noemde zich Epema/Epinga naar moedersnaam en was in 1525 eigenaar en bewoner van Epinga te Pietersbierum.

OFO II-324 d.d.29-4-1525:genoemd als Tyepka Ulkazoen te Epinga.

 

Tjepcke was misschien eerder gehuwd met  Eelck Wybesdr van Wybranda, begraven Pietersbierum, dochter van Wybe Sybrens van Wybranda en His Hettesdr van Albada.

 

Het huwelijk met Eelck volgens SFA bij Wybranda uit Schraard.

 

           6   N Sjoerdsdr van Aesgema, overleden na 15 jul 1539.

 

Zie GJB 2001-137.

 

N was gehuwd met Laes Poppes, overleden na  15-7-1539.

 

Zie voor hem en zijn zoons GJB 1977-34 en GJB 2001-134.

 

 

           7   N Sjoerdsdr van Aesgema, volgt onder II.

 

 

       II N Sjoerdsdr van Aesgema, overleden na 15 jul 1539, dochter van Sjoerd van Aesgema (I) en Doedt Ofckesdr van Dotinga.

 

Zie voor haar , haar man en de kinderen GJB 1977-34 en GJB 2001-137.

Zij was volgens mij vermoedelijk de tweede vrouw van Abbe Gerrits en zijn kinderen Anle en Gerrit zijn dan uit het eerste huwelijk.

Sjoerd is dan zoon uit het tweede huwelijk; immers Sjoerd  heeft een zoon Abbe en Sjoerd heeft later bezit in Aesgema via zijn moeder.

Bij de rechtszaak op 15-7-1539 blijkt Abbe getrouwd met een dochter van Sjoerd (I).

 

N was gehuwd met  Abbe Gerrits, overleden 1539/1546.

 

Abbe Gerrits had als zoons Anle Abbes, geboren voor 1518, overleden Marssum 7-1-1580 en Gerrit Abbes, geboren na 1526, overleden na 1566.

Anle was boer op Dotingastate Marssum (GJB 2001-138).

Gerrit had in 1546 37 pm grondbezit in Pingjum (GJB 2001-137).

 

Uit het huwelijk van Abbe en N.Sjoerdsdr van Aesgema vermoedelijk:

 

 

1. Sjoerd van Aesgema, geboren omstreeks 1528, volgt onder III

 

 

      III Sjoerd van Aesgema, geboren omstreeks 1528, overleden  na 1579, voor 23 okt 1581, misschien zoon van Abbe Gerrits en N Sjoerdsdr van Aesgema (II).

 

Als Severinus Ascoma op 16-6-1543 student te Leuven en op 30-3-1547 student te Orleans.

Mr. Sjoerd Aesgema was advocaat bij het Hof van Friesland.

Zie verder voor hem GJB 2001-135 en Grafschriften IV-106.

1548: Sjoerd , nog niet voljarig, staat onder voogdij van Sjoerd Tietes (Baerdt) ,zijn neef.

HvF 16691-120 d.d.17-10-1555:Mr.Sjoerd Aesgema namens Worp Tjessens.

Sinds 1556 eigenaar van een deel van Aesgama-zathe in de Poelen, daarvoor huurder (N.L. 1930-38).

Zie ook HvF 16692 d.d.10-5-1562:Mr.Sjoerd Aesgema als man en voogd van Auck Bonga,mede voor Hessel en Fed,zwager en schoonzuster.

Op 18-3-1577 vermeld te Leeuwarden bij een lening aan de overheid.

Zie ook HvF 16699 d.d.23-10-1581 en HvF 16702 d.d.14-3-1587.

 

Sjoerd was gehuwd met  Auck van Bonga, overleden voor 23 okt 1581, dochter van Syds van Bonga, ook Buwenga, en Rints Johansdr van Roorda.

 

Zie voor haar met broer Hessel en zuster Fedt HvF 16692 d.d.10-5-1562.

Zij ook bij HvF 16699 d.d.23-10-1581.

 

Uit dit huwelijk:

 

           1   Abbe van Aesgema, overleden na 1586.

 

In 1580 buiten Friesland in ballingschap (C.E.).

Met zijn broer Syds in 1581 en 1584 te Dronrijp.

HvF 16699 d.d.23-10-1581:Gysbert Arentsma contra Abbe en Syds Aesgema te Dronrijp,mede als curatoren voor hun zusters Fed en Doetke,mede als volmacht voor hun zuster Saepck,allen erfgenamen van Sjoerd Aesgema en Auck Bonga.Tot de gedaagden behoort ook Schelte Poppes te Marssum en zijn moeder Ysck Scheltes Aysma (haar moeder was Tjets Aesgema).

HvF 16701 d.d.3-11-1584:Schelte Poppes te Marssum contra Syds van Aesgema te Leeuwarden,mede als volmacht voor Abbe,zijn broer,en als curatoren over Fed en Doetke,hun zusters.

HvF 16702 d.d.14-3-1587: zijn broer Syds is volmacht voor hem.

 

 

           2   Syds van Aesgema, overleden na 1600.

 

In 1587 te Leeuwarden,in 1600 te Marssum.

HvF 16699 d.d.23-10-1581:met zijn broer Abbe te Dronrijp in een proces tegen Gysbert Arentsma c.ux.

Zie ook HvF 16701 d.d.3-11-1584.

HvF 16702 d.d.14-3-1587:Doeco Aysma,grietman van Ferwerderadeel,voor zijn vrouw Syts van Aylva,contra Syds Aesgema te Leeuwarden c.s. als erfgenamen van Jan Bonga;Syds als volmacht voor zijn broer Abbe en als voogd over zijn minderjarige zusters Fedt en Doedt.

HvF 16704 d.d.2-10-1590:Syds als curator over zijn zusters Fed en Doed,allen erfgenamen van hun vader Mr.Sjoerd Aesgema,contra Willem Hendricks op Dronrijp.

HvF 16704-blz.23 d.d.27-2-1591:gedaagden zijn o.a.Syds Aesgema en zijn zusters Fedt en Doedt (over wie hij curator is) i.v.m. goederen wijlen Johan Bonga.

 

3 Saepck van Aesgema, overleden na 1580.

 

4 Fedt van Aesgema, overleden na 1586.

 

Zij was getrouwd met Edger Cornelis Enghuys, landmeter te Leeuwarden (GJB 2001-133).

 

           5   Doetcke van Aesgema, overleden na 1598 (?)

 

Vermoedelijk is zij de Doedt Aesgema die op 29-4-1598 te Leeuwarden in ondertrouw gaat met Aedger Cornelis (haar zwager ?).

 

 

 

                                                                                          Baerdt/Baerda/Aesgema uit Oosterend

 

Gebaseerd op onderzoek door  Dr. A.L.Heerma van Voss en D.D.Osinga in N.L. 1930- 33 e.v.

 

Volgens deze studie zou de oorspronkelijke benaming misschien Bawert geweest zijn (een hoogte, vergelijk Holwert enz.)

In OFO I-61 d.d.1433 komen voor Hepka en Sybrent to Bawert.

Sybren a Bawert komt ook voor in OFO I-95 d.d. 1446..

Er was een boerenplaats (zathe) met de naam Baerdt onder Wommels/Oosterend. (N.L.1930-36).

 

Een zoon van  Sybren to Bawert zou kunnen zijn:

 

I  Douwe Sybrens Baerda, van Oosterend, overleden volgens SFA in 1459 (?)

 

Misschien is hij identiek met Douwa  Baerd en Douwa Sybrens toe Baerd (Charterboek Friesland  I-240 en 602 d.d.1461 en 1474.).

 

Hij was getrouwd met Tieth Doeckedr van Hemmema,  overleden volgens SFA in 1463.

 

Uit dit huwelijk:

 

II-1 Syts Douwesdr  Baerda,  overleden 3-2-1535.

 

Zij wordt ook vaak in genealogieën genoemd als Syts Aesgema.

In kwartieren van haar nageslacht wordt voor haar het Aesgema-wapen gebruikt (zie hiervoor N.L. 1930-37).

 

Zij was getrouwd met Ritscke van Juckema,  overleden na 1514.

 

Een zoon van Douwe Sybrens zou kunnen zijn:

 

II-2  Doecke Douwes a Baerd,  overleden  voor 7-7-1521

 

OFO II-307 d.d. 7-7-1521: Hier worden Sybren, Tryn en Douwe genoemd als kinderen van sillige Doecke Douwezoen a Baerd.

Het bewijs dat zijn vader Douwe Sybrens is kan niet worden geleverd, maar de naam van zoon Sybren kan wijzen in die richting.

In ieder geval wordt voor zijn dochter Tryn de naam Aesgema gebruikt.

Dat hij een zoon zou zijn van Douwe Doeckes, in 1468 op Heringastins te Baard, lijkt mij dubieus (GJB 2001-133); misschien een poging om een koppeling tot stand te brengen met het dorp Baard ?  Was er ooit sprake van Aesgema’s te Baard ?

 

Uit zijn huwelijk met een onbekende vrouw:

 

III-1 Sybren Doeckes Baerd, overleden 10-4-1527

 

OFO II-307 d.d.7-7-1521: Sybren Doeckezn Baerd, personne tho Mersum, en zijn zuster Tryn, bewilligen in het afstaan van land door hun sillige faeders Doecke Douwezoen a Baerd ten gunste van hun lieve broer Douwe, dan woonachtig in Sloten.

Hij was pastoor te Marssum ( zie O.D.J. Roemeling, Heiligen en Heren).

Vermeld als pastoor te Marssum op 21-10-1510  (F.T. 80).

 

III-2 Katryn Doeckes Baerd/Aesgema,  overleden na 19-3-1531, voor 21-10-1553.

 

 

OFO II-307 d.d. 7-7-1521:Sybren Dueckezn Baerd, personne tho Mersum, en zijn zuster Tryn, bewilligen in het afstaan van land door hun sillige faeders Doecke Douwezoen a Baerd ten gunste van hun lieve broer Douwe, nu woonachtig in Sloten.  In dorso: Katryn Asgama, wedu van Fedde Doottijnige.

OFO II-355 d.d. 19-3-1531: Douwe Doeckezoen, nu woonachtig thoe Merssum, en met toestemming van Katrn Doeckes sillighe Feddo Doetinga wedue myn suster, verkoopt renten uit Englama gued bij Wynaldum aan Dirck Jacopsoen ende Syts Sannedr, burgers in Leeuwarden.

 

 

Katryn was getrouwd met  Fedde Ofckes Dotinga, overleden Marssum 7-10-1529 (?), aldaar begraven, zoon van Ofcke van Dotinga en Luts Feddesdr van Mernstra.

 

 

Hij erfde Dotinga te Marssum van zijn vader.

In 1496 gaat hij accoord met het verbond met Groningen.

Op 9-7-1504 tekent Fedde Dotinga de reversaalbrief (nr.166).

Fedde Doytinga staat op 5-1-1505 bij de edelen van Menaldumadeel.

Bij RvA 1511 bezittervan Yngela of Englegoed te Wynaldum (uit bezit van zijn vrouw ?) en heerschap te Marssum.

In 1515 bij de heerschappen, die Karel V huldigen, als Feddo Doetinga (lijst Thabor) en als Feddo Dotingha (lijst Winsemius).

Hij was de laatste mannelijke telg uit dit geslacht Dotinga en is overleden voor 7-7-1521 (?).

 

Uit een onwettige relatie (zie N.L.1930-37) :

 

III-3  Douwe Doeckes Baerd,  overleden na 19-3-1531, voor 21-10-1553

 

In 1521 te Sloten (OFO II-307) en in 1531 te Marssum (OFO II-355). Zie boven.

Zijn 4 kinderen worden genoemd als zij in 1553 een overeenkomst sluiten met de kinderen van wijlen Gabbe Aesgema over eigendommen bij Wynaldum en Harlingen (zie T326-1428 d.d.21-10-1553).

 

Douwe was getrouwd met Wopk Ebbedr  (zie N.L. 1930-37).

 

Uit dat huwelijk:

 

1         Doecke Douwes Baerd

 

2         Eebe  Douwes Baerd

 

3         Atzien Douwedr Baerd  ( in 1553 de vrouw van Heere Piers)

 

4         Jouck Douwedr Baerd  (in 1553 de vrouw van Jelle Tziesses

 

II   Folpert Tiettezn, overleden na 1511.

 

In 1511 is hij als Folpert Teta Tyetes meier van de Patroon te Oosterend.

Hij heeft vermoedelijk een relatie met de vorige familie Baerdt uit Oosterend, misschien via zijn vrouw, misschien via zijn moeder.

 

Folpert was getrouwd met N.N.

 

Uit dat huwelijk:

 

III-4  Tiette Folperts Baerdt, overleden Arum voor nov.1547

 

Eigenaar van landen te Arum in 1542 en 1543.

Voor zijn nageslacht zie N.L.1930-38 e.v.

 

Tiette was getrouwd met Doedt Sjoerdsdr Aesgema, overleden na 1551, dochter van Sjoerd van Aesgema en Doedt van Dotinga.

 

Zij hadden 3 zoons Folpert, Frans en Sjoerd en een dochter Anna.

Voor Doedt en haar man zie boven bij Aesgema uit Dronrijp.