Genealogie van het adellijk geslacht van Dotinga

 

Voor bronnen en afkortingen zie pagina 6 van de site

Eveneens voor het nodige voorbehoud bij sommige personen en filiaties

 

 

 

I Doecke van Dotinga, overleden na 1444.

 

Zie voor hem en het nageslacht GJB 2001-131 en GJB 2005-174.

Doecke wordt met zijn broer Abbe van Dronrijp genoemd onder de Schieringer hovelingen, die een aanval doen op Grovestins te Engelum (Schotanus).

 

Zijn zoons bij een onbekende vrouw:

 

1 Ofcke van Dotinga, volgt onder II.

 

2 Hette van Dotinga, overleden na 1467.

 

Zie voor hem GJB 2001-131.

II Ofcke van Dotinga, overleden na 1480, zoon van Doecke van Dotinga (I).

 

Hij woonde op Dotinga te Marssum en staat bekend als Schieringer hoofdeling in 1480.

OFO I-191 d.d.13-10-1467: Ofka Dottingha genoemd met landbezit op Deynma Nya land (Deinumer Nieuwland) bij verkoop door Klaas Hanthyama van land aldaar aan Walthia Abbazn te Wirdum.

OFO I-203 d.d. 8-5-1470: Ofka Dottingha verkoopt 4 pm land op Mersma Nya land (Marssumer Nieuwland) aan Arnd van Swol en Hilla zijn vrouw.

OFO I-209 d.d. 10-10-1470: Oefka Dottyngha , grietman Mersma Nya Land, geeft met anderen (o.a. Wyba tho Growa stins), goedkeuring aan de verkoop van land door Oentia inda Hemren aan Aernd (van Swol) en Hilla zijn vrouw.

 

Het staat niet vast uit welk huwelijk de kinderen zijn, maar dochter Doedt is vrij zeker uit het eerste huwelijk (zij heeft zelf ook een dochter Doedt) en Fedde is uit het tweede huwelijk.

In GJB 2001-132 wordt in het midden gelaten wie de moeder is van de kinderen, maar in GJB 1995-208, GJB 2002-93 en GJB 2005-174 wordt Luts beschouwd als moeder van alle 8 kinderen, ook van Doedt.

Doedt zou dan genoemd zijn naar de eerste overleden vrouw van Ofcke (zoals gebruikelijk), maar omdat Doedt zelf ook een dochter Doedt heeft komt de eerste vrouw van Ofcke eerder in aanmerking als moeder.

Bovendien is er een rechtszaak bij nedergerecht Baarderadeel (BAA C1 d.d.9-12-1560), waarbij aan de orde komt of Doedt en haar zuster Rieme wel volle zusters zijn.

Misschien is de eerste vrouw in de kraam overleden en heeft Ofcke toen het kind naar zijn overleden vrouw genoemd.

 

Ofcke was gehuwd (1) met Doedt van Oedtsma, waarschijnlijk dochter van Lieuwe van Oedtsma.

 

Uit dit huwelijk:

 

1 Doedt Ofckesdr van Dotinga, overleden na 1511.

 

Bij RvA 1511 vermeld als Doedt in de Poelen.

 

Doedt was gehuwd met Sjoerd van Aesgema, overleden Franeker 16 jul 1500.

 

Genoemd Sjoerd in de Poelen (bij Dronrijp).

Hij tekende in 1496 voor Dronrijp het verdrag met Groningen.

Zie voor Sjoerd en zijn vrouw en hun kinderen GJB 1999-205, GJB 2001-134, GJB 2002-92 en GJB 2005-172.

Hij sneuvelde bij de opstand tegen de hertog van Saksen in de slag bij Franeker.

 

 

Ofcke was gehuwd (2) met Luts Feddesdr van Mernstra, dochter van Fedde van Mernstra en Catharina Ndr.

 

Zie GJB 2005-174.

 

Uit dit huwelijk nr.6 en misschien 2-5 en 7-8.

 

2 Doecke van Dotinga, volgt onder III.

 

3 Ymck Offckesdr van Dotinga, overleden 1481/1483

 

Ymck was gehuwd met Sipcke Hotzes van Minnema, overleden 1483, zoon van Hotze Minnes van Minnema en Frouck van Wiarda.

 

Hoofdeling te Leeuwarden.In 1463 had hij als olderman van Leeuwarden ruzie met Dokkum (GsvD,58,90).

OFO I-175 d.d.12-5-1465:genoemd als "grietman in de Hirna riucht op Liouwerdera Nijaland".

Genoemd in OFO I-68,126,288 d.d.8-6-1436,11-8-1451,9-5-1478.

OFO II-84 d.d.13-9-1477:betrokken bij een overeenkomst over de Ee.

OFO II-95 d.d.21-10-1481:genoemd met zijn vrouw Ymck en zoon Frans,waarbij steun wordt toegezegd aan de stad Leeuwarden.

Verder genoemd in GPCV d.d.28-10-1463.

Ook nog vermeld in OFO IV-82 d.d.8-2-1491.

 

 

4 His Ofckesdr van Dotinga.

 

His was gehuwd met Atte Haytsma, overleden voor 1505

 

Atte Haytsma kinderen staan op de lijst van edelen uit Barradeel d.d. 5-1-1505.

Hun zoon Ofcke Attes Haytsma was de vader van Ath Fernia. (zie GJB 2001-99).

 

5 Feycke van Dotinga., overleden 1511/1515

 

RvA 1511: als Feijcke Doetingen met bezit te Leeuwarden en Marssum, olderman van Leeuwarden (zie Beaken 54-177).

Zijn weduwe Eckien testeerde op 7-7-1515 (GJB 2001-132).

 

6 Fedde van Dotinga, overleden Marssum 7-10-1529 (?), aldaar begraven.

 

Hij erfde Dotinga te Marssum van zijn vader.

In 1496 gaat hij accoord met het verbond met Groningen.

Op 9-7-1504 tekent Fedde Dotinga de reversaalbrief (nr.166).

Fedde Doytinga staat op 5-1-1505 bij de edelen van Menaldumadeel.

Bij RvA 1511 bezittervan Yngela of Englegoed te Wynaldum (uit bezit van zijn vrouw ?) en heerschap te Marssum.

In 1515 bij de heerschappen, die Karel V huldigen, als Feddo Doetinga (lijst Thabor) en als Feddo Dotingha (lijst Winsemius).

Hij was de laatste mannelijke telg uit dit geslacht Dotinga en is overleden voor 7-7-1521 (?).

 

Fedde was gehuwd met Catharina Doeckes (Baerdt/Aesgema), overleden na 19-3-1531, dochter van Doecke Douwes.

 

Voor haar familie zie bij Baerdt/Aesgema en N.L. 1930-37.

OFO II-307 d.d. 7-7-1521:Sybren Dueckezn Baerd, personne tho Mersum, en zijn zuster Tryn, bewilligen in het afstaan van land door hun sillige faeders Doecke Douwezoen a Baerd ten gunste van hun lieve broer Douwe, nu woonachtig in Sloten. In dorso: Katryn Asgama, wedu van Fedde Doottijnige.

OFO II-355 d.d. 19-3-1531: Douwe Doeckezoen, nu woonachtig thoe Merssum, en met toestemming van Katrn Doeckes sillighe Feddo Doetinga wedue myn suster, verkoopt renten uit Englama gued bij Wynaldum aan Dirck Jacopsoen ende Syts Sannedr, burgers in Leeuwarden.

Volgens N.L. 1930-37 is zij overleden voor 21-10-1553.

 

 

7 Rieme Ofckesdr van Dotinga, overleden na 1511.

 

Bij R.v.A. 1511 en 1514 heeft Reme,weduwe Rienck Agges Herema op Dronrijp veel bezit,ook te Zweins.

Naast zoon Agge heeft ze ook dochters (GJB 2001-133); in ieder geval en dochter in een klooster in 1514.

 

Rieme was gehuwd met Rienck Agges van Herema, overleden 1504/1511, zoon van Agge van Herema en Auck van Martena.

 

Hij woonde te Zweins.

Pax-162 d.d.6-7-1496:hij en zijn broer Bocke gaan akkoord met verbond tussen Westergo en Groningen.

In 1502 mederechter in Franekeradeel.

Op de lijst van Friese edelen d.d.5-1-1505 (T342-05,62).

Bij RvA 1511 is er te Zweins bezit voor zijn weduwe en bij RvA 1514 voor zijn erven,maar ook voor een klooster t.b.v.en van zijn dochters.

 

 

8 N. van Dotinga.

 

Zij was getrouwd met Allert Doedes te Leeuwarden en wordt genoemd als zuster van Fedde Dotinga (zie GJB 2001-132).

 

 

 

III Doecke van Dotinga, overleden na 1504, zoon van Ofcke van Dotinga (II) en misschien Luts Feddesdr van Mernstra.

 

Doecke is getrouwd voor 1496 met Syw van Heslinga, overleden voor 1539.

 

Doucke Hesselinga tekent op 9-7-1504 de reversaalbrief (nr.91).

Doucko Hesslinga wordt op 5-1-1505 vermeld bij de edelen van Barradeel.

Sew was erfdochter van Heslinga sate en van landbezit te Pietersbierum.

Zij wordt genoemd in HvF 16481-360 d.d.20-12-1539.

 

Syw is eerder getrouwd 1480 met Goslick van Hiddema, afkomstig uit Pingjum, overleden voor 1490, zoon van Ulbe van Hiddema.

 

Uit het huwelijk van Doecke en Syw:

 

1 Auck Doeckesdr van Heslinga, overleden na 1552.

 

Zij wordt als weduwe vermeld in 1552 en is vermoedelijk kinderloos overleden.

 

Auck was gehuwd met Buwe Dircks, overleden na 1547.

 

Hij wordt met zijn vrouw vermeld in 1546 en 1547.