Genealogie van de adellijke geslachten van Juwsma (ook Jousma genoemd)

 

                                  uit Rinsumageest (onder A) en uit Wirdum (onder B)

 

                                       Voor bronnen en afkortingen zie pagina 6 van de site.

                                    Eveneens voor het voorbehoud bij sommige personen en filiaties.

                         

 

 

 

 

     A-I Hessel van Juwsma, overleden na 1421.

 

Op 8-4-1399 beleend met de ambachtsheerlijkheid Driesum.

Genoemd te Rinsumageest in OFO I-34 d.d.5-6-1421.

 

Hessel was gehuwd met  Ebel Ndr.

 

Zie N.L.1989-27/28.

 

Uit dit huwelijk:

 

           1   Juw van Juwsma, ook Bottema, volgt onder A-II-a.

 

           2   Rienck van Juwsma, volgt onder A-II-b.

 

 

A-II-a Juw van Juwsma, ook Bottema, overleden na 1450, zoon van Hessel van Juwsma (A-I) en Ebel Ndr.

 

Hij verkreeg Melckemastate bij Rinsumageest van Tjepcke Scheltema (OFO I-76 d.d.12-3-1439).

Hier wordt hem  evenals zijn broer Rienck de naam Bockema gegeven.

 

Koopbrief, gepasseert bij Thiepka Scheltama aan Juwe Bockama, van Melkama goed op de Geest, Ao. 1439 op St. Gregorius dag Papa. Aan dezen, geschreven op pergament hebben gehangen negen Zegels, van Thiepka Scheltama, Heer Symon, Deken, Heer Ynta, persona te Oldehove, Heer Minna, persona te Nijehove (alle drie van Leeuwarden: c.b.), Heer Bua, persona op de Geest, Heer Rembert, persona te Wirdum, Sydze Thiaarda, Feya Eessynga, Rennyck Juwisma (alle drie hoofdelingen op de Geest:c.b.

 

Genoemd 1419/1451;in OFO I-56 d.d.25-7-1431 als grietman van Dantumadeel en te Rinsumageest in OFO I-76 d.d.12-3-1439,OFO I-78 d.d.9-10-1439 en OFO I-125 d.d.2-5-1451.

 

Uit de CD bij het boek “ De stinzen in middeleeuws Friesland en hun bewoners “ door P.Noomen

 

Als familienaam kwam Bottama in 1431 voor; als Buttema huus en Bottema werd het goed respectievelijk

in 1477 en 1543 genoemd. In 1622 en later heette het Botnia. Bij Botnia wordt in 1640 een

stinswier genoemd, zodat op Botnia hoogstwaarchijnlijk al vroeg een stins stond. Tegelijk wijzen

de ligging en de eigendomsverhoudingen op een nauwe band met het aangrenzende Onnemahuis.

In 1431 was Jw Bottama grietman van Dongeradeel.832 Hij was een zoon van Hessel

Juwsma op Juwsmahuis in Rinsumageest. Vanwege de eigendom - en in tijden dat er tegelijkertijd

meerdere zoons Juwsma waren waarschijnlijk ook vanwege de bewoning - van Buttemahuis of

Botnia in Dantumawoude werden de Juwsma's ook Bottema genoemd.833

In 1472 en 1477 was Juws zoon Gatze Juwsma eigenaar van een deel van het aan Buttema

grenzende goed Onnema834 en van Buttema huus in Dondmawolt (Botnia), dat waarschijnlijk oorspronkelijk

met Onnema één geheel had gevormd. In 1477 kreeg de stad Groningen het recht

eventueel Melkemahuis in Rinsumageest en Buttema van Gatze te kopen, als dat - militair -

gunstig zou zijn voor de stad.835 Een teken dat Buttema een potentieel strategisch belang had.

Melkema had Gatzes vader Juw Bottema in 1439 gekocht

 

 

 

Juw was gehuwd met  N.N..

 

Uit dit huwelijk:

 

           1   Ebel van Juwsma, afkomstig uit Rinsumageest bij huwelijk, overleden voor 1495 (?)

 

Zij had als broer Gatze Juwsma.

Ebel wordt met haar man Epe genoemd in het testament van Gerlant van Ockinga uit 1456.

Zie ook N.L.1989-27,28,34.

 

Ebel was gehuwd met Epe Epes van Aylva, overleden na 1494, zoon van Epe Tjaerts van Aylva en Teda Wybrantsdr van Hermana.

 

In 1485 te Witmarsum;in 1489 grietman van Wonseradeel;in 1494 raad van potestaat Juw Juwinga.

Zijn kinderen bij Ebel verwekt worden genoemd in een acte uit 1495 en 1497 (GJB 1995-146).

 

           2   Gatze van Juwsma, afkomstig uit Rinsumageest, volgt onder A-III.

 

 

  A-III Gatze van Juwsma, afkomstig uit Rinsumageest, overleden na 1495, zoon van Juw van Juwsma, ook Bottema (A-II-a) en N.N..

 

Hij woonde eerst op Melckemastate te Rinsumageest en later daar op Juwsmastate.

In 1478 genoemd als grietman van Dantumadeel.

OFO I-190 en T327-1359 d.d.23-4-1467:Gatze van Juwsma op Rinsumageest ruilt land onder Wetzens/Niawier met Hessel van Aesgema.

Pax-20 d.d.4-8-1468:zoen van Groningen met o.a.Gatze op Rinsumageest.

OFO I-199 d.d.30-1-1469: Gatze en zijn vrouw Eelck zijn betrokken bij de huwelijksvoorwaarden voor het huwelijk van Hack van Eysinga.

OFO I-221 d.d.7-2-1472:zoenlieden maken een overeenkomst tussen Gatze en Juw van Harinxma.Gatze en Eelck verkrijgen Juwsmastate te Rinsumageest en betalen een vergoeding aan Juw en zijn vrouw Wyts van Juwsma.

Pax-29 d.d.2-1-1477:Groningen koopt van Gatze Juwsma de Juwsmastate te Rinsumageest met toebehoren.De koop ging vermoedelijk niet door,want in 1483 koopt Wilcke van Rinia van Stiens de state van Gatze (N.O.III-139).De Juwsmastate werd daarna door Leeuwarders grotendeels verwoest.

OFO II-220 d.d.4-7-1482:getuigen bevestigen de oveenkomst van Gatze en zijn vrouw Eelck inzake overdracht van renten aan Wyts Jongema (Juwsma),weduwe Tjaart Jongema.

Pax-63 d.d.4-5-1492:hij sluit zich met anderen uit Dantumadeel aan bij het verbond met Groningen van 17-9-1491.

Hij wordt nog genoemd in 1496.

 

Gatze was gehuwd met  Eelck Feyesdr van Eysinga, overleden na 4-7-1482, dochter van Feye van Eysinga en Etheke Bornhuistra.

 

Met haar man genoemd te Rinsumageest in 1477 en op 4-7-1482 (OFO-I-322).

 

Eelck was later gehuwd met Werp Lieuwes van Juckema, zoon van Lieuwe van Juckema.

 

Uit het huwelijk van Gatze en Eelck:

 

           1   Ayl van Juwsma, afkomstig uit Rinsumageest, overleden na 1498.

 

Zij wordt in 1498 genoemd met haar tweede man.

 

Ayl was gehuwd (1) met Fecke van Botnia, overleden 1491/1498, zoon van Tjalling van Botnia en N. van Sibeda.

 

OFO II-105 d.d.23-5-1482:Fecke en Syds Bottinga genoemd bij een overeenkomst met Leeuwarden.

Genoemd in 1487 in een register onder 109 (OFO IV-70).

Pax.Gr.nr.59 d.d.15-10-1491:hij tekent als hoofdeling te Marrum het verbond met Groningen d.d.17-9-1491.

Zie verder GJB 1998-138.

 

Ayl was gehuwd (2) met Lolcke van Heslinga, overleden na 1515.

 

Lolcke Heslinga ondertekent op 9-7-1504 de reversaalbrief (nr.74).

Als Lolcke Heslinga vermeld op 5-1-1505  op de lijst van edelen uit Dantumadeel.

RvA 1511: op Melkemastate te Rinsumageest en o.a. met bezit te Hallum en Marrum.

In 1515 bij de heerschappen, die Karel V huldigen, als Lolcke Heslinga (lijst Thabor) en als Lolcke Heslingha (lijst Winsemius).Lisck, dochter van Ayl en Lolcke erft Melkemastate.

 

 

           2   Frau van Juwsma, afkomstig uit Rinsumageest, overleden na 1495.

 

Genoemd in 1495.

 

Frau was gehuwd met Werp van Ydsma, overleden na 1513, zoon van Rienck Werps van Ydsma en Wyts van Tjaerda.

 

Genoemd in 1487 en te Dantumawoude bij R.v.A. van 1511 en 1514.

Hij noemde zich ook wel Donia na zijn huwelijk met Saepck.

Volgens het stamboek F.A. zouden alle 4 kinderen van de eerste vrouw zijn.

 

Werp was weduwnaar van Saepck Ndr.

Saepck was weduwe van Douwe van Donia, waarschijnlijk zoon van Bocke van Donia.

 

 

A-II-b Rienck van Juwsma, overleden Rinsumageeest 1450/1451, zoon van Hessel van Juwsma (A-I) en Ebel Ndr.

 

Ook onder de naam Rienck Bockema.

 

Uit het boek “De stinzen van middeleeuws Friesland en hun bewoners” door P.Noomen.

 

832 OFO, I, nr. 56 (1431). In 1422 bezegelde Ywe op der Ghaest samen met (zijn vader) Hessel en (zijn broer)

Reneke het verbond met Focke Ukena. In 1439 kocht hij Melkemahuis te Rinsumageest. OFO, I, nr. 76. In 1444

tekenden de gebroeders Juw en Rienck Bockema het verdrag met Groningen. Schotanus, 309; vergelijk NL (1989)

29, noot 63. In 1451 was hij mede-beheerder van Juwsmahuis te Rinsumageest. OFO, I, nr. 125.

833 Zie voor de relatie tussen Juwsma en Melkema (Rinsumageest) en Bottema (Dantumawoude): Beelaerts van

Blokland, NL (1989) 26-29.

834 OFO, I, nr. 221 (1472). In 1482 en 1495 werden nadere afspraken gemaakt over deze overeenkomst. OFO, I,

nr. 322. Zie voor de familieverhoudingen: M.A. Beelaerts van Blokland, "Van Aylva", NL (1989) 27-28.

 

 

Genoemd te Rinsumageest in OFO I-70 d.d.24-4-1437 en in OFO I-76 d.d.12-3-1439. In OFO I-71 d.d.23-6-1437 als grietman van van Dantumadeel.

OFO I-111 d.d.12-3-1450:genoemd met zijn zwager Popcke van Donia bij verkoop aan klooster Claerkamp.

Hij woonde op Juwsmastate bij Rinsumageest.

 

 

Rienck was gehuwd met  Sjouck Popckesdr van Donia, dochter van Popcke van Donia en N.N..

 

Sjouck was later gehuwd met Wopcke Bouckes, overleden 1466.

 

Uit het huwelijk van Rienck en Sjouck:

 

           1   Ebel Riencksdr van Juwsma, afkomstig uit Rinsumageest, overleden 1498.

 

Genoemd met haar oom Juw inzake Juwsmahuis te Rinsumageest (OFO I-125 d.d.2-5-1451).

OFO I-421 d.d.29-4-1496:Ebel weduwe Hette Hemmema met haar zoons Doecke,Rienck en Alef verkopen veengrond aan Gatze van Juwsma (verkoop aan Gaytya Ywsma myn meech).

Zie hiervoor ook T320-8.

 

Ebel was gehuwd met Hette van Hemmema, overleden 1489, zoon van Doecke van Hemmema en Hil van Onsta.

 

Hij woonde te Berlikum.

Genoemd in Pax-13 d.d.1455.

Genoemd in OFO I-181,252 d.d.14-3-1466,9-8-1474 en in OFO IV-31 d.d.23-6-1467.

OFO IV-75 d.d.28-6-1487:genoemd bij het verbond tussen Westergo en delen van Oostergo.

OFO IV-84 d.d.4-5-1491: verkocht land door Hetta Hemmama ende Ebel syn hwsfrou.

 

Hette was eerder weduwnaar van Syts van Roorda,  dochter van Ruurd van Roorda en Ath Jaersum.

 

 

 

 

     B-I Juw van Juwsma.

 

Misschien was zijn vader Oene van Juwsma, genoemd in 1406 met bezit aan de Weaze te Leeuwarden (Ona Jowsma land op de Wasa, W.Eekhoff I-62).

Juw woonde te Wirdum, maar in de 15e eeuw is sprake van een Juwsmahuis aan de Weaze bij Leeuwarden tegenover de stadsgracht (W.Eekhoff I-64).

 

Er is ook een Juwsmahuis onder Camminghaburen met erfdochter Siouck Juwsma, die trouwde met Siuck Dokema (zie “Stinzen”, Noomen en W. Eekhoff I-64).

Siuck was in eerste huwelijk getrouwd met Ansck Jelmera en erfde van haar (zie OFO II-218 d.d.6-5-1454).

Siouck en Siuck hadden als dochter Doedt Dokema en als zoon Juw Syouckaz, als zodanig in 1483 genoemd als scheidsman (“Stinzen”, Noomen).

Deze Juw trouwde met Doed Goerda van Menaldum en hun dochter Katharina Juwsma  trouwde omstreeks 1480 met Feycke Tjaerts Andringa.

 

 

Familie van Juw (B-I) is vermoedelijk Douwe/Doede van Juwsma te Warga (zie OFO II-217 d.d.1-3-1452 en OFO IV-26 d.d.28-10-1463).

Een heer Doede van Juwsma overleed in 1481 (grafsteen Fries museum), Walle [4727].

Er is geen link bekend met de Juwsma's van Rinsumageest.

 

Juw was gehuwd in 1412  (?) met  Auck Siercksdr van Donia, dochter van Sierck van Harinxma-Donia en Auck Benedictusdr van Donia.

 

De data van haar huwelijken (1412 en 1416) zoals vermeld in het stamboek F.A. zullen niet juist zijn ?

Zie verder ook GJB 1977-29/30.

 

Auck was later gehuwd in 1416 (?) met Sybrant Pieters van Auckama, overleden 1443/1445 ,na 28-4-1443, zoon van Pieter van Auckama en Sibbel Ndr.

 

Uit het huwelijk van Juw en Auck:

 

           1   Jelle van Juwsma, geboren ± 1414, overleden Leeuwarden 1497 ,ongeveer 83 jaar.

 

Misschien al op 8-12-1426 als student genoemd te Rostock.

Genoemd te Leeuwarden in OFO I-193 d.d.1-2-1468 en als pastoor in Oldehove in OFO I-210,246,334 d.d.24-1-1470,7-5-1474,12/13-5-1484.

OFO I-356 d.d.3-12-1487:er is een geschil over zijn nalatenschap tussen de kerk van Oldehove en zijn halfbroer Johan Sybrants Auckama en de zijnen.

Hij was de stichter van het Sint Jobs-leen en stelde zijn halfbroers Pieter en Jan en zijn halfzuster Sibbel tot opzieners aan.

T342-05,32: Jelle, zoon van Juw Juwsma en Auck Donia,overleden 1497,oud ongeveer 83 jaar,begraven te Leeuwarden bij zijn halfbroer Pieter Sybrents,die werd gedood in 1487 door de Schieringers.

 

 

           2   Oene van Juwsma, afkomstig uit Wirdum, volgt onder B-II.

 

           3   Ydt van Juwsma, afkomstig uit Wirdum.

 

Ydt was gehuwd met Sicke van Inhiemra (Inthiema ?) , afkomstig uit Rauwerd.

 

            

 

 

   B-II Oene van Juwsma, afkomstig uit Wirdum, overleden na 1492, zoon van Juw van Juwsma (B-I) en Auck Siercksdr van Donia.

 

Zijn naam staat op de kerkklok van Wirdum uit 1472.

OFO II-83 d.d.4-9-1477:Oene Juwsma te Wirdum zegelt.

OFO II-108 d.d.1-8-1482 als grietman van Leeuwarderadeel.

OFO II-186 d.d.10-8-1492:genoemd bij het verbond tussen Oostergo en Westergo.

Pax-70 d.d.18-10-1492:als grietman van Idaarderadeel sluit hij zich aan bij het verbond met Groningen.

 

Oene was gehuwd met  Lisck Douwesdr van Harinxma, afkomstig uit Heeg, overleden 1501, dochter van Douwe van Harinxma en N.N..

 

Uit dit huwelijk:

 

           1   Tiets Oenesdr van Juwsma, gedoopt Wirdum, overleden Marssum n 1523.

 

Bij R.v.A.1511 genoemd als weduwe Tjets Heringa van Marssum met veel bezit,ook te Wirdum als Tjeets Sasckers weduwe,ook te Stiens als Tieets Heeringa.

Zij testeerde in 1523 en woonde toen op Heringa-state te Marssum (zie F.T.nr.104 en OFO II-314).Er worden van haar 6 kinderen genoemd,waarvan 4 overleden.

Van haar kleinkinderen worden genoemd Lisck Haringsdr en Sascker Eelckes en Hobbe Eelckes.

In de Gen.Ayttana heet zij Rixt.

 

Tiets was gehuwd met Sascker van Heringa, overleden 1510, zoon van Wigle van Camstra en Eelck van Jelmera.

 

Hij woonde op Heringa-state te Marssum en hij testeerde daar op 21-5-1510 (zie F.T.nr.80 en OFO II-244).Er zijn dan nog 3 zoons (Abbe,Eelcke,Haring) en 3 dochters (His,Doedt,Lisck).

OFO I-379 d.d.24-4-1490:genoemd met Hidde Kamminga.

Pax-151 d.d.22-6-1496:hij gaat akkoord met het verbond tussen Westergo en Groningen.

Op 5-1-1505 op de lijst van Friese edelen (T342-05,62).

Hij gebruikte de naam van zijn moeder (zie voor hem GJB 1963-35 en GJB 1968-43).

Volgens het stamboek F.A. had hij uit het 2e huwelijk als zoons Wigle (jong overleden),Haye (jong overleden) en Eelcke,die tweemaal getrouwd was.Verder als dochters Doedt en Lisck,beiden ongehuwd.

 

Sascker was weduwnaar van His van Dekema, dochter van Watze Abbes van Dekema en Wick Wytzesdr van Oenema.

 

           2   Douwe van Juwsma, afkomstig uit Wirdum, volgt onder B-III-a.

 

           3   Juw van Juwsma, afkomstig uit Wirdum, volgt onder B-III-b.

 

 

B-III-a             Douwe van Juwsma, afkomstig uit Wirdum, overleden 4 mrt 1532, begraven Warga ,grafschrift, zoon van Oene van Juwsma (B-II) en Lisck Douwesdr van Harinxma.

 

Douwe Jousma tekent op 9-7-1504 de reversaalbrief (nr.17).

Als Douwe Iousma op 5-1-1505 op de lijst van edelen uit Leeuwarderadeel.

Douwe woonde later te Warga.

In 1510 genoemd als grietman van Idaarderadeel.

Bij R.v.A.1511 heeft Douwe Juwsma van Warga veel bezit,o.a.ook te Wirdum.

Hij testeerde op 1-10-1529 te Warga (OFO II-343, OFO III-45 en F.T.124);hij heeft dan een zoon Oene,een zoon Watze in klooster Foswerd en dochters His en Kunier;hij wil begraven worden te Warga bij zijn eerste vrouw His.

Niet genoemd bij R.v.A te Wirdum in 1540.

In 1543 genoemd als grondbezitter te Warga (BB 120b) en samen met zijn broer Juw als voogden over Oencke,dochter van zijn zoon Oene (BB 122b), maar Douwe en Juw leven in 1543 niet meer.

 

Douwe was gehuwd (1) met  His Saskersdr van Camstra, overleden 19 sep 1506, begraven Warga ,grafschrift, dochter van Sascker van Heringa en His van Dekema.

 

In 1510 erven haar kinderen van haar vader.

 

Uit dit huwelijk:

 

               

           1   Oene van Juwsma, afkomstig uit Wirdum, volgt onder B-IV.

 

           2   Cnier Douwesdr van Juwsma, overleden 4 mrt 1565 *, begraven IJlst.

 

Cnier was gehuwd met Tonis van Galama, overleden IJlst 17 sep 1560 *, zoon van Sicke van Galama en Jelts van Heemstra.

 

Tonis was dijkgraaf van Wymbritseradeel.

 

           3   His Douwesdr van Juwsma, afkomstig uit Wirdum, geboren ± 1506, overleden 8 jan 1589 *, 80 jaar (?), begraven Marssum ,grafschrift.

 

Op de grafsteen is of de overlijdensdatum  of de vermelde leeftijd van 80 jaar fout (immers haar moeder overleed in 1506)

Zie voor haar ook “de Friesche Adelaar” 1887-3-19.

HvF 16689-383 d.d.19-6-1545: His procedeert als weduwe van Pieter.

Zij testeerde op 8-10-1563 en 3-3-1586 .

T323-1: scheiding van onroerende goederen tussen His van Jousma, weduwe Pieter van Harinxma, en haar kinderen Homme en Hylck.(1563).

T323-2:  testamenten  d.d. 3-3-1586 juffr. His van Jousma, nagelaten weduwe Pieter van Harinxma .

Verdeling van goederen tussen haar dochter Hylck en de kinderen van wijlen haar zoon Homme.

Het ene testament getekend 3-3-1586 en het andere 14-9-1588.

Zie ook Grafschriften IV-102.

 

His was gehuwd met Pieter van Harinxma, overleden Sloten 6 mei 1541 *, begraven aldaar, zoon van Homme van Hettinga en Wick van Abbema.

 

Hij werd geboren als Tiete van Hettinga, maar nam de naam Harinxma over van zijn oom Watze en noemde zich daarbij ook "thoe Slooten".

Zijn oom Hessel procedeerde tegen hem inzake de erfenis Harinxma (HvF 16481-501 d.d.30-7-1536).

In 1543 klaagt Fedde,pastoor van Teroele, dat een jaarlijkse rente voor de pastorie sinds lange tijd niet meer zijn betaald door Pieter en zijn weduwe His (GJB 1984-69).

Zie ook Grafschriften IV-102.

 

 

Douwe was gehuwd (2) met  Hylck Sytzesdr van Harinxma, overleden 7 apr 1532, begraven Warga ,grafschrift, dochter van Sytze van Harinxma, ,thoe IJlst en Teth Hillesdr van Bonninga.

 

Hylck was weduwe van Watze van Harinxma, overleden 1511/1515.

 

Uit het huwelijk van Douwe en Hylck:

 

           4   Watze van Juwsma, overleden na 1529.

 

In 1529 bij het testeren van zijn vader in het klooster Foswerd.

 

 

 

   B-IV Oene van Juwsma, afkomstig uit Wirdum, overleden v 1540, zoon van Douwe van Juwsma (B-III-a) en His Saskersdr van Camstra.

 

In 1543 genoemd als grondbezitter te Warga (BB 120b),maar hij is dan al overleden,nog voor zijn vader Douwe.

 

Oene was gehuwd met  Tieth Janckesdr van Douma, afkomstig uit Oldeboorn, overleden n 1538, dochter van Jancko Douwema en Teth Remptsdr Luersma.

 

HvF 16481-296 d.d.30-9-1539:Tieetke,echte huisvrouw Hessel Roorda,als beklaagde.

 

Tieth was later gehuwd met Hessel van Roorda, overleden n 1540, zoon van Johan van Roorda en Anna Hesselsdr van Hanckema.

 

Uit het huwelijk van Oene en Tieth:

 

           1   Oencke van Juwsma, overleden v 1589.

 

In 1543 onder voogdij van haar grootvader Douwe (BB 122b).

 

Oencke was gehuwd met Hessel van Mockema, geboren v 1527, overleden n 1561, zoon van Ernst van Mockema en Anna van Foppinga.

 

 HvF 16690-84,107 d.d.1-10-1550,28-11-1550:Popcke Mockema contra Hessel Mockema.

HvF 16690-210 d.d.9-3-1552:Hette Hemmema en Hessel Mockema als volmachten der vijf delen contra dijkgraaf Adriaen Michiels.

HvF 16690-238 d.d.2-9-1552:Hessel bij de erfgenamen van Abbe Sjucksma.

HvF 16690-270 d.d.12-11-1552:Anthonis Morael contra Hessel Mockema.

HvF 16690-326 d.d.23-7-1553:Popcke Mockema contra Hessel Mockema en diens zusters.

HvF 16691-89 d.d.30-4-1555:Mr.Jan Jans,pastoor te Waaxens,contra de erfgenamen van Abbe Sjucksma,onder wie Hessel Mockema.

HvF 16691-105v d.d.12-12-1556:Hessel Mockema contra Frans en Seerp Wybrants.

HvF 16692-29 d.d.14-12-1559:Mr.Jan Jans (zie boven) contra Hessel Mockema.

HvF 16692-241 d.d.20-11-1561:Hessel Mockema voor zijn vrouw Oenka contra Frans Wybrants c.s.inzake Jornahuystera sate bij Warga.

 

 

 

B-III-b             Juw van Juwsma, afkomstig uit Wirdum, overleden 1541, begraven Wirdum, zoon van Oene van Juwsma (B-II) en Lisck Douwesdr van Harinxma.

 

Iuw Iuwsma tekende op 9-7-1504 de reversaalbrief (nr.154).

Op 5-1-1505 staat Iuw Iousma als enige op de lijst van edelen uit Idaarderadeel.

Bij R.v.A.1511 met bezit te Leeuwarden,Wirdum en Wartena en bij R.v.A 1540 als eigenaar en gebruiker te Wirdum.

HvF 16481-578 d.d.20-12-1536:Juw als erfgenaam van Amcke Jarla als gedaagde.

HvF 16481-203 d.d.15-2-1539:Yvo van Frittema meent namens zijn vrouw recht te hebben op de nalatenschap van wijlen Eelck van Ockinga,Juws vrouw.

Hij wordt ook nog genoemd in 1543 (BB),maar is dan al overleden.

 

Juw was gehuwd (1) met  Eelck Pietersdr van Ockinga, overleden 1534 ?, begraven Wirdum ,grafschrift Eelck ..., dochter van Pieter Lolles van Ockinga en N Louwsdr van Donia.

 

Juw was gehuwd (2) met  Mary Sydsdr van Tjaerda, geboren ± 1520, overleden 11 aug 1601 *, begraven Leeuwarden,Jacobijnerkerk ,grafschrift, dochter van Syds van Tjaerda en Anna Fliling.

 

Op een steen uit 1607 in de Grote Kerkstraat te Leeuwarden wordt vermeld dat zij als weduwe van Ritscke geld had geschonken voor de bouw van 10 kamers.

Zij testeerde te Leeuwarden op 3-4-1599 en was bij overlijden 80 jaar.

 

Mary was later gehuwd met Feye van Goslinga, overleden 17 mrt 1546 *, begraven Wirdum, zoon van Tjepcke van Goslinga en Frouck van Oenema.

Mary was later gehuwd met Ritscke van Eysinga, overleden Leer ( Oost-Friesland)  9 mei 1573, begraven Leeuwarden,Jacobijnerkerk ,in 1592,grafschrift, zoon van Aede van Eysinga en Tieth Ritsckesdr van Juckema.

 

Uit het huwelijk van Juw en Mary:

 

           1   Lisck Juwsdr van Juwsma, overleden 16 dec 1565, begraven Wirdum ,grafschrift.

 

Lisck was gehuwd met Frans van Eysinga, geboren ± 1530, overleden 16 mei 1603 *, begraven Wirdum ,grafschrift, zoon van Aede van Eysinga en Tieth Ritsckesdr van Juckema.

 

Raadsheer bij het Hof van Friesland 1578-1603.

Hij testeerde in 1583 en op 14-11-1592 (T323-3 en 25).

 

Frans was later gehuwd met Lisck Andriesdr van Waltinga, overleden 2 apr 1583, begraven Herbayum ,grafschrift, dochter van Andries van Waltinga en Tryn van Glins.

Frans is later getrouwd 7 jan 1586 ,of op 17-1-1586 met Riem Galesdr van Galama, geboren 1535, overleden 15 sep 1625 *, begraven Leeuwarden,Oldehove, dochter van Gale van Galama en Foeck van Hoxwier.