Genealogie van de adellijke geslachten van Cammingha
Voor bronnen en afkortingen zie pagina 6 van
de site.
Eveneens voor het voorbehoud bij sommige personen
en filiaties.
A-I Gerrolt
van Cammingha, afkomstig uit Ferwerd, overleden 1401/1424.
Hij wordt ook vermeld als Gerrard of
Gerrit en was afkomstig van Camminghastate bij Ferwerd.
Aanhanger van Albrecht van Beieren
in 1398 en door deze tot baljuw benoemd van Zuidelijk Oostergo.
Vermeld in 1399 als heer van
Leeuwarden op Camminghaburg,verkregen door zijn vrouw Hack.
Camminghaburg werd toen door de
Schieringers onder Dekema,Hania en Botnia ingenomen en hij moest vluchten naar
Holland en bleef daar tot 1401 in ballingschap.
Genoemd met Botte van Helbada in OFO
I-27 d.d.2-2-1418.
Hij wordt later genoemd in het
testament van zoon Peter.
Zie voor hem en zijn nageslacht
Leeuwarder Historische Reeks VI-74.
Gerrolt was gehuwd (1) met Hack van Cammingha,
afkomstig uit Leeuwarden, overleden v 1424, dochter van Syds van Cammingha en N.N..
Zie Leeuwarder Historische Reeks
VI-74.
Zij was de bezitster van
Camminghaburg bij Leeuwarden.
Uit haar huwelijk 2 zoons, die vroeg
en kinderloos overleden, en ook 2 dochters.
In 1424 is sprake van de erfenis van
Gerrolt en Hack en is hun enig overgebleven kind,dochter Wick, hun erfgenaam.
Uit dit huwelijk:
1 Wick van Cammingha, volgt onder A-II-a.
Gerrolt was gehuwd (2) met Tjemck Ndr.
Was zij een dochter van Botte van
Helbada ?
Uit dit huwelijk:
2 Peter van Cammingha, volgt onder
A-II-b.
A-II-a Wick van Cammingha, overleden n 1424,
dochter van Gerrolt van Cammingha
(A-I) en Hack van Cammingha.
Zij zou Camminghaburg hebben
verkregen na de dood van haar moeder en haar broers omdat haar vader was
hertrouwd.
Haar halfbroer Peter zou het haar
met geweld hebben ontnomem.Zie ook OFO I-52 d.d.8-3-1431.
Zij wordt genoemd in het testament
van Peter uit 1440 (F.T.11).
Over haar eigen testament wordt
gesproken in GPCV d.d.24-7-1445.
Wick was gehuwd met
Taecke van Cammingha,
afkomstig uit Ferwerd, overleden 1422/1431.
Hij zou genoemd zijn te Ferwerd in
1422 op Camminghastate aldaar;hij sloot toen als Vetkoper samen met zijn zwager
Peter een verbond met de Schieringers.
Uit dit huwelijk:
1 Syds van Cammingha, volgt onder
A-III-a.
2 Gerrolt van Cammingha, volgt onder
A-III-b.
3 Ernst van Cammingha.
Hij overleed zonder kinderen.
4 Tjemck van Cammingha.
Tjemck was gehuwd met Bonne van
Bonninga, waarschijnlijk zoon van Louw
Broers van Bonninga en N. Hillesdr.
Hij zou zijn genoemd in 1453.
A-III-a Syds van Cammingha, zoon van Taecke van Cammingha en Wick van Cammingha (A-II-a).
Zijn zonen bij een onbekende vrouw:
1 Hidde van Cammingha, overleden n 4 nov
1502.
Pastoor te Leeuwarden
(Nijehove),Dokkum en Anjum.
Hij wordt genoemd rond 1470 in
GsvD-110.
Uit een contract d.d 1480 blijkt dat
hij een broer Taco had en uit een contract d.d.1490 blijkt dat Wick zijn
grootmoeder was.
OFO I-379 d.d.24-4-1490:genoemd met
Sascker van Heringa.
OFO IV-131 d.d.4-11-1502:genoemd als
priester te Dokkum.
Zie de Vrije Fries VII
(1856)-362/378:hij was 1483/1484 ook pastoor van Nijehove (Leeuwarden) en heeft
daar omstreeks 1485 een boek over oude Friese wetten laten drukken in een
klooster.
2 Taecke van Cammingha, overleden na 1504 ?
In 1480 genoemd als broer van Hidde.
Op 9-7-1504 ondertekent een Take
Kamminga de reversaalbrief (nr.78 en
nr.162)
Een Tako Camminga wordt op 5-1-1505
vermeld op de lijst van Friese edelen uit diverse grietenijen. (zie ook bij
zijn neef Taecke A-III-b-1)
Taecke is kinderloos overleden
(SFA).
3 Ernst van Cammingha.
Ernst is kinderloos overleden (SFA).
A-III-b Gerrolt van Cammingha, overleden n
1472, zoon van Taecke van Cammingha en
Wick van Cammingha (A-II-a).
Ook vermeld als Gerbeth of Gerbrand.
Genoemd met Peter Cammingha als
voogden in OFO II-214 d.d.1439.
Hij wordt in 1454 genoemd in een
ruilcontract met Gabbe Holdinga en dan blijkt dat hij 3 zoons had
n.l.Taco,Kempo en Sjuck.
OFO I-210 d.d.24-1-1470: Gerrit
Cammingha is betrokken bij wisselkoop van landen op het Leeuwarder Nieuwland.
In 1473 in het bezit van
Doeckemastate,dat is Dokemahuis op Bilgaard (zie Eekhoff,Leeuwarden II-403).
Gerrolt was gehuwd met 1) Lolck Ndr.
Uit dit huwelijk:
1 Taecke van Cammingha, overleden n 1504
?.
Op 9-7-1504 ondertekent een Take
Kamminga de reversaalbrief (nr.78 en nr.162).
Een Tako Camminga wordt op 5-1-1505
vermeld op de lijst van Friese edelen uit diverse grietenijen.(zie ook bij zijn
neef Taecke A-III-a-2)
2 Keimpe van Cammingha, volgt onder
A-IV-a.
3 Sjuck van Cammingha, volgt onder
A-IV-b.
Gerrolt was gehuwd met 2) Woble Ndr, overleden voor 1467.
Uit dit huwelijk:
4 Hack van Cammingha, overleden n 1467.
Met haar vader genoemd in OFO I-187
d.d.18-2-1467:
Garret Kammynga kwiteert de stad
Leeuwarden voor het ontvangen van het derde deel van het doodgeld voor Ema en
dat namens zijn dochter Hack ,geboren uit sillige Woble, zilliga Ema broeder
( Ema, de broer van Woble, was vermoord ). Garret Kammynga zegelt met een
dubbele adelaar.
OFO I-163 d.d.22-1-1461: Ema, de
broer van Haebel was vermoord en Haebel met haar zoon Eecko te Sneek,verkreeg
als compensatie een derde deel van het doodgeld van de stad Leeuwarden.
Deze kwitantie voor ontvangst werd
gezegeld door Bocke Harinxma
A-IV-a Keimpe van Cammingha, zoon van Gerrolt van Cammingha (A-III-b) en Lolck Ndr.
Keimpe was gehuwd met
Jetske Sjoerdsdr van Popma,
afkomstig uit Terschelling, dochter van Sjoerd
van Popma, van Terschelling en Ebel
van Sjaerda.
Uit dit huwelijk:
1 Rixt van Cammingha.
2 Auck van Cammingha.
A-IV-b Sjuck van Cammingha, overleden n 1514,
zoon van Gerrolt van Cammingha
(A-III-b) en Lolck Ndr.
OFO I-310 d.d.4-7-1481:hij wordt
genoemd te Grouw.
OFO IV-70:in 1487 genoemd onder 84
in het register van Leeuwarden.
In 1494 verkoopt hij land als
bewoner van het Dokemahuis op Bilgaard bij Leeuwarden (zie OFO I-407
d.d.16-5-1494).
In 1506 bedankte hij de regering dat
zijn zoon Petrus voor misdaden genade had gekregen (de Vrije Fries XIII-91/96).
Bij RvA 1511 met bezit te
Bilgaard,Huizum,Bergum en Marrum (daar samen met Pieter Hayes Cammingha).
Vermeld met zijn vrouw in
Grafschriften IV-76.
Sjuck was gehuwd met
Bauck van Mockema, dochter
van waarschijnlijk Juw van Mockema.
Uit dit huwelijk:
1 Peter van Cammingha, volgt onder A-V.
2 Tjemck Sjucksdr van Cammingha,
overleden 1524.
Zij testeerde in 1524.Zie GJB
1994-152.
Tjemck was gehuwd met Adzert van
Aebinga, overleden 1547/1549, zoon van Anlof
van Aebinga, ,ook Andlef en Saepck
Ndr, ,Scheltema ?.
Bij R.v.A.1511 en 1540 met bezit te
Blija en Ferwerd (ook als Adzert Abbema).
T327-1782:acte van scheiding van het
ouderlijk goed met zijn broer Lieuwe,waarbij bepaald wordt dat Aebingastate te
Blija gemeenschappelijk goed blijft (1523).
Hij testeerde op Aebingastate te
Blija op 5-1-1524 (F.T.105 en T327-1783).Uit dit testament blijkt dat zijn
eerste dochter Tjemck dan al overleden is,maar er is wel een dochter Anna.Zij
is ws.een onwettige dochter want zij krijgt slechts een legaat.
HvF 16481-582 d.d.20-12-1536:Als
voormond over de kinderen van broer Lieuwe contra Frans Humalda en Worp Ropta
voor zijn vrouw.
T327-1784:uitspraak in het geschil
van Adzert en zijn stiefzoons Johannes en Worp contra Kempe Wynia als voogd
over de kinderen van zijn stiefdochter Frau en Sjuck Wynia (1547).
T327-1785:verkoop aan zijn stiefzoon
Johannes Renskema (1548).
T327-1786:schenking aan zijn
stiefzoons Worp en Johannes Renskema (1548).
Zie verder GJB 1994-152,153.
Adzert was later gehuwd met Wyts van
Ydsma, overleden n 1544, dochter van Werp
van Ydsma en Saepck Ndr.
A-V Peter
van Cammingha, overleden Bilgaard 5 mei 1544 *, begraven
Leeuwarden,Jacobijnerkerk ,grafschrift, zoon van Sjuck van Cammingha (A-IV-b) en Bauck
van Mockema.
Bekend als Dr.Petrus Cammingha,die
een genealogie maakte van het geslacht Cammingha.
Hij woonde op Dokemahuis in
Bilgaard.
In 1515 bij de heerschappen, die
Karel V huldigen, als Peter Camminga (Thabor) en als Pieter Cammingha
(Winsemius).
HOF 7488
(1516-1542):crim.sent.d.d.27-3-1527:Dr.Petrus van Cammingha krijgt een boete
van 800 gulden wegens smaad en laster van het landsbestuur.Zie ook de Vrije
Fries XIII (1877)-91/96.
Peter was gehuwd met
Eelck van Aebinga, afkomstig
uit Blija, overleden te Bilgaard 5 feb 1548 *, begraven
Leeuwarden,Jacobijnerkerk ,grafschrift, dochter van Anlof van Aebinga en N.N.
Misschien was haar moeder Saepck van
Scheltema (zie bij Aebinga).
Uit dit huwelijk:
1 Bauck Pietersdr van Cammingha, geboren
± 1540, overleden 15 jun 1570 ,ongeveer 30 jaar,GEN 742.
Zij was de oudste dochter.
2 Sjuck Pieters van Cammingha, overleden
1581.
Huwelijksvoorwaarden 4-3-1551
waarbij aan Sjuck wordt toegekend Doeckemastate onder Leeuwarden (Eekhoff
II-403 over Leeuwarden).
T326-1204:testament van Sjuck en
zijn vrouw Hack uit 1559.
Met hem stierf deze tak van de
Cammingha's uit.
Sjuck is getrouwd 1551 (1) met Hack
van Camstra, overleden 1561, dochter van Homme van Camstra en Eelck
van Eysinga, ,ook Isck.
T327-1106:zij verkocht land te
Wirdum aan haar broer Foppe van Camstra.
T326-1204:overeenkomst uit 1559 met
haar broers Tjalling en Foppe en haar zuster Anna.
T326-1205:scheiding van de
nalatenschap van Hack in 1561.
Sjuck was gehuwd (2) met Popck van
Heemstra, dochter van Feye van
Heemstra en Ebel van Hemmema.
Sjuck was gehuwd (3) met Riem
Galesdr van Galama, geboren 1535, overleden 15 sep 1625 *, begraven
Leeuwarden,Oldehove, dochter van Gale van
Galama en Foeck van Hoxwier.
Zij testeerde in 1625 (DDD1-303).
Riem is later getrouwd 7 jan 1586 ,of op 17-1-1586 met Frans van Eysinga, geboren ± 1530, overleden 16 mei 1603 *,
begraven Wirdum, zoon van Aede van
Eysinga en Tieth Ritsckesdr van
Juckema.
3 Wick Pietersdr van Cammingha, overleden
21 jul 1598 *, begraven Dronrijp 26 jul 1598 ,grafschrift.
PI 1578: Wick van Ockinga
aangeslagen te Dronrijp.
Zie Grafschriften IV-75.
T342-05,nr.38:haar begrafenis in
1598.
Wick was gehuwd (1) met Watze van
Ockinga, overleden 31 dec 1575 *, begraven Dronrijp ,grafschrift, zoon van Lolle Heres van Ockinga en Ael van Hermana.
Hij woonde met zijn vrouw op
Fetsestate te Dronrijp.
Grietman van Menaldumadeel 1540-1541
(OFO IV-268 d.d.19-5-1541).
Raadsheer bij het Hof van Friesland
1541-1574.
Zie ook Grafschriften IV-75.
Watze was weduwnaar van Elisabeth
Costers, afkomstig uit Brussel.
Wick was waarschijnlijk gehuwd (2) met Aede
van Eysinga, zoon van Ritscke van
Eysinga en Mary Sydsdr van Tjaerda.
4 Saepck Pietersdr van Cammingha,
overleden sep 1607.
Zij woonde in 1598 als weduwe op
Frittemastate te Dongjum.
Saepck was gehuwd met Reinier van
Frittema, overleden 1591/1598, zoon van Ivo
van Frittema en Tjaerteke van Donia.
Hij werd op 17-11-1567 aangesteld
als grietman van Westdongeradeel en als zodanig in 1570 ontvoerd door
Watergeuzen (GsvD-139).
Hij was Spaansgezind en werd in
oktober 1572 grietman van Wonseradeel.
In 1580 met zijn gezin in
ballingschap (C.E.).
Voor de testamenten van Reinier en
Saepck uit 1591 en 1598 zie T313-85.
A-II-b Peter van Cammingha, overleden 1440 ,na
8-5-1440, zoon van Gerrolt van Cammingha
(A-I) en Tjemck Ndr.
OFO IV-2 d.d.29-8-1405:Roomskoning
Maximiliaan bevestigt Peter het eigen recht op Ameland.Zie ook OFO II-8
d.d.29-8-1405 over het verlenen van dit eigen recht aan Ameland door Oostergo
en Westergo.
In 1422 genoemd met zijn zwager
Taecke als zij als Vetkopers een verbond sluiten met de Schieringers.
OFO I-52 d.d.8-3-1431:hij maakt een
beschikking voor Camminghaburg als hij zonder kinderen/kleinkinderen zou
sterven.Dan zou zijn zuster Wick erven.
Hij behoorde tot de Vetkopers en was
1435/1437 grietman van Leeuwarderadeel (zie OFO I-73 d.d.3-10-1437).
Hij was bezitter van de stins
Camminghaburg bij Leeuwarden en was daarom in 1435 tegen de vereniging van Hoek
met Leeuwarden (zie OFO II-21 d.d.21-1-1435).
OFO II-214 d.d.1439:als voogd
betrokken bij boedelscheiding.
Hij wordt ook genoemd in GPCV
d.d.21-1-1435 en 29-9-1437.
Peter Kammengha van Ameland
testeerde ziek van lichaam op 8-5-1440 te Leeuwarden (zie F.T.11 en OFO
II-215).
In dit testament wordt zijn vrouw
driemaal vermeld als Zyce of Zyca en ook zijn 4 kinderen worden met namen
genoemd.Zijn stiefzoon Rienck Camstra zegelt ook.
Camminghaburg liet hij na aan zijn
zoon Sicke.
Peter was gehuwd met
Site Lousma, ,ook Syts,
overleden n 18 apr 1451, begraven Leeuwarden.
Zij testeerde als Site Kammingha op
18-4-1451 (zie F.T.nr.14 en OFO IV-12).De naam van haar moeder was Frouke.
Bij het testeren leven nog 3 van de
4 kinderen uit haar tweede huwelijk;zoon Sjuck wordt niet meer genoemd.
Wel is mede-erfgenaam zoon Rienck
uit haar eerste huwelijk met Pieter Camstra.
Haar graf was in het
Galileėrklooster,later in de Galileėrkerk te Leeuwarden (zie Grafschriften
III).
Site was weduwe van Pieter Wigles van
Camstra, overleden v 1435, zoon van Wigle
van Camstra.
Uit het huwelijk van Peter en Site:
1 Sicke van Cammingha, volgt onder
A-III-c.
2 Tjemck van Cammingha, overleden n 6 sep
1479, begraven Goutum (?) ,opschrift.
Zij en haar zuster worden genoemd in
het testament van hun tantezegger Graets.
OFO IV-53 d.d.6-9-1479:er is een
geschil met haar over het testament van Graets.
Zie ook grafschriften Roorda
IV-31,128.
Tjemck was gehuwd met Minne van
Eminga, afkomstig uit Stiens, overleden aldaar 5 apr 1467, begraven Goutum
(?) ,opschrift, zoon van Sjuck van Eminga
en Frouck van Wiarda.
Met zijn vrouw vermeld in een
oorkonde uit 1462.
Hij woonde op Emingastate te Stiens.
Volgens het stamboek F.A. had hij
maar één zoon Ids en zouden zijn andere kinderen kleinkinderen zijn.Dit is niet
aannemelijk gelet op de namen van de kinderen en zijn kleinkinderen (3x
Tjemck).Volgens andere genealogieėn was Ids niet de vader maar de broer van
Sjuck en zou het opschrift te Goutum niet deugen.
Zie ook grafschriften Roorda
IV-31,128.
3 Saeck van Cammingha, overleden v 1472.
Voor de huwelijksvoorwaarden zie OFO
I-129 d.d.22-1-1452.
Saeck is getrouwd 1452 met Watze van
Harinxma, overleden n 11 nov 1472, zoon van Bocke van Harinxma en Galtje
Watzes van Dekema, ,ook Gautje of Gatske.
Hij testeerde op 11-11-1472 (F.T. 28
en OFO I-232).Hij woonde eerst in Sloten (in 1458) en later in Sneek.
Volgens zijn testament had hij
dochters Syts (non),Hilke,Wybrich en een dochter Katherine "deer Ebel
moeder toe is " (Ebel als moeder-verzorgster ?)
4 Sjuck van Cammingha, overleden v 1451.
Over hem is niets bekend.
Misschien is hij wel de Sjuck
Dokema,de vader van Doedt Dokema,die dan trouwde met haar oom Sicke van
Cammingha.
A-III-c Sicke van Cammingha, overleden v 1458,
begraven Leeuwarden, zoon van Peter van
Cammingha (A-II-b) en Site Lousma,
,ook Syts.
Hij was bezitter van de stins
Camminghaburg.
Hij wordt genoemd in OFO-I-126
d.d.11-8-1451 als zoenlieden een geschil beslechten tussen Sicke Cammingha c.s.
en Keimpe Unia c.s.
Ook genoemd in OFO-I-129
d.d.22-1-1452 als de huwelijksvoorwaarden worden vastgesteld voor het huwelijk
van Watze Bockes Harinxma en zijn zuster Saeck.
Met zijn zoons sterft deze tak uit
in de mannelijke lijn.
Hij werd begraven in het
Galileėrklooster (Oldegalileėn),maar later werd de zerk overgebracht naar de
nieuwe Galileėrkerk in Leeuwarden.
Zie Grafschriften III
(Leeuwarden,Galileėrkerk).
Sicke was gehuwd met
Doedt Sjucksdr van Dokema,
overleden Leeuwarden 1500, begraven aldaar, dochter van Sjuck van Dokema en Sjouck
van Juwsma.
Zij testeert op 22-3-1499 als Doedt
Dokema (F.T.57).Het testament is ook te vinden in OFO I-440.
OFO II-218 d.d.6-5-1454:Doedt,als
dochter van Sjuck Dokema,getrouwd met Sicke Cammingha.
OFO II-219
d.d.14-6-1458:overeenkomst tussen Doedt Cammingha t.e.z. en Romke,Kempe en Haye
Sasckerszonen t.a.z.
Zij werd vroeger vaak vermeld als
Doedt van Dekema,maar dat is onjuist.
Doeckemastate,ook genoemd
Dokemahuis,lag in Bilgaard onder de rook van Leeuwarden.
Zij werd begraven bij haar eerste
man Sicke.
Doedt is later getrouwd 1458 met Haye
van Jelmera, ,later Heringa en Cammingha, zie B-I.
Uit het huwelijk van Sicke en Doedt:
1 Graets van Cammingha, overleden 1476
,na 10-12-1476, begraven Leeuwarden,Galileėrkerk ,onduidelijk grafschrift.
OFO I-242 d.d.25-10-1473:zij
verkoopt een huis in Leeuwarden.
Zij testeerde op 10-12-1476 te
Leeuwarden als Grathie Kamminga (zie F.T. 37 en OFO I-271) en liet de stins
Camminghaburg na aan haar moeder Doedt;haar broers waren toen al overleden.
Zij werd begraven in het
Galileėrklooster (Oldegalileėn);later werd haar zerk overgebracht naar de
nieuwe Galileėrkerk in Leeuwarden (Leeuwarder Historische Reeks VI-76).
Zie ook Grafschriften III
(Leeuwarden,Galileėrkerk).
Graets was gehuwd (1) met Peter
Abbes Onsta, overleden v 1472.
Graets is getrouwd 1472 (2) met Epe
Janckes van Douma, afkomstig uit Langweer, overleden 1473, zoon van Jancke Douwes van Douma en Eets Douwesdr van Harinxma, ook Jets.
Hij woonde te Irnsum.
Graets is daarnaast getrouwd 1473 (3) met Watze Abbes van Dekema, overleden 1481 *, begraven Leeuwarden,Galileėrkerk
,onduidelijk grafschrift, zoon van Abbe
N. en Feyck Ndr.
Olderman te Leeuwarden (OFO I-301
d.d.9-8-1480).
Hij noemde zich evenals zijn moeder
van Dekema.In 1458 genoemd als naastligger te Huizum;in OFO I-170 d.d.21-7-1463
als koper van land,grenzend aan Abbema;in OFO I-191 d.d.13-10-1467 te Wirdum
als koper van land;ook genoemd in OFO I-237 d.d.24-4-1473;in OFO I-277
d.d.30-4-1477 met Tiede Deckama te Leeuwarden;in OFO II-82 d.d.13-7-1476 bij
een geschil over het slatten van een deel van de Ee.
OFO IV-52 d.d.17-8-1479:genoemd als
"eem" van Juw van Dekema;"eem" zou volgens het
middelnederlands woordenboek afgeleid kunnen zijn van "oheem",zoiets
als uit het huis van grootvader.Zie ook OFO II-339 waar "eem" de
betekenis heeft van oudoom.
OFO IV-54 d.d.12-9-1480:vermeld bij
de verdeling van goederen tussen de broers Hette en Juw van Dekema.
OFO IV-82 d.d.8-2-1491:genoemd als
wijlen Huizumer hoofdeling.
Zie ook GJB 1996-178.
Watze is eerder getrouwd 1454 met Wick
Wytzesdr van Oenema, afkomstig uit Wirdum, dochter van Wytze van Oenema en waarschijnlijk N.van Sjaerda.
Watze was weduwnaar van zijn halfoomzegster Jel Bockesdr van Harinxma, overleden n 1471, dochter van Bocke van Harinxma en Galtje Watzes van Dekema, ,ook Gautje of
Gatske.
2 Pier van Cammingha, overleden v 1476.
Genoemd in het testament van Graets.
3 Lieuwe van Cammingha, overleden v 1476.
Genoemd in het testament van Graets.
4 Gerrit van Cammingha, overleden v 1476.
Hij wordt genoemd in OFO I-129,155
d.d. 22-1-1452,1-2-1459 en was in 1459 bezitter van Camminghaburg.
Hij overleed ongehuwd,waarna zijn
zuster Graets in het bezit kwam van de stins.
B-I Haye van Jelmera, ,later Heringa en
Cammingha, overleden 1486, zoon van Sascker
van Jelmera en Ydt Tjaertsdr van
Aylva.
Hij noemde zich Heringa (OFO
II-64,84 d.d.27-5-1466 en 13-9-1477).
Hij was heer van Ameland na
overlijden van zijn halfbroer Keimpe.
Ook olderman van Leeuwarden (OFO
I-320,326,341 d.d.28-4-1482,21-2-1483,26-3-1485).
T327-1913a d.d.24-6-1450:zijn moeder
en hij verklaren dat zijn broers Romke en Keimpe afstand hebben gedaan van het
derde deel van de erfenis,die vader Sascker en de grootouders Ritske en Ael op
Ameland hebben nagelaten,behalve het "foerndeel".
Zie ook OFO II-219 d.d.14-6-1458 en
OFO III-6 d.d.9-8-1466.
OFO IV-40,42 d.d.4-12-1473 en
28-6-1474:hij heeft een geschil met Jets,dochter van zijn broer Romcke.
OFO II-82 d.d.13-7-1476:hij heeft
een geschil met de grietman over het slatten van een deel van de Ee.
OFO IV-53 d.d.6-9-1479:hij heeft een
geschil met Tjemck van Cammingha (Eminga) over het testament van Graets van
Cammingha.
Hij testeerde op 9-3-1486 als Haye
Kammingha (EEE 2-521,F.T.50 en OFO I-346).
Hanty van Heringa was een onwettige
zoon van hem.Deze Hanty trouwde een zekere Doedt,die op
Ballum,Ameland,testeerde.Voor haar testament,zie F.T.49 d.d 13-7-1485 en OFO
I-342.
Haye is getrouwd 1458 met Doedt Sjucksdr van Dokema,
overleden Leeuwarden 1500, begraven aldaar, dochter van Sjuck van Dokema en Sjouck
van Juwsma.
Doedt was weduwe van Sicke van Cammingha, zie A-III-c.
Uit het huwelijk van Haye en
Doedt:
1 Sjouck Hayesdr van Cammingha, geboren ±
1460, volgt onder B-II-a.
2 Pieter van Cammingha, volgt onder
B-II-b.
B-II-a Sjouck Hayesdr van Cammingha, geboren ±
1460, overleden 1515, dochter van Haye
van Jelmera, ,later Heringa en Cammingha (B-I) en Doedt Sjucksdr van Dokema.
Haar moeder Doedt schonk haar de
stins Camminghaburg.
Zij vernoemde haar zonen naar haar
eerste man en diens vader.
Zie ook Leeuwarder Historische Reeks-77.
Sjouck is getrouwd 1477 (1) met Wytze van Dekema,
overleden Wirdum 1493, zoon van Watze
Abbes van Dekema en Wick Wytzesdr van
Oenema.
Vermoedelijk genoemd in OFO
I-318,327 d.d.16-3-1482,15-5-1483 als Wytze Watzes Cammingha op Camminghabuur.
En ook in OFO III-23
d.d.19-12-1491:gezegeld door Peter Hayes en Wytze Watzes van Leeuwarden (Peter
Hayes Cammingha en Wytze Watzes zijn zwagers).
Soms ook Wytze Oenema genoemd naar
moeders familie.
Sjouck is getrouwd ± 1495 (2) met Rienck
van Eminga, ,later van Cammingha, overleden 1531, zoon van Minne van Eminga en Tjemck van Cammingha.
Rienck zal als jongste zoon van
Minne en Tjemck geboren zijn omstreeks 1465.
Volgens mijn overwegingen bij het
geslacht Eminga zal hij geen zoon zijn van
Ids zoals wel wordt vermeld in het SFA en in HvR.
Dit vermoeden van mij werd later ook
bevestigd in de Historische Reeks VI-75,77.
Hij woonde met zijn vrouw op het
slot Camminghaburg (Camminghabuur).
Raadsheer bij het Hof van Friesland
1499-1531.
OFO IV-119 d.d.17-3-1501:namens
Leeuwarderadeel bij de besluiten van de Leppa.
Renick van Kambuer tekende op
9-7-1504 de reversaalbrief (nr.112).
Op 5-1-1505 als Rienick Kamingabuyr
op de lijst van edelen uit Leeuwarderadeel.
Bij R.v.A.1511 heeft Rienck
Eminga/Cammingha van Leeuwarden veel bezit.
In 1515 bij de heerschappen,die
Karel V huldigen, als Rinck toe Kammingabuer (Thabor) en als Rienick Cammingha
te Cammingha Buyr (Winsemius).
Uit dit huwelijk:
1 Watze van Cammingha.
Overleden zonder kinderen.
2 Wytze van Cammingha, volgt onder
B-III-a.
B-III-a Wytze van Cammingha, overleden 1533 ,na
24-10-1533, begraven Leeuwarden ,bij de Dominicanen, zoon van Rienck van Eminga, ,later van Cammingha
en Sjouck Hayesdr van Cammingha
(B-II-a).
In 1515 bij de heerschappen, die
Karel V huldigen, als Wytze Camminga (Thabor) en als Witze Cammingha
(Winsemius).
Hij was heer van Camminghaburg bij
Leeuwarden,maar woonde op Oenemastate bij Wirdum.
Ook raadsheer bij het Hof van
Friesland 1531-1533.
Hij testeerde met zijn vrouw op
24-10-1533 (F.T.129).
T323-2754: op het graf konden
vroeger bij de wapens de namen van zijn grootouders worden afgelezen
Kamminga-Eminga en Heringa-Jousma.
De grootouders zijn echter Minne van
Eminga x Tjemck van Cammingha en Haye van Jelmera x Doedt van Dokema.
Wytze was gehuwd met
Rints Fransdr van Minnema,
overleden 1546, begraven Leeuwarden ,bij de Dominicanen, dochter van Frans Sipckes van Minnema en Rints Tietesdr van Hommema.
Zij woonde met haar man op
Camminghaburg en sloot in 1536 een overeenkomst met het stadsbestuur van
Leeuwarden om bijstand voor Camminghaburg in geval van oorlog.
HvF 16481-527 d.d.27-10-1536:als
weduwe van Wytze met haar broer en zusters bij de gedaagden.
Zij testeerde in 1533 en 1545
(F.T.129 en 189).
T323-2754: op het graf konden
vroeger bij de wapens de namen van haar grootouders worden afgelezen
Minnema-Botnia en Hommema-Poppinga.
De grootouders zijn echter Sipcke
van Minnema x Ymck van Dotinga en Tiete van Hommema x Tryn van Foppinga.
Rints was later gehuwd met Here van
Roorda, afkomstig uit Tzummarum, overleden 1541, zoon van Sybrant van Roorda en Haring Heresdr van Hottinga.
Uit het huwelijk van Wytze en Rints:
1 Watze van Cammingha, geboren ± 1515,
volgt onder B-IV-a.
2 Frans van Cammingha, volgt onder
B-IV-b.
3 Catryn van Cammingha, overleden 1 mrt
1546, begraven Bolsward ,grafschrift.
Catryn was gehuwd met Tjaert van
Juwinga, ,ook Jongema, overleden Leeuwarden v 11 sep 1586, begraven
Bolsward ?, zoon van Goslick van Juwinga,
,ook Jongema en Ydt Sytzesdr van Harinxma.
Tjaert was later gehuwd met Jel van
Dekema, overleden 1587, dochter van Hette
van Dekema en Reynsck van Camstra.
4 Doedt van Cammingha, overleden 16 apr
1590 *, begraven Leeuwarden, Jacobijnerkerk.
T326-889,890: Doedt beheerde de
nalatenschap van haar man 1553-1588 en zij testeerde te Leeuwarden in 1588 als
weduwe van George van Roorda.
Dochter Rints van Roorda en
kleindochter Doedt van Holdinga lieten haar steen plaatsen in 1590 (notities
Aernout van Buchel).
Doedt was gehuwd met Jurjen van
Roorda, ook George, afkomstig uit Tzummarum, overleden Antwerpen 1553, zoon
van Sybrant van Roorda en Haring Heresdr van Hottinga.
Vermeld in GJB 1975-112.
T326-884:George van Roorda koopt
land te Spannum van Sipcke Ebes (1548).
T326-885:zijn testament uit 1553.
5 Tiete van Cammingha, volgt onder
B-IV-c.
6 Minne van Cammingha, volgt onder
B-IV-d.
7 Sytse van Cammingha, ook Sipcke.
8 Rienck van Cammingha, overleden 16 apr
1584 *.
Volgens testamenten van zijn ouders
kwam hij als jongste zoon in bezit van Camminghaburg.Hij testeerde op
26-12-1561 en vermaakte zijn goederen aan zijn vrouw Beyts en aan zijn broer
Minne en diens zoon Gerrolt,die aanspraken kreeg op Camminghaburg.
Rienck was gehuwd met Beyts van
Haerda, geboren 4 feb 1536, overleden 22 sep 1589, dochter van Fedde van Haerda en Saeck Gerlofs van Herwey.
Voor haar geboortedatum zie GJB
1970-49.
Zij testeerde als weduwe op 4-4-1589
(T313-353, T323-25 en EEE-1-3).
9 Tjemck van Cammingha, overleden 19 jun
1545 ,of 1546*, begraven Bornwerd/Dokkum.
Het "Dootboeck" (GEN 742)
geeft als sterfdatum 19-6-1545,begraven te Bornwerd en ook 19-6-1546,begraven
te Dokkum.
Tjemck was gehuwd met Frans van
Aylva, geboren ± 1513, overleden 25 jan 1563 ,50 jaar, begraven Bornwerd
,grafschrift, zoon van Sytse van Aylva
en Luts van Minnoltsma.
Hij woonde op
Sytsemastate/Minnoltsmastate te Bornwerd.
Hij testeerde op 20-1-1563,krank van
lichaam (T323-01,inv.nr.158).
Zijn naam en die van Rixt van Unia
op een zerk te Bornwerd (de Vrije Fries XXIII).
Zie ook GJB 1995-161.
Frans was later gehuwd met Rixt van
Unia, overleden 1606 *, begraven Bornwerd, dochter van Juw Auckes van Unia en Ael
Ritsckesdr van Juckema.
10 Mary van Cammingha.
11 Sjouck van Cammingha, ,ongehuwd.
12 Ymck van Cammingha, overleden n 1545
,ongehuwd.
Volgens het stamboek F.A. in 1545
als minderjarige onder voogdij van haar oom Watze en van haar tante Tryn.
13 Haye van Cammingha., overleden na 1533.
Haye wordt genoemd in het testament
van zijn ouders d.d.27-10-1533.
B-IV-a Watze van Cammingha, geboren ± 1515,
overleden Wirdum 20 okt 1576, begraven aldaar ,grafschrift, zoon van Wytze van Cammingha (B-III-a) en Rints Fransdr van Minnema.
Hij woonde op Oenemastate bij Wirdum
en wordt bij RvA 1540 genoemd met bezit te Wirdum.
Watze was gehuwd (1) met
Bjuck van Aylva, afkomstig
uit Bornwerd, overleden Wirdum 28 mrt 1544, begraven aldaar ,grafschrift,
dochter van Sytse van Aylva en Luts van Minnoltsma.
Uit dit huwelijk:
1 Syts van Cammingha, geboren voor 1544, overleden 9 mrt 1574,
begraven Bolsward ,grafschrift.
Syts was gehuwd met Goslick van
Herema, geboren mei 1532, overleden 1 jun 1611 *,79 jaar en 20 dagen,
begraven Bolsward ,grafschrift, zoon van Johan
van Herema en Syts Goslicksdr van
Juwinga, ,ook Jongema.
Grietman van Wonseradeel in
1560.Later te Bolsward.
Zie in GJB 1961-18,19 de afbeelding
van de grafsteen van hem en zijn vrouwen.
Zijn zoon Jan en dochter Buyck
worden met hem genoemd in het testament van Wilcke van Holdingha uit 1594 (GJB
1975-123).
Zie ook T326-1052/1054,1068,1069.
Goslick was weduwnaar van Rixt van
Gratinga, overleden 4 mrt 1562/okt 1563, dochter van Douwe van Gratinga en Tryn
Riencksdr van Roorda.
Goslick is later getrouwd 1575 ?
met Tryn van Heringa, overleden 22
dec 1605 *, begraven Bolsward ,grafschrift, dochter van Hobbe van Heringa en Doedt
Wygersdr van Eelsma.
2 Bjuck van Cammingha, geboren 1544 (?),
overleden 26 sep 1626 *,ongeveer 80 jaar,, begraven Leeuwarden,Oldehove
,grafschrift.
Volgens de kwartierstaat van Lucia
Emerentia van Burmania was zij uit het eerste huwelijk van Watze.
T326-1210:Biuck van Cammingha,weduwe
Goffe van Aebinga (1587).
Zie ook Grafschriften V (Roorda).
Bjuck was gehuwd met Goffe van
Aebinga, overleden Leeuwarden 1579, begraven Leeuwarden,Oldehove
,grafschrift, zoon van Douwe van Aebinga
en Catharina van Offenhusen.
Goffe was weduwnaar van Tjemck van
Aebinga, afkomstig uit Blija, overleden 1558, dochter van Adzert van Aebinga en Wyts van Ydsma.
Goffe is eerder getrouwd 1561 met Lisck
van Heringa, overleden 25 mrt 1565 *, begraven Leeuwarden,Oldehove, dochter
van Hobbe van Heringa en Doedt Wygersdr van Eelsma
Zie GJB 1994-149.
Roorda heeft bij Grafschriften V begraven Oldehove 1597,een verschrijving.
Watze is in ondertrouw gegaan 9 okt 1546 en getrouwd 19
feb 1547 (2) met Frouck van Haerda, geboren 10 mei 1526, overleden 24 dec 1584,
begraven Wirdum ,grafschrift, dochter van Fedde
van Haerda en Saeck Gerlofs van
Herwey.
Voor data van geboorte en huwelijk
zie GJB 1970-48/49.
Uit dit huwelijk:
3 Wytze van Cammingha, afkomstig uit
Wirdum, volgt onder B-V-a.
4 Fedde van Cammingha, overleden 23 apr
1587 *, begraven Wirdum ,grafschrift.
5 Sjouck van Cammingha, overleden 15 jul
1627, begraven Hallum ,grafschrift.
Er is in het Fries Museum een
portret van Sjouck van Cammingha uit 1619.
Sjouck was gehuwd met Ernst van
Goslinga, overleden 2 feb 1614 *, begraven Hallum 11 feb 1614 ,grafschrift,
zoon van Ernst van Goslinga en Syts Keimpesdr van Donia.
Hij testeerde te Hallum op 3-3-1592
(T313-417) en overleed zonder kinderen.
B-V-a Wytze van Cammingha, afkomstig uit
Wirdum, overleden 19 nov 1612 *, begraven Wirdum ,grafschrift, zoon van Watze van Cammingha (B-IV-a) en Frouck van Haerda.
Hij woonde op Oenemastate bij
Wirdum.
In het Fries Museum is een portret
van hem uit 1608.
Wytze was gehuwd met
Rixt Ruurdsdr van Roorda,
overleden 24 okt 1625 *, begraven Wirdum ,grafschrift, dochter van Ruurd van Roorda en Hylck Galesdr van Galama.
T342-05,nr.38:op 25-5-1615 als
weduwe Cammingha te Wirdum bij de begrafenis van Isck van Feytsma.
Begraven te Wirdum (grafschriften
Roorda).
Uit dit huwelijk:
1 Watze van Cammingha, geboren 1602,
volgt onder B-VI-a.
2 Hylck van Cammingha, overleden 25 okt
1621 *, begraven Hallum 2 nov 1621.
Zij had uit haar huwelijk nog 3 jong
overleden kinderen en stierf in de kraam.
Hylck is getrouwd 4 jun 1615 met Schelte
van Aebinga, geboren 3 sep 1588, overleden 11 sep 1666 ,oud 78 jaar,
begraven Hallum ,grafschrift, zoon van Schelte
van Aebinga en Gerlant Scheltesdr van
Liauckema.
Met hem stierf het geslacht uit in
de mannelijke lijn.
Zijn naam en die van zijn tweede
vrouw op de kerkklok van Hallum uit 1648.
Hij testeerde op 11-12-1656 (GJB
1953-70,civ.s.512-1) en met zijn vrouw in 1663 te Hallum (EEE3-372,376).
Zie ook GJB 1958-88 en GJB 1994-149.
Schelte is later getrouwd 1632 met Andriesa
Lucia van Bronckhorst, geboren ± 1604, overleden 14 okt 1666 ,oud 62 jaar,
begraven Hallum ,grafschrift, dochter van Lambert
van Bronckhorst en Lucia van
Espelbach.
3 Fedt van Cammingha, overleden 8 jan
1634 *, begraven Stiens 20 jan 1634 ,grafschrift.
Fedt was gehuwd met George van
Burmania, overleden 10 dec 1634, begraven Stiens ,grafschrift, zoon van Upcke van Burmania en Rints van Roorda.
Grafschriften te Stiens voor hem en
zijn vrouwen (met 8 kwartieren voor elk),zie grafschriften Roorda III-78.
T320-60:request van George van
Burmania als voogd over juffrouw Lucia van Dekema (1615/1616).
Zie ook GJB 2000-143.
George is eerder in ondertrouw gegaan Leeuwarden 19 nov 1602 ,bij het
gerecht en getrouwd aldaar 13 dec 1602 ,voor het gerecht met Luts van Dekema, ook Lucia, overleden 30
jun 1625 ,op Sacramentsdag, begraven Stiens ,grafschrift, dochter van Julius van Dekema, ook Juw en Jel Sytzesdr van Harinxma.
4 Frouck van Cammingha, overleden 11 jul
1625 *, begraven Hallum ,grafschrift.
Het "Dootboeck" heeft als
datum van overlijden 13-7-1623.
In het Fries Museum is een portret
van Frouck en haar man Syds uit 1608.
Frouck was gehuwd met Syds van
Sythiema, overleden 7 jun 1636, begraven Hallum ,grafschrift, zoon van Haring van Sythiema en Syts Minnesdr van Eminga.
Hij woonde in 1615 met zijn vrouw in
Hallum.
Hun namen staan op de kerkklok van
Hallum uit 1648.
Voor zijn graf en dat van zijn vrouw
zie N.O.I-156.
B-VI-a Watze van Cammingha, geboren 1602,
overleden Wirdum 13 dec 1686 ,84 jaar, begraven Wirdum ,grafschrift, zoon van Wytze van Cammingha (B-V-a) en Rixt Ruurdsdr van Roorda.
Hij woonde op Oenemastate onder
Wirdum.
Voor zijn 16 betovergrootouders
waren er 16 losse wapenbordjes n.l
Van vaderszijde: Cammingha-Oenema
(?), Minnema-Hommema, Haerda-Burmania (bordje ontbrak) en Heerwey-Jongema.
Van moederszijde: Roorda-Camstara,
Juckama-Aesgama, Galama-Tetema en Walta-Dekama.
Zijn betovergrootouders zijn Rienck
van Cammingha (Eminga) x Sjouck van Cammingha, Frans van Minnema x Rints van
Hommema, Pybe van Haerda x Jouck van Burmania, Gerlof van Herewey x Womck van
Jongema, Rienck van Roorda x Syts van Camstra, Ritscke van Juckema x Syts van
Aesgema/Baerda, Otte van Galema x Wisck van Tietema en Douwe van Walta x Hylck
van Dekema.
Watze was gehuwd (1) met
Sjouck van Aebinga, overleden
18 dec 1630 *, begraven Wirdum ,grafschrift, dochter van Schelte van Aebinga en Gerlant
Scheltesdr van Liauckema.
Zij werd eerst begraven te
Hallum,maar later herbegraven bij haar man in Wirdum.Zie grafschriften Wirdum
(Roorda).
Zie verder GJB 1994-149.
Uit dit huwelijk:
1 Wytze van Cammingha.
Wytze was gehuwd met Sophia Anna van
Pipenpoy, overleden 18 nov 1670.
Watze is getrouwd in Leeuwarderadeel 22 okt 1637 (2)
met Anna van Wytsma, geboren Ee 3 jun 1613, overleden Wirdum 7 jan 1652
,op Oenemastate, begraven aldaar ,grafschrift, dochter van Gerrit van Wytsma en Bjuck
Ofckesdr van Bawema.
Uit dit huwelijk:
2 Sjouck van Cammingha, geboren 1639,
overleden Wirdum,Oenemastate 5 nov 1727 ,in het 88e jaar, begraven Wirdum
,grafschrift.
Zij testeerde in 1719 en 1724.
3 Rixt Anna van Cammingha, geboren 1641,
overleden Wirdum,Oenemastate 17 mrt 1712 ,in het 71e jaar, begraven Wirdum
,grafschrift.
Zij testeerde op 13-2-1687.
4 Gerrit van Cammingha, geboren jul 1642,
overleden 29 mrt 1646 ,3 jaar,6 maanden en 3 weken oud, begraven Wirdum
,grafschrift.
5 Bjuck van Cammingha, geboren jul 1645,
overleden 6 aug 1645 ,oud 3 weken, begraven Wirdum ,grafschrift.
6 Bjuck van Cammingha, geboren n 1646,
overleden n 13 feb 1687.
Zij testeerde te Wirdum op
13-2-1687.
7 Gerrit van Cammingha, geboren Wirdum
1647, volgt onder B-VII.
8 Ruurd van Cammingha, geboren 1650,
overleden 7 feb 1672 ,in het 22e jaar, begraven Wirdum ,grafschrift.
9 Fedde van Cammingha.
Fedde was gehuwd met Machteld Agnes
van Mulert.
B-VII Gerrit van Cammingha, geboren Wirdum
1647, overleden 25 jun 1712 ,65 jaar, zoon van Watze van Cammingha (B-VI-a) en Anna
van Wytsma.
Hij woonde eerst op Klein Hermana en
later op Roordaburg onder Franeker.
Met zijn vrouw testeerde hij op
7-9-1688.
T323-2754: voorheen waren naast de
wapens op het graf namen te lezen van zijn 16 betovergrootouders
n.l.Cammingha-Minnema, Haerda-Herweij, Roorda-Juckema, Galema-Walta, Wytsma-
., Eminga-Heemstra, Bauwema-
. en
.. .
.-
..
Voor zo ver bekend zijn de
betovergrootouders : Wytze van Cammingha x Rints van Minnema, Fedde van Haerda
x Saeck van Herwey, Rienck van Roorda x Rixt van Juckema, Gale van Galema x
Aelcke van Walta, Gerrit van Wytsma x Dorothea van Albada, Ids van Eminga x
Wick van Heemstra,
Bawema x
.
Gerrit is getrouwd in Idaarderadeel 29 jan 1677 ,gerecht
met Catharina Victoria van Sternsee, geboren 1649, overleden 14 dec
1703 ,54 jaar, dochter van Sjuck van
Sternsee en Ammerentia van Paffenrode.
Zij was in 1677 afkomstig uit Tzum.
Uit dit huwelijk:
1 Sjuck van Cammingha, ,ook Sixtus
Antonius, geboren 1677, overleden 30 jan 1719 ,41 jaar.
Bij huwelijk in 1707 was hij
afkomstig van Roordaburg onder Franeker.
Hij is kinderloos overleden.
Sjuck is getrouwd Franeker 25 jul 1707 ,gerecht met Veronica Dorothea de Wolff, overleden Leeuwarden 1744.
2 Watze van Cammingha, ,ook Valerius
Vitus, geboren 1682, volgt onder B-VIII.
3 Douwe van Cammingha, ,ook Dominicus
Franciscus, geboren 1684, overleden 21 feb 1728.
Douwe was gehuwd met Anna Maria van
Moens, geboren 13 mrt 1678, overleden 14 nov 1726.
4 Ruurd van Cammingha, geboren 1686,
overleden 6 mei 1762 ,76 jaar.
Hij bleef ongehuwd.
B-VIII Watze van Cammingha, ,ook Valerius
Vitus, geboren 1682, overleden Wirdum 14 apr 1764 ,82 jaar, zoon van Gerrit van Cammingha (B-VII) en Catharina Victoria van Sternsee.
Hij was luitenant-generaal en woonde
eerst op Wiardastate bij Goutum,maar later op Oenemastate onder Wirdum.
Bij zijn vrouw had hij 8 kinderen.
Voor zijn nageslacht tot op heden
zie N.A.1990.
Watze is getrouwd Oudheusden 3 apr 1707 met Petronella
Jacoba van Bueren, geboren Oudheusden 12 mrt 1686, overleden Wirdum 13 sep
1751 ,op Oenemastate.
Uit dit huwelijk:
1 Catharina Victoria van Cammingha,
geboren Heusden 7 dec 1707, overleden Wirdum 8 aug 1773.
Zij was niet getrouwd.
2 Charlotte Juliana van Cammingha,
geboren ± 1709.
Zij was priorin in een abdij.
3 Anna Dorothea van Cammingha, geboren ±
1711.
Zij is jong overleden.
4 Frederik Ignatius van Cammingha,
geboren ± 1713, overleden Wirdum 20 dec 1768 ,55 jaar.
Hij was heer van Oudheusden,eerst
ritmeester,later majoor.
Hij was niet getrouwd.
5 Gerard Ferdinand van Cammingha, geboren
± 1715, volgt onder B-IX.
6 Douwe Valerius van Cammingha, geboren ±
1718, overleden 20 sep 1794 ,76 jaar, begraven Rinsumageest ,grafschrift.
Hij was niet getrouwd.
7 Ruurd Karel van Cammingha, geboren
Bunnik 15 aug 1721, overleden 25 jun 1793, oud 72 jaar en 10 maand, begraven
Wirdum ,rouwbord Goutum met grafschrift.
Hij was overste van een regiment,
maar resideerde op Wiardastate te Goutum.
Rouwbord in de kerk van Goutum met
16 kwartierwapens,hij werd echter begraven te Wirdum (zie De Friesche Adelaar
nr.2 d.d.1887).
Van de 16 betovergrootouders slaan
de 8 van vaderskant op:
Wytze van Cammingha x Rixt van
Roorda, Gerrit van Wytsma x Sjucke van Bawema, Bocke van Humalda x Catharina
van Herema, Schelte van Paffenrode x Wick van Dekema.
Ruurd had bij de eerste vrouw 5
kinderen en bij de tweede vrouw 3 kinderen
Bij de eerste vrouw o.a. Petronella
Jacoba, ,geboren 26-2-1763 en overleden 27-6-1792,begraven te Wirdum.
Ruurd was ondertrouwd te
Leeuwarden op 12-3-1758 met 1) Maria
Gertrudis Selis de Fanson, afkomstig uit Maastricht in 1758, geboren 1731,
overleden Goutum 7-11-1785, 54 jaar.
Ruurd is getrouwd te Goutum op
18-5-1788 met 2) Anna Catharina Lemper, in
1788 weduwe te Leeuwarden, geboren te Doornik op 11-4-1754, overleden Goutum
16-10-1832.
8 Susanna Barbara van Cammingha, geboren
dec 1724, overleden 21 jan 1801 ,76 jaar en een maand, begraven Rinsumageest
,grafschrift.
Susanna was gehuwd met Tjalling van
Asbeck.
B-IX Gerard Ferdinand van Cammingha, geboren
± 1715, overleden Goutum 27 dec 1770 ,55 jaar, begraven aldaar, zoon van Watze van Cammingha, ,ook Valerius Vitus
(B-VIII) en Petronella Jacoba van Bueren.
Hij was kapitein in het leger,later
kolonel.
De kinderen uit zijn tweede huwelijk
werden R.K.gedoopt te Leeuwarden (parochie het Klooster).
Hij verkreeg door vererving
o.a.Wiardastate te Goutum en overleed daar.
Gerard was gehuwd (1) met Henriette van Alkemade,
overleden v 1758.
Gerard is getrouwd mei 1758 (2) met Anna
Catharina Eleonora van Albada, geboren ± 1730, overleden 2 apr 1762 ,32
jaar.
Uit dit huwelijk:
1 Petronella Jacoba van Cammingha,
gedoopt Leeuwarden 28 feb 1759.
Zij is jong overleden.
2 Doodgeboren kind van Cammingha, geboren
apr 1761.
Gerard is getrouwd Heino aug
1768 (3) met Maria Ursula Sophia van Oldenneel, overleden Vorden 2 mei 1835.
Maria Ursula hertrouwde Leeuwarden 2 aug 1773 met Engelbertus Tiberius Haring van Harinxma, geboren
Leeuwarden 2 juni 1740, overleden Vorden 1795.
Uit het huwelijk van Gerard en Maria Ursula:
3 Maria Margaretha van Cammingha, gedoopt
Leeuwarden 16 mei 1769, overleden 6 mei 1770.
4 Petronella Jacoba Maria van Cammingha,
gedoopt Leeuwarden 16 mei 1769, overleden 26 apr 1770.
B-IV-b Frans van Cammingha, overleden 22 jul
1559 *, begraven Leeuwarden,Oldehove, zoon van Wytze van Cammingha (B-III-a) en Rints Fransdr van Minnema.
Bezitter van het Camminghahuis in de
Grote Kerkstraat van Leeuwarden.
In 1560 is er scheiding/deling
tussen de kinderen (T313-97).
Frans was gehuwd (1) met
Jouck Piersdr van Walta,
afkomstig uit Bozum, overleden 24 nov 1539, begraven Bozum ,grafschrift,
dochter van Pier van Walta en Bauck Werpsdr van Unia.
Uit dit huwelijk:
1 Sjouck van Cammingha, overleden 12 nov
1588.
Voor haar huwelijk met Hette werden
op 26-4-1556 voorwaarden opgesteld.(T313-96).
Sjouck is getrouwd 1556 met Hette
van Aebinga, overleden Leeuwarden 12 jul 1575/27 aug 1576, zoon van Ruurd van Aebinga, ,ook Rewert en Renert
en Ydt van Dekema.
Friesche Volksalmanak 1897-10/16:op
23-12-1572 aangesteld als grietman van Menaldumadeel,maar tegen de zin van de
inwoners.Op 12-7-1575 maakte hij een afrekening als grietman,maar woonde toen
te Leeuwarden.In 1576 is Lolle van Ockinga grietman en op 27-8-1576 worden door
Hette nagelaten goederen door zijn weduwe verkocht.Zijn sterfdatum is 4-6-1575
volgens het stamboek F.A.,maar dat zal vermoedelijk zijn 4-6-1576.
Hij werd begraven in het
St.Annaklooster te Leeuwarden,maar later door bemiddeling van zijn zoon Schelte
herbegraven in Hallum.
2 Jouck Fransdr van Cammingha.
Zij is een dochter uit het eerste
huwelijk van Frans volgens de 8 kwartieren van kleinzoon Foppe van Grovestins
(zie Grafschriften IV-92).
Jouck was gehuwd met Foppe van
Grovestins, overleden Leeuwarden 28 mei 1607 *, begraven Engelum 3 jun
1607, zoon van Idzart van Grovestins
en Tjets van Oenema.
Hij was raadsheer bij het Hof van
Friesland 1580-1607.
Foppe was later gehuwd met Ansck
Minnesdr van Eminga, overleden 21 dec 1605 *, begraven Engelum, dochter van
Minne van Eminga en Eelck Bottesdr van Jarla.
Frans was gehuwd (2) met
Fedt Sybrensdr van Stenstera,
geboren Keulen 1517, overleden 20 jul 1559 *, begraven Leeuwarden,Oldehove,
dochter van Sybren Jeppes van Stenstera
en Saepck van Ydsma.
Fedt was weduwe van Rienck van Burmania, overleden 10 jan
1541 *, zoon van Douwe van Burmania
en Ath Piersdr Bonninga van Sjaerda.
Uit het huwelijk van Frans en
Fedt:
3 Douwe van Cammingha, geboren okt 1550,
overleden 15 jul 1559 *, begraven Leeuwarden,Oldehove.
4 Rienck van Cammingha, volgt onder
B-V-b.
5 Sybrant van Cammingha, volgt onder
B-V-c.
6 Wytze van Cammingha, overleden Emden 12
nov 1606 *, begraven Leeuwarden,Oldehove 26 nov 1606.
In 1580 wegens het R.K.geloof in
ballingschap (C.E.).
Hij testeerde op 14-2-1606
(DDD1-311,EEE1-49 en T323-25) en liet het Camminghahuis van zijn ouders na aan
zijn oomzegger Frans.
7 Saepck Fransdr van Cammingha, overleden
11 jun 1610 *, begraven Burgwerd.
Saepck was gehuwd met Joost van
Ockinga, overleden v 1610, zoon van Here
van Ockinga.
B-V-b Rienck van Cammingha, overleden 8 mrt
1598, begraven Franeker ,grafschrift, zoon van Frans van Cammingha (B-IV-b) en Fedt
Sybrensdr van Stenstera.
Hij testeerde in 1589 (EEE I-3).
Een zerk te Franeker voor Rienck en
zijn vrouw (de Vrije Fries XXIII).
De Friesche Adelaar 1889-6 : op de
grafsteen op de 4 hoeken de wapens en namen van hun grootouders
Cammingha-Minnema, Stenstera-Ydtsma, Botnia-Hottinga en Stania-Heemstra.
Deze grootouders zijn: Wytze van
Cammingha x Rints van Minnema, Sybren
van Stenstera x Saepck van Ydtsma, Tjalling van Botnia x Frouck van Hottinga en
Jeppe van Stania x Margaretha van Heemstra.
Rienck was gehuwd met
Margriet Jarichsdr van Botnia,
overleden 24 okt 1615 *, begraven Franeker, dochter van Jarich van Botnia en Luts
Jeppesdr van Stania.
Uit dit huwelijk:
1 Jarich van Cammingha, geboren ± 1581,
volgt onder B-VI-b.
2 Frans van Cammingha, overleden Wenen 27
mei 1597 *.
Bij overlijden student te Wenen.
3 Lucia van Cammingha, overleden n 2 feb
1636.
Zij testeerde als weduwe op 2-2-1636
(T323-25).
Lucia was gehuwd met Upcke van
Burmania, overleden 16 okt 1607 *, zoon van Gemme van Burmania en Jel van
Aylva.
4 Fedt van Cammingha, overleden 12 jul
1650.
Zij testeerde als weduwe op 5-12-1644
(EEE-1-508v en T323-25).
Fedt was gehuwd met Taecke van
Burmania, overleden 23 jan 1619 *, zoon van Gemme van Burmania en Jouck
van Haerda.
Hij stierf kinderloos.
Taecke was weduwnaar van Lucia
Gerroltsdr van Cammingha, overleden 1597, dochter van Gerrolt van Cammingha (B-V-d) en Ath Heresdr van Ockinga.
Taecke was weduwnaar van Rixt van
Botnia, geboren ± 1577, overleden 25 okt 1607 *,30 jaar, begraven Ferwerd,
dochter van Julius van Botnia en Foockel van Walta.
B-VI-b Jarich van Cammingha, geboren ± 1581,
overleden 18 sep 1615 *,oud 34jaar,, begraven Dronrijp 26 sep 1615 ,onduidelijk
grafschrift, zoon van Rienck van
Cammingha (B-V-b) en Margriet
Jarichsdr van Botnia.
Zie Grafschriften IV-81:zijn
grafschrift in Dronrijp was niet meer leesbaar.
Jarich is getrouwd ± 1609 met Jetscke van Mockema,
overleden Leeuwarden 18 aug 1632, begraven Dronrijp ,grafschrift, dochter van Syds van Mockema en Eets Ulckesdr Douma van Oenema, ,ook Jets.
Met haar stierf de adellijke familie
Mockema uit.
MEN 52-9 d.d.5-11-1619
(blz.17):Jetscke is hertrouwd en Watze van Ockinga wordt voogd over haar
kinderen Jeltje(10) en Margrieta(5).
MEN 52-9v d.d.5-11-1619 (blz.18
e.v.):inventarisatie t.b.v de kinderen.
MEN 52-20v d.d.9-11-1619
(blz.40/41):scheiding/deling der goederen.
HvF 16792:autorisatie
d.d.24-7-1628:Margretha van Cammingha,in haar 14e jaar,verzoekt samen met haar
moeder Jetske van Mockema als voogd te benoemen Hobbe van Aylva,grietman van
Baarderadeel.
Jetscke is later getrouwd 1619 ,voor 5-11-1619 met Hobbe van Aylva, geboren Hylaard ± 1582 ,Tjessingastate,, overleden
aldaar 14 jun 1645 ,in het 63e jaar, begraven aldaar ,grafschrift, zoon van Ulbe van Aylva en Sjouck van Heringa.
Uit het huwelijk van Jarich en Jetscke:
1 Jel van Cammingha, geboren 1610,
overleden 21 feb 1635 ,in het 25e jaar, begraven Britsum ,grafschrift.
Jel is getrouwd 11 juni 1626 met Idzert
van Burmania, geboren 17 sep 1594, overleden 5 dec 1632, begraven Britsum
,grafschrift, zoon van Sjuck van Burmania
en Cnier van Douma, ook Cunera.
Hij was grietman van het Bildt
1622-1632.
Zijn naam staat vermeld op de klok
van Dronrijp uit 1632 (Grafschriften IV-88).
Hij testeerde op 16-12-1627
(T323-02,25).
Idzert is eerder getrouwd Beetgum 2 sep 1620 met Susanna van Schwartzenberg en Hohenlansberg, overleden 25 jul 1624
*, dochter van George Wolfgang van
Schwartzenberg Hohenlansberg en Doedt
van Holdinga.
2 Margaretha van Cammingha, geboren ±
1614, overleden Dronrijp 23 mrt 1667, begraven aldaar.
MEN 72-37v/38 d.d.25-4-1667:na haar
overlijden komen haar dochters Jetscke en Franscke onder voogdij van haar
zwager Oene,grietman Hennaarderadeel;Idzart wordt medevoogd.
T323-2754 geeft voor haar de
volgende kwartierstaat:
Ouders: Jarich van Cammingha x
Jetscke van Mockema.
Grootouders: Rienck van Cammingha x
Margaretha van Botnia en Syds van Mockema x Jets van Douwema (Eets Douma van
Oenema)
Overgrootouders:N.N. x N.N., Jarich
van Botnia x Luts van Stania, Botte van Mockema x Womck van Tiarda, van Douwema x Jets van Latsma.
Zie ook Grafschriften IV-77.
Margaretha is in ondertrouw gegaan Leeuwarden 16 apr 1635 ,bij het gerecht
en getrouwd mei 1635 ,3-5-1635 att.van Leeuwarden voor Margaretha met Sicke Sirtema van Grovestins, overleden
Leeuwarden 16 sep 1665, begraven Dronrijp 28 sep 1665, zoon van Idzart van Grovestins en Franscke van Jongema.
Sicke is in 1627 student te Franeker
en van 24-1-1639 tot 1647 grietman van Hennaarderadeel.
Daarna raadsheer bij het Hof van
Friesland 1648-1665.
HvR: hij woonde op "het
Roodhuis" te Dronrijp en was daar ook ouderling (in 1658 afgevaardigde
naar de synode).
Hij testeerde met zijn vrouw op
11-8-1665 (T323-02,25) en stierf op 16-9-1665 na hevige koorts.
Zie ook Grafschriften IV-77.
B-V-c Sybrant van Cammingha, overleden
Leeuwarden 28 aug 1593 *, begraven Leeuwarden,Oldehove, zoon van Frans van Cammingha (B-IV-b) en Fedt Sybrensdr van Stenstera.
Grietman van Leeuwarderadeel
1578/1593.
Zijn naam met die van anderen op de
kerkklok van Huizum uit 1582.
Sybrant was gehuwd met
Catharina Fransdr van Donia,
overleden Leeuwarden 12 sep 1604 *, begraven Leeuwarden,Oldehove, dochter van Frans van Donia en Tryn van Gerbranda.
Uit dit huwelijk:
1 Frans van Cammingha, overleden 4 jan
1610 *, begraven Leeuwarden,Oldehove.
In 1604 genoemd als hopman
(kapitein);op 8-3-1610 wordt Frans van Donia als zijn opvolger aangesteld.
Hij en later zijn weduwe Rixt
woonden in het Camminghahuis in de Grote Kerkstraat.
Het huwelijk was kinderloos.
Frans is in ondertrouw gegaan Leeuwarden 28 apr 1604 en getrouwd aldaar 20
mei 1604 met Rixt van Heringa,
geboren 1580, overleden 4 dec 1654, dochter van Binnert van Heringa en Foockel
van Roorda.
T347-960:Rixt van Heringa,weduwe
Andries Waltinga (11-11-1652).
Zij was de laatste van de Heringa's
en testeerde als weduwe op 11-11-1652 te Herbayum (EEE I-251 en T323-02,25).
Rixt is later getrouwd ± 1612 met Tjalling
van Botnia, overleden 15 mrt 1614 *, begraven Franeker, zoon van Jarich van Botnia en Luts Jeppesdr van Stania.
Rixt was later gehuwd met Andries
Hobbes van Waltinga, geboren 1593, overleden 8 mrt 1652 ,59 jaar, zoon van Hobbe van Waltinga en Jel Douwesdr van Bootsma.
2 Fedt van Cammingha, overleden 15 apr
1604 *,ongehuwd, begraven Leeuwarden,Oldehove (?).
B-IV-c Tiete van Cammingha, overleden 15 nov
1552, begraven Leeuwarden,Oldehove ,grafschrift, zoon van Wytze van Cammingha (B-III-a) en Rints Fransdr van Minnema.
Tiete is getrouwd 1542 met Tryn van Hottinga,
overleden 29 aug 1575, begraven Leeuwarden,Oldehove ,grafschrift, dochter van Sicke van Hottinga en Anna Rippertsdr van Eelsma.
Uit dit huwelijk:
1 Tiete van Cammingha, overleden Luik 3
aug 1593 *, begraven aldaar.
In 1580 om het R.K.geloof uit
Friesland verbannen (C.E.).
Kapitein in Spaanse dienst en als
zodanig vermeld in 1586 bij de veldslag bij Boksum.
Hij was na zijn oom Frans bezitter
van het Camminghahuis in de Grote Kerkstraat.
Tiete staat vermeld bij het
opschrift uit 1574/1575 van de "Stiennen man" te Harlingen.
Er is een portret van Tiete van
Cammingha in het Fries Museum uit 1588/1589.
Hij stierf zonder kinderen.
Zie voor hem GJB 1965-33/34.
Tiete was gehuwd met Fransck van
Roorda, overleden Rees 13 apr 1580, dochter van Douwe van Roorda en Tryn
Sickesdr van Liauckema.
Zij stierf met een kind in het
kraambed.Voor haar graf zie GJB 1965-33 en voor de 8 kwartieren van het kind
zie GJB 1965-34.
2 Rints Tietesdr van Cammingha, overleden
Dronrijp 1599.
Rints was gehuwd met Lolle van
Ockinga, overleden Groningen 1581, zoon van Here Lolles van Ockinga en Anna
van Dekema.
In 1580 afkomstig uit Franeker en
met zijn gezin in ballingschap buiten Friesland (C.E.).
3 Sjouck Tietesdr van Cammingha,
overleden 8 jul 1620, begraven Sexbierum ,grafschrift.
Sjouck was gehuwd met Jarich George
van Liauckema, geboren ± 1558, overleden Sexbierum 24 aug 1642 ,in het 84e
jaar, begraven aldaar, zoon van Schelte
van Liauckema en Jel van Dekema.
Hij woonde op Liauckemastate te
Sexbierum (1621).
In 1580 met zijn vrouw als balling
buiten Friesland (C.E.).
Zie T326-1218 (1616) en
T326-1222/1225.
Met zijn kinderen stierf het
geslacht Liauckema uit.
4 Wytze van Cammingha, overleden
Osnabrück 29 mrt 1607 *,op Palmzondag,.
Hij was niet getrouwd en overleed
als monnik.
Zijn erfgenamen lieten zoals bepaald
in zijn testament in Dronrijp een huis bouwen voor 3 arme weduwnaars en 3 arme
weduwen (tekst in de gevel).
B-IV-d Minne van Cammingha, overleden 25 jan
1571 *, begraven Franeker ,grafschrift, zoon van Wytze van Cammingha (B-III-a) en Rints Fransdr van Minnema.
Hij woonde tot zijn overlijden op
Camminghaburg.
Inventarisatie daar in 1571.
Bij RvA 1540 ook met bezit te
Marrum.
Zijn naam en die van zijn vrouw op
een zerk te Franeker (de Vrije Fries XXIII).
Voor zijn kwartieren bij het
graf zie De Friesche Adelaar 1887-1.
Minne was gehuwd met
Luts Gerroltsdr van Herema,
overleden 9 aug 1553 *, begraven Franeker ,grafschrift, dochter van Gerrolt van Herema en Luts Tjaertsdr van Sjaerda.
Uit dit huwelijk:
1 Luts van Cammingha, overleden 16 okt
1605 *, begraven Franeker ,grafschrift.
Luts werd begraven in het graf van
haar ouders in de Martinikerk van Franeker.
De Friesche Adelaar 1889-6: bij de
wapens op de steen voor Carel de namen Sternsee-Sigersdorf en Ropta-Humalda en
voor Luts Cammingha-Minnema en Heerma-Sjaerdema.
Zijn grootouders zijn N.van Sternsee
x N.van Sigersdorf en Werp van Ropta x Bjuck Aebinga van Humalda.
Haar grootouders zijn Wytze van
Cammingha x Rints van Minnema en Gerrolt van Herema x Luts van Sjaerda.
Luts was gehuwd met Carel van
Sternsee, geboren 1551, overleden Franeker 13 mei 1615, begraven Harlingen,
zoon van Christoffel van Sternsee en Cunira van Ropta.
In het Fries Museum is een portret
van hem uit 1584, hij is dan 33 jaar.
Hij had geen kinderen en vermaakte
Roptastate te Metslawier aan Bocke van Humalda op voorwaarde dat hij zich
voortaan Bocke van Sternsee zou noemen.
2 Gerrolt van Cammingha, volgt onder
B-V-d.
B-V-d Gerrolt van Cammingha, overleden 29 sep
1589 *, begraven Leeuwarden,Jacobijnerkerk, zoon van Minne van Cammingha (B-IV-d) en Luts
Gerroltsdr van Herema.
Hij erfde in 1584 Camminghaburg van
zijn oom Rienk.
Gerrolt was gehuwd met
Ath Heresdr van Ockinga,
overleden 11 jun 1605 *, begraven Leeuwarden,Jacobijnerkerk, dochter van Here van Ockinga.
Uit dit huwelijk:
1 Minne van Cammingha, overleden in
Henegouwen 1599, begraven Franeker ,onduidelijk grafschrift.
Hij erfde in 1589 Camminghaburg van
zijn vader en overleed in 1599 op weg naar Italiė zonder erfgenamen,waarna er
ruzie ontstond over het bezit van Camminghaburg.Na een proces voor het Hof van
Fiesland kwam het in 1610 in bezit van de nakomelingen van zijn zuster Edwert
en haar man Ruurd.
2 Edwer Gerroltsdr van Cammingha, ,ook
Eduarda, overleden 22 mrt 1606 *, begraven Leeuwarden,Jacobijnerkerk.
Edwer is in ondertrouw gegaan Leeuwarden 9 sep 1603 ,voor het gerecht en
getrouwd aldaar 6 okt 1603 ,voor het gerecht met Ruurd Werps van Juckema, overleden 13 nov 1639, begraven
Rinsumageest ,grafschrift, zoon van Werp
van Juckema en Aelcke Ruurdsdr van
Roorda.
Ruurd woonde eerst op Orxmastate te
Menaldum en in 1615 met zijn derde vrouw in Rinsumageest op Tjaerdastate
(T342-05,38).
T327-1388,1389:extract uit
huwelijksboek Leeuwarden van zijn huwelijk in 1608 met Barbara en de
dispensatie voor het huwelijk wegens bloedverwantschap.
T327-1390:belofte van Ruurd aan
Barbara om de roerende goederen voor zijn zoons uit 1e huwelijk te
inventariseren (1608).
T327-1397:overdracht aan Ruurd en
Maria van Tjaerda van de 20e penning uit een zate te Birdaard (1623).
T327-1401:scheiding en deling in
1634 van percelen land onder Jellum tussen Imck van Dekema c.s. en Ruurd van
Juckema c.s. (n.a.v.sententie Hof van Friesland d.d.21-12-1629).
T327-1403:scheiding en deling in
1640 van door Ruurd nagelaten goederen tussen zijn vrouw en kinderen.
Autorisatie HvF
d.d.14-1-1640:Gerrolt van Juckema als curator over zoon Worp,23 jaar;Homme van
Camstra als curator over Schelte,21 jaar;Goffe van Camstra over Lieuwe,19 jaar.
Diverse data van overlijden en
geboorte komen uit het "huisboek" van Ruurd (zie Grafschriften
II-83/84 (Roorda).
Ruurd is later in ondertrouw gegaan Leeuwarden 23 feb 1608 ,voor het
gerecht en getrouwd aldaar 17 mrt 1608 ,voor het gerecht met Barbara van Dekema, overleden Menaldum
17 jun 1610, dochter van Frans van Dekema
en Gerlant Hettesdr van Hemmema.
Ruurd was later gehuwd met Maria
Sydsdr van Tjaerda, overleden 8 jan 1661, begraven Rinsumageest 22 jan 1661
,grafschrift, dochter van Syds van
Tjaerda en Eelck Reynersdr van
Frittema.
3 Lucia Gerroltsdr van Cammingha,
overleden 1597.
Lucia was gehuwd met Taecke van Burmania,
overleden 23 jan 1619 *, zoon van Gemme
van Burmania en Jouck van Haerda.
Taecke was later gehuwd met Rixt van
Botnia, geboren ± 1577, overleden 25 okt 1607 *,30 jaar, begraven Ferwerd,
dochter van Julius van Botnia en Foockel van Walta.
Taecke was later gehuwd met Fedt van Cammingha, overleden 12 jul
1650, dochter van Rienck van Cammingha
(B-V-b) en Margriet Jarichsdr van Botnia.
4 Hylck Gerroltsdr van Cammingha,
,ongehuwd.
5 Catharina Gerroltsdr van Cammingha,
overleden 15 dec 1580, begraven Franeker ,grafschrift.
Voor haar kwartieren bij het
graf zie De Friesche Adelaar 1887-1.
B-II-b Pieter van Cammingha, overleden
Leeuwarden 1521, zoon van Haye van
Jelmera, ,later Heringa en Cammingha (B-I) en Doedt Sjucksdr van Dokema.
Heer van Ameland.
OFO IV-140,157:Genoemd als olderman
van Leeuwarden en grietman van Leeuwarderadeel (1506,1510) en Tietjerksteradeel
(1504,1506,1510);ook in OFO II-250 d.d.2-4-1511.
Eigenaar en bewoner van het
Amelandshuis in Leeuwarden.
Hij was als Schieringer betrokken
bij het bieroproer in 1487 te Leeuwarden.
Hij sloot mee op 28-6-1492 (OFO
II-182) namens Leeuwarden het verbond met Sneek,Franeker en Bolsward en was
tegen een verbond met Groningen,maar volgens Pax-73 d.d.5-11-1492 sluit hij
zich dan aan bij het verbond tussen Leeuwarden en Groningen van 10-10-1492.
Op 9-7-1504 tekende Peter Kamminga
de reversaalbrief (nr.113).
Als Pieter Kaminga op 5-1-1505 op de
lijst van edelen uit Leeuwarderadeel.
Bij R.v.A.1511 heeft Pieter Hayes
van Cammingha te Leeuwarden veel bezit in Leeuwarden en ook daar buiten.
Hij testeerde te Leeuwarden op
26-11-1521 (EEE 2-307,516,F.T.98 en OFO IV-236)).
Sicke krijgt Heringastate bij
Rauwerd,Wytze krijgt Jelmerastate op Ameland,Haye krijgt zijn state in
Leeuwarden en voor Graets zijn er sieraden.
Vermoedelijk begraven te Leeuwarden
in de Jacobijnerkerk (onduidelijk grafschrift).
Pieter is getrouwd 1485 met Fouwel van Eminga,
overleden 1518, dochter van Minne van
Eminga en Tjemck van Cammingha.
Uit dit huwelijk:
1 Graets van Cammingha, geboren 1485,
overleden 19 jan 1557 *, begraven Leeuwarden,Jacobijnerkerk ,grafschrift.
HvF 16481-533 d.d.27-10-1536:Graets
als eiser voor zichzelf en haar kinderen.
HvF 16481-95 d.d.29-10-1538:Anna
Broersma procedeert tegen Graets van Cammingha.
HvF 16481-636 d.d.6-2-1537:Graets
contra haar broers Sicke,Wytze en Haye inzake goederen nagelaten door wijlen
haar vader Pieter.
Bij RvA 1540 heeft zij bezit te
Hallum,dat in 1511 behoorde aan haar eerste man Wilcke Holdinga.
Graets procedeert 1555/1557 tegen
stiefzoon Rienck i.v.m. de erfenis van Tjaert.
Graets was gehuwd (1) met Wilcke van
Holdinga, overleden 1522, begraven Leeuwarden,Jacobijnerkerk ,grafschrift,
zoon van Botte van Holdinga en Luypck Sjoerdsdr van Bolta.
Op 5-1-1505 op de lijst van Fries
edelen (T342-05,62).
Bij R.v.A.1511 heeft Wilcke Holdinga
van Oosternijkerk(?) veel bezit.
Graets is getrouwd 1534 (2) met Tjaert
van Burmania, overleden Leeuwarden 4 mrt 1541, begraven
Leeuwarden/Oldehove, zoon van Rienck
Upckes van Burmania en Eeck Tjaertsdr
van Burmania.
Hij woonde op het Burmaniahuis te
Leeuwarden.
Hij was raadsheer bij het Hof van
Friesland 1512-1541.
OFO IV-155 d.d.8-7-1506:genoemd bij
de zoenlieden.
Op de lijst van Friese edelen
d.d.5-1-1505 onder 29 (T342-05,62).
Bij RvA 1511 heeft Tjaert Burmania
van Leeuwarden veel bezit en ook bij RvA 1540 genoemd met bezit onder
Leeuwarden en Goutum.
In 1517 drost van Dokkum (GsvD-125).
OFO II-294 d.d.12-4-1520:Tjaert
Burmania en het St.Anthonygasthuis wisselen landen.
HvF 16481-154 d.d.20-12-1538:Tjaert
behartigt de zaken voor zijn vrouw Graets inzake land te Finkum.
Hij testeerde te Leeuwarden op
9-1-1541 (F.T.164).Uit zijn 2e huwelijk had hij geen kinderen.
Zie verder voor hem GJB 2000-136.
Tjaert was weduwnaar van Tjets
Keimpes van Unia, dochter van Keimpe
Feyckes van Unia en Frouck van Amama.
2 Sicke van Cammingha, geboren 1490,
volgt onder B-III-b.
3 Wytze van Cammingha, geboren apr 1492,
overleden 10 okt 1552, begraven Ballum ,grafschrift.
Heer van Ameland en eigenaar van
Jelmerastate,dat hij van zijn ouders had geėrfd.
Hij was niet getrouwd en testeerde
te Leeuwarden op 25-10-1541 (EEE 2-314 en F.T.171).
Zijn naam op een zerk te
Ballum,Ameland (de Vrije Fries XXIII).
4 Haye van Cammingha, geboren 1503,
overleden Leeuwarden 19 dec 1556 *, begraven Ballum ,grafschrift.
Studeerde eerst in
Duitsland,Frankrijk en Italiė.
Eigenaar en bewoner van het
Amelandshuis te Leeuwarden,dat hij van zijn ouders had geėrfd.
Bij RvA 1540 genoemd met bezit in
omgeving Leeuwarden,maar ook o.a.te Marrum.
Na het overlijden van zijn broer
Wytze heer van Ameland.
Hij werd in Leeuwarden vermoord door
Feye Houwerda van Meckema.
Haye was gehuwd met Catharina van
Roorda, overleden 17 dec 1562 *, begraven Leeuwarden,Jacobijnerkerk,
dochter van Taecke van Roorda en Wick van Walta.
Na het overlijden van Haye zou zij
een zoon hebben gekregen,die nog voor haar overleed.
B-III-b Sicke van Cammingha, geboren 1490,
overleden 1540, zoon van Pieter van
Cammingha (B-II-b) en Fouwel van
Eminga.
HvF 16481-379 d.d.20-12-1539:Jelts
van Heemstra contra Sicke van Cammingha.
Bij RvA 1540 met o.a.ook bezit te
Hallum.
Sicke was gehuwd met
Catharina Gerroltsdr van Herema,
geboren 1506/1507, overleden 1585, dochter van Gerrolt van Herema en Luts
Tjaertsdr van Sjaerda, ,ook Louise.
Uit dit huwelijk:
1 Pieter van Cammingha, geboren 16 jul
1531, volgt onder B-IV-e.
2 Taecke van Cammingha, geboren 13 okt
1536, volgt onder B-IV-f.
B-IV-e Pieter van Cammingha, geboren 16 jul
1531, overleden 29 okt 1575, begraven Leeuwarden, Catharinakerk (Hoek)
,grafschrift, zoon van Sicke van
Cammingha (B-III-b) en Catharina
Gerroltsdr van Herema.
In 1556 heer van Ameland na zijn oom
Haye.Bezitter van het Amelandshuis.
Hij testeerde als weduwnaar op
1-9-1570 (EEE I-540) en benoemde voor het beheer van zijn nalatenschap tot de 3
kinderen meerderjarig waren Goslick van Herema,Gerrolt van Cammingha en Carel
van Sternsse , eveneens zijn broer Taecke als die uit het buitenland zou zijn
teruggekeerd.
Pieter was gehuwd met
Franscke van Minnema, geboren
± 1534, overleden voor 1 sep 1570, begraven Leeuwarden, Catharinakerk (Hoek) ,grafschrift, dochter van Frans van Minnema en Wyts Goslicksdr van Juwinga.
Volgens een portret in 1555 was zij
toen 21 jaar en haar man 23 jaar.
Uit dit huwelijk:
1 Sicke van Cammingha, geboren v 1555,
overleden 1555, begraven Leeuwarden,Oldehove ,grafschrift.
2 Idscke van Cammingha, geboren jun 1556,
overleden 22 aug 1556, begraven Leeuwarden,Oldehove ,grafschrift.
3 Sicke van Cammingha, volgt onder B-V-e.
4 Frans van Cammingha, volgt onder B-V-f.
5 Wyts Pietersdr van Cammingha, overleden
28 nov 1613.
Wyts is getrouwd 1596 met Johan van
Herema, afkomstig uit Tjerkwerd, overleden Leeuwarden 15 jun 1628 *,
begraven Bolsward 25 jun 1628, zoon van Goslick
van Herema en Syts van Cammingha.
Hij was gedeputeerde bij de Staten
van Friesland.
Zie ook T326-1051 (huwelijks
contract Johan en Wyts uit 1596).
En verder T326-1055,1071.
6 Wytze van Cammingha, overleden 7 jan
1570, begraven Leeuwarden, Galileėrkerk ,grafschrift.
Op jonge leeftijd overleden.
B-V-e Sicke van Cammingha, overleden 10 jan
1624 *, begraven Bolsward, zoon van Pieter
van Cammingha (B-IV-e) en Franscke
van Minnema.
Na zijn vader heer van Ameland.
Hij testeerde met zijn vrouw op
5-8-1585.
Sicke is getrouwd 5 aug 1585 met zijn nicht Catharina
van Cammingha, geboren 9 jul 1562, overleden n 20 mei 1630, dochter van Taecke van Cammingha (B-IV-f) en Rints van Juwinga.
Zij testeerde als weduwe op
20-5-1630 (EEE I-46/50 en T323-25).
Uit dit huwelijk:
1 Pieter van Cammingha, geboren 27 jan
1587, overleden mrt 1638, begraven Ballum,Ameland ,grafschrift.
Heer van Ameland na zijn vader.
Bij huwelijk in 1628 afkomstig van
Ameland.
Hij overleed zonder kinderen.
Pieter is in ondertrouw gegaan Leeuwarden 19 jul 1628 ,gerecht en getrouwd
1628 ,3-8-1628 att.Leeuwarden met Sjouck
van Ockinga, afkomstig uit Leeuwarden in 1628, overleden 4 apr 1638,
begraven Ballum,Ameland ,grafschrift, dochter van Joost van Ockinga en Saepck
Fransdr van Cammingha.
Zij stierf zonder kinderen.
Sjouck is eerder getrouwd Franeker 15 apr 1609 ,gerecht met Hessel van Vervou, overleden okt 1619 *,
zoon van Frederick van Vervou en Jel van Oosthem.
2 Gerrolt van Cammingha, geboren 16 okt
1589, overleden v 1624.
Gerrolt was gehuwd met Catharina
Johansdr van Sickinghe, overleden 20 okt 1650, dochter van Johan Feyes van Sickinghe en Luts van Jongema.
Catharina was later gehuwd met Schelte
Oenes van Tamminga, afkomstig uit Bellingweer.
3 Franscke van Cammingha, geboren 5 mrt
1591.
Franscke was gehuwd (1) met Johan
Rempt Johans Rengers.
Franscke was gehuwd (2) met Jebbe
van Aldringa, afkomstig uit Groningerland.
4 Wytze van Cammingha, geboren 11 aug
1592, overleden 24 jan 1641, begraven Ballum,Ameland.
Heer van Ameland als opvolger van
zijn broer.
Hij testeerde met zijn vrouw op
14-11-1640 (EEE I-247 en T323-25) en had geen kinderen.
Wytze was gehuwd met Saepck
Hesselsdr van Vervou, ,ook Sophia, geboren ± 1613, overleden Franeker. 28
jan 1671, dochter van Hessel van Vervou
en Sjouck van Ockinga.
Zij hertrouwde Joachim Andreae.
5 Catharina van Cammingha, geboren 8 aug
1595.
Catharina is getrouwd Leeuwarden 24 mei 1624 ,op het Amelandhuis met Ernst van Zhum, afkomstig uit Pommeren.
6 Sicke van Cammingha, overleden 13 feb
1600 ?, begraven Ballum (?).
Er is een kinderzerkje Cammingha in
de kerk van Ballum met overlijdensdatum 13-2-1600.
B-V-f Frans van Cammingha, overleden 6 feb
1608 *, begraven Leeuwarden,Galilėerkerk 15 feb 1608, zoon van Pieter van Cammingha (B-IV-e) en Franscke van Minnema.
Hij werd na het overlijden van zijn
vader bezitter van het Amelandshuis in Leeuwarden.
Frans was gehuwd met
Bjuck van Herema, overleden 5
mrt 1630, dochter van Goslick van Herema
en Syts van Cammingha.
Uit dit huwelijk:
1 Johan van Cammingha, geboren ± 1600,
overleden 20 jan 1626 *,26 jaar, begraven Leeuwarden,Galilėerkerk 30 jan 1626.
Hij was niet getrouwd.
2 Watze
van Cammingha, ,ook Valerius,
geboren Leeuwarden 24 jan 1603, volgt onder B-VI-c.
3 Franscke
van Cammingha, overleden 16 sep
1602, begraven Leeuwarden,Galileėrkerk ,grafschrift.
4 Franscke van Cammingha,
geboren Leeuwarden 3 mei 1607, overleden
Wommels 7 feb 1654.
Belijdenis te Wommels in 1627, opnieuw ingekomen 28-7-1637 en volgens lidmatenlijst overleden 7-2-1654 om 8.00 uur.
5 Pieter van Cammingha, overleden 14 aug
1614 *, begraven Leeuwarden,Galileėrkerk 21 aug 1614.
6 Syts van
Cammingha, overleden 1 jul 1658,
begraven Wommels ,rouwbord.
Ingekomen als lidmaat te Wommels op 9-8-1629 en daar nog bij de lidmaten in 1657.
Syts is in ondertrouw gegaan Leeuwarden 23 nov 1627 en getrouwd aldaar 12
dec 1627 met Doecke van Jongema, ook
Duco, afkomstig uit Leeuwarden in 1618, geboren 1580, overleden 25 dec 1638 ,58
jaar, begraven Wommels ,epitaaf, zoon van Laes
van Jongema en Luts van Aylva.
Hij was grietman van Franekeradeel
1620-1629 en grietman van Hennaarderadeel 1629-1638.
Zijn naam en die van zijn eerste
vrouw in 1627 op een kerkklok van Tzum.
Hij stierf kinderloos.
Doecke is eerder getrouwd Wirdum 1618 ,26-7-1618 3e pr. Leeuwarden met Lisck van Eysinga, afkomstig uit Wirdum
in 1618, geboren 1598, overleden aug 1622 *, dochter van Juw van Eysinga, ook Julius en Rints
van Gratinga.
7 Catharina van Cammingha, overleden 26
apr 1665, begraven 10 mei 1665, Leeuwarden, Galilėerkerk.
Zij werd met de wezen begraven te Leeuwarden (GJB 1966-90).
Catharina is getrouwd 5 apr 1637 met Homme
van Harinxma, ,thoe Slooten, gedoopt Leeuwarden 2 aug 1607, overleden 1663,
zoon van Ernest van Harinxma, ,thoe
Slooten en Tietke van Botnia.
Hij stierf kinderloos en testeerde
in 1656 te Waaxens (EEE I-348).
8 Idscke van Cammingha, overleden 31 jan
1597, begraven Bolsward ,grafschrift.
B-VI-c Watze van Cammingha, ,ook Valerius,
geboren Leeuwarden 24 jan 1603, overleden Menaldum 19 nov 1668, begraven
Tjerkwerd, zoon van Frans van Cammingha
(B-V-f) en Bjuck van Herema.
Hij erfde van zijn vader het
Amelandshuis te Leeuwarden en werd ook heer van Ameland na de dood van zijn
neven Pieter en Wytze.
Bij ondertrouw in 1648 uit Ameland.
Hij woonde in 1654 en 1656 met zijn
vrouw op Waltastate bij Tjerkwerd.
Hij testeerde op 1-9-1668 te
Menaldum.Voor zijn begrafenis zie T342-05 nr.37.
Zie ook Grafschriften IV
(MEN)-blz.101.
Watze is in ondertrouw gegaan Beetgum 12 mei 1648
met Rixt Keimpesdr van Donia, geboren 1620, overleden Tjerkwerd 26 jan
1681, begraven aldaar, dochter van Keimpe
Syds van Donia en Ebel Bonnesdr van
Haytsma.
Bij ondertrouw in 1648 uit Menaldum.
Op een steen Voorstreek 62
Leeuwarden de namen van de 16 betovergrootouders van haar en van Watze, zie
Walle [3903].
Voor hem :Camminga,Eminga, Heerma,
Tziaerda, Minnema, Feytsma, Juuiga, Harinxma, Heerma, Walta, Juuiga,
Harinxma,Camminga, Minnema, Aylva en Winnolsma.
Voor haar: Donia, Eminga, Stinstra,
Ytsma, Holdinga, Eyssinga, Roorda, Camminga, Haytsma, Walta, Heringa, Eelsma,
Botnia, Ockinga, Walta en Walta.
Zijn betovergrootouders zijn: Pieter
van Cammingha x Fouwel van Eminga, Gerrolt van Herema x Luts van Sjaerda, Frans
van Minnema x Luts van Feytsma, Goslick van Juwinga x Ydt van Harinxma, Tjerck
van Walta x Tieth van Herema, Goslick van Juwinga x Ydt van Harinxma, Wytze van
Cammingha x Rints van Minnema en Sytse van Aylva x Luts van Minnoltsma.
Haar betovergrootouders zijn: Keimpe
van Donia x Tjemck van Aebinga, Sybren van Stenstera x Saepck van Ydtsma, Botte
van Holdinga x Hack van Eysinga, Jurjen van Roorda x Doedt van Cammingha, Bonne
van Haytsma x Ebel van Walta, Hobbe van Heringa x Doedt van Eelsma,Douwe van
Botnia x Rixt van Ockinga en Doecke van Walta x Jancke Juwinga van Walta.
Na overlijden van haar man staat
Rixt bekend als "Rixt, vrouwe van Ameland".
Zij testeerde in 1680 en was
steenrijk.Haar kinderen waren toen allemaal al overleden.
Uit dit huwelijk:
1 Bjuck van Cammingha, geboren Menaldum
29 jun 1650, overleden jul 1650, begraven Menaldum.
2 Frans Doecke van Cammingha, geboren
Tjerkwerd 6 sep 1654, gedoopt aldaar 10 sep 1654, overleden 10 nov 1680,
begraven Tjerkwerd.
In 1668 na zijn vader heer van
Ameland en in 1680 grietman van Menaldumadeel.
Frans is getrouwd Menaldum 14 dec 1679 met Lucia van Aylva, gedoopt Ternaard 5 aug 1660, overleden 25 mei
1722, begraven Borculo, dochter van Ernst
Sicke van Aylva en Anna van Cammingha.
Lucia is later getrouwd Leeuwarden 10 feb 1683 ,in de Waalse kerk, met Frederick Willem van Limburg Stirum,
geboren jul 1649, overleden Borculo jul 1722, zoon van Otto van Limburg Stirum en Elisabeth
Charlotte Dohna.
3 Ybel Doedt van Cammingha, ,ook Ebella
Dodonea, geboren 1656, overleden 1676.
4 Dieuwke van Cammingha, ,op jonge
leeftijd overleden.
5 Frans Johannes van Cammingha, ,op jonge
leeftijd overleden.
B-IV-f Taecke van Cammingha, geboren 13 okt
1536, overleden 24 mrt 1618 *, begraven Bolsward, zoon van Sicke van Cammingha (B-III-b) en Catharina Gerroltsdr van Herema.
Toen zijn broer Pieter testeerde in 1570 verbleef hij in het buitenland.
Taecke was gehuwd met
Rints van Juwinga, overleden
16 dec 1612 *, begraven Bolsward, dochter van Tjaert van Juwinga, ,ook Jongema en Catryn van Cammingha.
Met haar stierf het geslacht Juwinga
uit.
Uit dit huwelijk:
1 Catharina van Cammingha, geboren 9 jul
1562, overleden n 20 mei 1630.
Catharina is getrouwd 5 aug 1585 met haar neef Sicke van Cammingha, volgt onder B-V-e.
2 Sicke van Cammingha, geboren 28 okt
1563, volgt onder B-V-g.
3 Tjaert van Cammingha, geboren 20 jan
1566, overleden 29 jan 1614 *, begraven Bolsward.
Hij was zwakbegaafd.
4 Gerrolt van Cammingha, geboren 30 apr
1569, overleden Bolsward 17 aug 1617 *.
Hij stierf kinderloos.
Gerrolt was gehuwd met Catharina van
Ockinga, overleden 1648, begraven Burgwerd, dochter van Joost van Ockinga en Saepck Fransdr van Cammingha.
Zij testeerde als weduwe te Burgwerd
op 10-5-1642 (EEE1-47/49,geregistreerd 12-10-1654).
Op 16-6-1648 ontving het weeshuis te
Leeuwarden een legaat van 200 car.gld. uit haar nalatenschap (GJB 1966-85).
Catharina is later in ondertrouw gegaan Leeuwarden 29 sep 1621 ,gerecht en
getrouwd Bolsward 21 okt 1621 met Frans
van Jongema, overleden 1640 ,voor 7 juli, zoon van Laes van Jongema en Luts van
Aylva.
B-V-g Sicke van Cammingha, geboren 28 okt
1563, overleden 4 apr 1637, zoon van Taecke
van Cammingha (B-IV-f) en Rints van
Juwinga.
Sicke is getrouwd dec 1604 met Fedt van Ockinga,
geboren 8 jun 1581, overleden 2 mrt 1606 *, begraven Arum 9 mrt 1606, dochter
van Joost van Ockinga en Saepck Fransdr van Cammingha.
Volgens het stamboek F.A. zou ze
zijn overleden op 28-2-1606.
Uit dit huwelijk:
1 Taecke van Cammingha, geboren
1605/1606, volgt onder B-VI-d.
B-VI-d Taecke van Cammingha, geboren
1605/1606, overleden 11 aug 1668, zoon van Sicke
van Cammingha (B-V-g) en Fedt van
Ockinga.
Hij woonde op Camminghastate te
Arum.
Grietman van Wonseradeel,aangesteld
22-11-1652,aftredend in 1664.
Hij testeerde op 25-9-1666
(EEE3-389v/392,geregistreerd 30-9-1668).
Taecke is getrouwd Arum 30 dec 1632 (1) met Anna
Johansdr van Sickinghe, afkomstig uit Groningerland, overleden 15 nov 1635,
dochter van Johan Feyes van Sickinghe
en Luts van Jongema.
Taecke is getrouwd 4 nov 1638 (2) met Luts
Sirtema van Grovestins, gedoopt Engelum 30 jan 1614, dochter van Idzart van Grovestins en Franscke van Jongema.
Uit dit huwelijk:
1 Anna van Cammingha, geboren Arum 5 feb
1640, overleden Ternaard 25 sep 1675.
Anna is getrouwd Ternaard 11 jul 1658 met Ernst Sicke van Aylva, gedoopt Ternaard sep 1635, overleden
1678/1680, zoon van Douwe Meckema van
Aylva en Luts van Meckema.
Grietman van Westdongeradeel vanaf
1654 als opvolger van zijn vader.
Hij deed in 1678 afstand t.b.v.zijn
zoon Ernst.
2 Sicke van Cammingha, geboren jun 1643,
overleden 27 mrt 1669.
3 Fedt Sophia van Cammingha, afkomstig
uit Arum in 1661, geboren okt 1644, overleden 1666/1667 ,in de kraam,, begraven
Arum.
Fedt is in ondertrouw gegaan Franeker 22 nov 1661 ,gerecht, met Johan van Goslinga, geboren Menaldum,
overleden 27 okt 1688, zoon van Johan van
Goslinga en Jouck van Ockinga.
Hij werd in 1662 grietman van
Franekeradeel en woonde als zodanig in 1687 te Dongjum.
FRL 51-208v d.d.24-1-1687:scheiding van
goederen voor Sicco en Sophia van Goslinga met wijlen moeder Cammingha.
Johan testeerde op 8-9-1687 te
Franeker (EEE5-289v/292,geregistreerd 26-2-1690).
Hij wil begraven worden te Dongjum
en het gebeente van zijn vrouw moet uit Arum overgebracht worden naar Dongjum.
4 Catharina van Cammingha, geboren sep
1646, overleden mrt 1668.
Catharina was gehuwd met Upcke van
Burmania, geboren ± 1629, overleden 18 jun 1673, zoon van Sybrant van Burmania, ,de jongere en Wick van Ockinga.