Genealogie van het adellijk geslacht van Mockema

 

                                                            

 

Nu het boek "Geschiedenis van Dokkum,hart van noordelijk Oostergo" door M.Schroor e.a. onlangs is verschenen,leek het mij wel aardig om genealogieën te publiceren van sommige daarin genoemde families.

 

Als eerste dan de familie Mockema,nauw verbonden met Dokkum.

Voor de vroegste personen en hun familierelaties zijn de gegevens ontleend aan het stamboek van de Friese adel,zoals bekend lang niet altijd betrouwbaar,dus met voorbehoud.

Wel heb ik geprobeerd om met brononderzoek het éen en ander te verifiëren en soms ook te corrigeren.

 

Voor aanvullingen en verbeteringen houd ik mij aanbevolen.

 

In de 15e eeuw was de familie betrokken bij de strijd tussen Schieringers en Vetkopers en zij hadden tot 1492 een stins ten zuiden van de kerk van Aalsum (zie Tegenw.Staat II-215 en Aardrijkskundig woordenboek,v.d.Aa) en bezaten ook een sterke stins bij Ee,verbrand in 1501 na een belegering (Tegenw.Staat II-212/213).Zie over dit laatste ook het boek van D.A.Zwart "Schetsen uit de historie van Ee",Metslawier 1994.

Verder werd er o.a. gewoond op het "Blaeu Mockema huis" in Dokkum bij de zijl,in 1606 verkocht aan het stadsbestuur om daar het nieuwe raadhuis te vestigen.

Van de adellijke familie Mockema stierf de laatste man met die naam,Salvius,op 7-3-1606 en de laatste vrouw was Jetscke van Mockema,overleden 18-8-1632.

 

 

Bronnen,aanwezig bij Tresoar Leeuwarden, en gebruikte afkortingen:

 

Stbk: Stamboek van den Frieschen,vroegeren en lateren adel (2 delen,Hettema e.a.)

OFO: Oudfriesche Oorkonden (4 delen,Sipma e.a.)

GPCV: Groot Placcaat en Charterboek van Vriesland

Pax: Pax Groningana (oorkonden,Oosterhout e.a.)

RvA: Registers van de Aanbreng 1511 en 1514

BB: Beneficiaalboeken 1543

PI: Personele Impositie 1578/1579

GO: Geestelijke opkomsten van Oostergo 1580/1581

FT: Friese testamenten tot 1550 (Verhoeven e.a.)

HvF: Sententies Hof van Friesland (T14)

HvR: De Heeren van den Raede (O.Vries e.a.)

NO I,II: Noordelijk Oostergo;I,Ferwerderadeel;II,de Dongeradelen (H.v.d.Berg)

NL: Nederlandsche Leeuw

GJB: Genealogysk Jierboek,Fryske Akademy

GEN: Collectie genealogieën,Tresoar

T: Toegang tot archieven,Tresoar

Register van edelen uit 1505 volgens T342-05,nr.62.

Grafschriften: Grafschriften tussen Flie en Lauwers (5 delen,v.d.Meer e.a.)

GsvD: Geschiedenis van Dokkum (M.Schroor e.a.)

*: de sterfdatum is o.a.ontleend aan het "Dootboeck" door E.H.van Donia (GEN 742).

 

 

                                        Dokkum,2005,

                                        Simon Wierstra,

                                        s.wierstra@versatel.nl

 

 

 

 

     A-I Botte van Mockema, overleden na 1370.

 

Genoemd in 1370 te Morra (Stbk).

 

Zijn zonen bij een onbekende vrouw:

 

           1   waarschijnlijk Taecke van Mockema, volgt onder A-II.

 

           2   waarschijnlijk Popcke van Mockema, overleden na 1410.

 

Hij woonde te Morra en wordt genoemd in 141.  als grietman van Oostdongeradeel (Stbk en naamlijst grietmannen).

Hij had vermoedelijk geen kinderen.

 

 

 

         

 

 

   A-II Taecke van Mockema, overleden na 1422, waarschijnlijk zoon van Botte van Mockema (A-I).

 

Genoemd in 1422 (Stbk).

 

Zijn zoon bij een onbekende vrouw:

 

           1   waarschijnlijk Juw van Mockema, volgt onder A-III.

 

 

         

 

 

  A-III Juw van Mockema, overleden na 1438, waarschijnlijk zoon van waarschijnlijk Taecke van Mockema (A-II).

 

Hij woonde te Morra en wordt genoemd in 1438 (Stbk).

 

Zijn kinderen bij een onbekende vrouw:

 

           1   Tjaert van Mockema, overleden voor 7 nov 1463.

 

Pax-10 d.d.10-10-1444:Tjaert en andere hoofdelingen contra Syds van Tjaerda e.a.

Pax-18 d.d.7-11-1463:volmachten van zalige Tjaert Mockema brengen zijn geschil met Aut op den Zwaech voor zoenlieden.

Hij leefde nog in 1455 (Stbk).

 

 

           2   Taecke van Mockema, volgt onder A-IV-a.

 

           3   Hessel van Mockema, volgt onder A-IV-b.

 

           4   Bauck van Mockema.

Bauck was gehuwd met Sjuck van Cammingha, overleden na 1506, zoon van Gerrard van Cammingha en Lolck N..

 

OFO I-310 d.d.4-7-1481:hij wordt genoemd te Grouw.

OFO IV-70:in 1487 genoemd onder 84 in het register van Leeuwarden.

In 1494 verkoopt hij land als bewoner van het Dokemahuis te Leeuwarden (zie OFO I-407 d.d.16-5-1494).

In 1506 bedankt hij de regering dat zijn zoon Petrus voor misdaden genade had gekregen (de Vrije Fries XIII-91/96).

Vermeld met zijn vrouw in Grafschriften IV-76.

 

 

 

         

 

 

A-IV-a             Taecke van Mockema, overleden voor 1475, zoon van Juw van Mockema (A-III).

 

Genoemd in Winsemius-249,Schotanus-349 en GsvD-93.

 

Taecke was gehuwd met  Doedt van Holdinga, overleden na 1475, dochter van Gabbe van Holdinga en Tjemck van Meckema.

 

Zij wordt genoemd met haar man Taecke (eerste of tweede ?) in het testament van haar moeder uit 1472 (F.T.29).

Zij woonde in 1475 met haar tweede man op de Mockemastins in Dokkum (GsvD,93).

 

Doedt was later gehuwd met Taecke van Oenema, ook Helbada, zie B-IV.

 

Uit het eerste huwelijk:

 

           1   Gerbrant van Mockema, overleden Leeuwarden 16 nov 1512.

 

Hij was Vetkoper en werd onthoofd als verrader van de stadhouder,samen met zijn vriend Gemme van Juwsma (Herjuwsma) van Ferwerd (zie Encyclopedie van Friesland-blz.474 en GsvD-122,123).

Als Gerbet Muckema vermeld in OFO IV-92 (na 1491),OFO IV-141,144,146 d.d.12-10-1504,30-4-1505 en 12-9-1505.

Pax-85 d.d.11-5-1493:de broers Gerbrant en Tjaert Mockema sluiten zich aan bij het verbond van Dokkum met Groningen.

In 1500 wordt zijn door zijn vrouw verkregen Tjallingsmahuis te Ferwerd verbrand (GsvD-108).

Op 9-7-1504 tekent Gerben Mockema de reversaalbrief (nr.124).

Gerbrant Mockema wordt op 5-1-1505 vermeld bij de edelen van Ferwerderadeel.

Daarnaast wordt op 5-1-1505 een Gerrit Mockema vermeld bij de edelen van Dongeradeel.

Bij R.v.A. 1511 met bezit te Ferwerd (Camminghastate) en Marrum, Westernijkerk, Oudkerk,Oenkerk,Wijns,Dokkum,Brantgum,Oosternijkerk en Paesens.

 

Gerbrant was gehuwd met Sjouck van Tjallingsma.

 

Hij was vermoedelijk eerder getrouwd met iemand uit de Cammingha-familie van Ferwerd,want in OFO IV-141 d.d.12-10-1504 noemt Pieter van Cammingha hem als zijn “zwager”. Zo kwam hij dan misschien in het bezit van Camminghastate te Ferwerd. In OFO I-27 wordt Gerbeth Cammingha in 1418 genoemd op deze state.

Na het overlijden van Gerbrant vererft Camminghastate in de familie Mockema en in 1540 is Abbe Sjuxma, met  moeder Rints Mockema, eigenaar.

 

 

           2   Tjaert van Mockema, volgt onder A-V-a.

 

           3   Popcke van Mockema, volgt onder A-V-b.

 

           4   Rints van Mockema, overleden na 1533.

 

Zij woonde op Sjucksmastate te Waaxens (W.D.),waarvan nog de poort is overgebleven.Zie voor haar N.O.II-200.

Bij RvA 1511 daar genoemd als eigenaresse Rents Siuxma met veel bezit.

Nog genoemd bij rechtszaken HvF 16687-506,674 d.d.26-6-1532,18-12-1533.

Haar zoon Abbe van Sjucksma is in 1540  ook in bezit van Camminghastate te Ferwerd. Hij overlijdt kinderloos op Sjucksmastate in 1545 en de familieleden van Rints erven (HvF 16691 d.d.30-4-1555 en HvF 16692 d.d.14-12-1559).

 

Rints was gehuwd met Syds van Sjucksma, afkomstig uit Reitsum, overleden voor 1511, zoon van Abbe van Stania en Auck N., ,Sjucksma ?.

 

Pax-47 d.d.17-9-1491: Sydt Sjucksma neemt voor Waaxens deel aan het verbond tussen Oostergo en Groningen.Zie ook N.O.II-200.

Misschien was zijn moeder een Sjucksma uit het Sjucksmageslacht genoemd vanaf het begin der 15e eeuw.

 

 

 

A-IV-b Hessel van Mockema, overleden na 1491, zoon van Juw van Mockema (A-III).

 

Hij noemde zich Hessel van Humalda, naar zijn vrouw.

Genoemd op 10-10-1444 (Pax-10) en 4-8-1445 (Pax-11).

In 1488 wordt het Hessel Humalda-huis te Ee genoemd.

Pax-49 d.d.17-9-1491:hij sluit zich aan bij het verbond van Dongeradeel met Groningen.

 

Hessel was gehuwd met  Teet van Humalda, overleden 1494, begraven Ee,grafschrift.

 

Zie voor haar en haar man GJB 1988-79 en voor de foto van de grafzerk N.O.II-296.

 

Uit dit huwelijk:

 

           1   waarschijnlijk Bets van Mockema, ,ook van Humalda, afkomstig uit Paesens, overleden v 1511.

 

Zij was vermoedelijk erfdochter van Humalda.

Volgens het stamboek F.A. was zij een dochter van Frans van Humalda en volgens N.L.1989 een dochter van Taecke van Oenema,maar vrijwel zeker is zij een dochter van Hessel van Humalda (Mockema).Zie GJB 1988-79.

 

Bets was gehuwd (1) met Jarich van Popma, afkomstig uit Terschelling, overleden n 1502, zoon van Foppe van Popma en Wilsck van Gerbranda.

 

Jarich leefde nog in 1502 maar zal niet lang daarna zijn overleden,want zijn weduwe hertrouwde en overleed voor 1511.

OFO II-350 d.d. 19 mei, verder ongedateerd, omstreeks 1500:  bereidverklaring van Jaerich Foppa zn Popyngha (Poppama) en zijn zusters Ebbel en Gawtye Foppa dochteren inzake deling van goederen tussen hen en Dowa Haerxma …….aldfaers goederen sallige Popinghe (Renick).   Ondertekend op Terschelling door Jarich Poppama en namens Ebbel en Gawtye door Sywert Viba zoen (Sjoerd Wybes is de man van Gaets).  Douwe van Harinxma, zoon van Popck Riencksdr van Popma, had dus ook Rienck van Popma als grootvader.

 

 

Bets was gehuwd (2) met Sjoerd van Aebinga, overleden 1511/1524, zoon van Anlof van Aebinga, ,ook Andlef ,en N.N.

 

Bij R.v.A.1511 heeft Sjoerd veel bezit o.a.bezittingen te Ee (samen met Foppe Jarichs Popma, zijn stiefzoon).

Sjoerd woonde vermoedelijk in 1511 op Humaldastate te Ee.

Misschien hertrouwde hij een Beits Sibetsdr van Scheltema en had hij bij haar een zoon Anlof,die jong overleden is.Zie ook GJB 1994-151 en GJB 1988-77,78.

 

 

 

   B-IV Taecke van Oenema, ook Helbada, overleden na 1487, zoon van Ernst van Oenema  en Frouck van Helbada.

 

OFO IV-40 d.d.4-12-1473:genoemd te Blija.

OFO II-155 d.d.1-11-1487:Sjoerd Bolta zegelt voor Taka Unama en Gabbe Jarla.

Zijn kinderen noemen zich Mockema,naar de eerste man van hun moeder

 

 

Taecke was gehuwd met  Doedt van Holdinga, overleden na 1475, dochter van Gabbe van Holdinga en Tjemck van Meckema.

 

Doedt was weduwe van Taecke van Mockema, zie A-IV-a.

 

Uit dit huwelijk:

 

           1   Ernst van Mockema, volgt onder B-V-a.

 

           2   Taecke van Mockema, volgt onder B-V-b.

 

 

A-V-a Tjaert van Mockema, overleden 1528/1529, zoon van Taecke van Mockema (A-IV-a) en Doedt van Holdinga.

 

Hoofdeling te Dokkum,waar hij Mockemastate bewoonde onder Aalsum (zie Tegenw.Staat van Friesland II-215 en het Aardrijkskundig woordenboek van v.d.AA).Schroor (GsvD-95) vermeldt ook een stadsstins in Dokkum.

Hij was aanvankelijk als Schieringer tegen het verbond met Groningen (1491);de Groningers,samen met de Vetkopers van Dokkum,maakten zijn stinsen met de grond gelijk (1492).In 1492 houdt hij zich nog afzijdig (Pax-75),maar in 1493 sluit hij zich met zijn broer Gerbrant aan bij het verbond tussen Dokkum en Groningen d.d.17-9-1491 en schenkt zijn rechten en goederen in Dokkum aan Groningen (Pax-85).Hij hoort daarna met zijn broers bij de Vetkopers.

In 1494 en in OFO I-426 d.d.31-5-1497 genoemd als grietman van Oostdongeradeel.

In of kort na 1498 liet hij een stins herbouwen op de hoek bij de Zijl (plaats van het latere Dokkumer stadhuis).

OFO IV-119 d.d.27-3-1500:genoemd bij het herstel van dijken en zijlen.

Op 9-7-1504 tekende Tjaerdt Mockema de reversaalbrief (nr.41).

Tyaerdt Mockema wordt op 5-1-1505 vermeld onder de edelen van Dongeradeel.

Bij R.v.A.1511 heeft hij naast bezit in Dokkum,Morra en Blija ook bezit in Goënga (door zijn vrouw Catherina).

Hij wist in 1512 aan arrestatie te ontkomen door te vluchten naar Groningen (zie GsvD-123).

Later doet hij een aanval op Dokkum en neemt de stad in op 18-1-1515,maar bang voor de bende van de Zwarte Hoop vertrekt hij met zijn volk uit Dokkum op 28-4-1515 (Levensschets van Tjaard Mockema in mengelwerk uit de L.C. d.d.18-2-1834).

HvF 16480-22 d.d.3-10-1527:Tjaert Mockema contra Julius van Botnia.

HvF 16480-219 d.d.15-7-1528:Tjaert Mockema contra Julius van Botnia.

HvF 16687 d.d.2-12-1529:de erfgenamen van Tjaert van Mockema contra de heren Julius van Botnia en Douwe van Burmania (de erfgenamen worden niet bij name genoemd).

HvF 16480-465 d.d.27-12-1529:het Hof kan nog geen uitspraak doen in de zaak van de erfgenamen van zalige Tjaert Mockema contra Julius van Botnia en Douwe van Burmania.

Over de voorgaande zaken zie ook de Quaclappen HvF 16687-40,56,84,89,131,271 d.d. 27-1-1528,14-2-1528,31-3-1528,24-4-1528 (zijn oomzegger Abbe Sjucksma is dan requirant namens hem) ,18-7-1528 en 2-12-1529.

Volgens het stamboek F.A. overleed hij zonder kinderen,maar is dat zo ?

 

Tjaert was gehuwd (1) met  Catharina van Harinxma, overleden 1518/1524, begraven Dokkum, dochter van Watze van Harinxma en Saeck van Cammingha.

 

Zij wordt in de Sneker recesboeken d.d.12-12-1509 genoemd als Katherina,Tiaerd Mockama wyff.

Zij testeerde als Katherina Mockumma op 10-10-1518 (F.T.94).Zij wilde in Dokkum begraven worden bij haar zoon,die overleden was.Bij het testeren had zij uit haar eerste huwelijk een zoon Tjerck,een dochter Saeck en 2 dochters Rynck en Gaets als nonnen in het klooster Aalsum onder Akkrum.Over een zoon uit tweede huwelijk wordt niet gesproken.Haar dochter Saeck is de erfgename met legaten voor de anderen.

Voor de afhandeling van haar nalatenschap in 1524 zie de stukken van klooster Aalsum (Tresoar T234-01,inv.nr 55) en GPCV II-463 d.d.21-1-1524.

 

Tjaert was gehuwd (2) met  Jay van Oenema, dochter van Douwe Tjepckes van Oenema en Riem Fockesdr.

 

Uit dit huwelijk:

 

           1   waarschijnlijk Juw Tjaerts van Mockema, geboren rond 1525(?), overleden Leeuwarden 7 nov 1571/29 jul 1576.

 

Deze Juw wordt niet vermeld in het stamboek en niet bij “Burmania” ,vermoedelijk omdat hij een burgerlijk huwelijk sloot.

Als hij testeert gaat ook niets van zijn bezittingen naar bloedverwanten.

Op 17-8-1562 wordt hij burger van Leeuwarden als mijnheer Ju Mockema de jonge (HCL,Burgerboek-178).

HvF 16692-275 d.d.6-3-1562:Juw Mockema contra Gerrolt Gerreltsma c.s.,erfgenamen van Meyne Gerreltsma.

HvF 16692-433 d.d.6-10-1563:Juw Mockema contra Andries Andrieses c.s.

HvF 16693-14 d.d.5-10-1565:Juw Tjaerts Mockema te Leeuwarden contra Juw Mockema te Dokkum.

HvF 16693-27 d.d.16-10-1565:Juw Mockema contra Gerrolt Monsma.

Hij testeerde op 7-11-1571 te Leeuwarden,waarbij de armvoogden van Dokkum de erfgenamen zijn van zijn goederen,maar zijn vrouw krijgt tijdens haar leven het vruchtgebruik en is verzekerd van 400 goudguldens uit de boedel.Hij heeft geen kinderen en andere familieleden worden niet vermeld in het testament.(Tresoar T323-02,nr.25).

Zie hiervoor de volgende 6 bladzijden.

 

Zijn moeder is mij niet bekend en hij zou dus ook een onwettige zoon van zijn vader kunnen zijn.

 

Juw was gehuwd met Els Henricksdr, overleden n 20 jul 1593 ?.

 

HCL,proclamatieboek LWN DD1-128 met 2e pr.d.d.29-7-1576:Els Henricksdr,weduwe Juw Mockema,verkoopt een huis bij het Bolwerck aan Luitien Claas Allerts weduwe voor 162 goudguldens en 14 stuivers.

HvF 16699-186 d.d.16-1-1582:zij procedeert als weduwe van Juw Mockema de jonge tegen Sype Wyma,armvoogd van Dokkum.

HvF 16700-108 d.d.18-6-1583:zij voert een proces tegen de armvoogden van Dokkum,die volgens het testament van Juw vorderingen hebben.

Zij is vermoedelijk hertrouwd en wordt dan genoemd bij inventarisatie d.d. 20-7-1593 (HCL,LWN Y10-321).

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

A-V-b   Popcke van Mockema, overleden 5 feb 1554  *, begraven Dokkum, zoon van Taecke van Mockema (A-IV-a) en Doedt van Holdinga.

 

Pax-71 d.d.25-10-1492:Popcke Mockema uit Dongeradeel vraagt om opgenomen te worden in het verbond met Groningen van 17-9-1491 (zie ook GsvD-97).

Met zijn broers na 1500 genoemd als hoofdelingen te Dokkum (dan als Vetkopers).

OFO IV-119 d.d.27-3-1500:genoemd bij het herstel van dijken en zijlen.

Hij was eigenaar van het Mockemahuis in Ee,dat in 1501 werd belegerd (zie het boek van Douwe Zwart,Schetsen uit de historie van Ee,blz 113 e.v.en ook GsvD-108).

Als Wopke Mockema vermeld bij de ondertekenaars van de reversaalbrief d.d. 9-7-1504 (nr.71).

Bij R.v.A.1511 met bezit te Hallum,Westernijkerk,Paesens,Lioessens,Anjum,Engwierum,Ee,Dokkum en Driesum.

Genoemd als grietman van Oostdongeradeel 1515/1516.

In 1516 werden zijn goederen verbeurd verklaard.

HvF 16687-506,674 d.d.26-6-1532,18-12-1533:Matthys Foppes Unia c.ux. contra Popcke Mockema en diens zuster Rynts Sjucksma.

HvF 16688-234 d.d.maart 1536:Het klooster Weerd en Popcke Mockema contra Minne Eminga.

HvF 16481-200 d.d.15-2-1539:hij spant met Poppe Mellema en anderen een zaak aan tegen Minne Eminga en zijn vrouw Eelck inzake land te Oostrum.Zij eisen dat Minne niet langer recht heeft op de huur van dat land,maar hun eis wordt niet toegewezen.

In 1543 ook genoemd met bezit te Engwierum (B.B.163b).

Hij testeerde op 5-3-1547.

HvF 16690-84 d.d.1-10-1550:Popcke Mockema contra Hessel Mockema en Haye Holdingha contra Popcke Mockema.

HvF 16690-107 d.d.28-11-1550:Popcke Mockema contra Hessel Mockema.

HvF 16690-238 d.d.2-9-1552:Mr.Jan Jans,pastoor te Waaxens,contra Mr van Oesterzee voor de erfgenamen van Abbe Sjucksma,onder wie Popcke,oom van Abbe, en de kinderen van wijlen Ernst van Mockema, oom van Abbe.

HvF 16690-326 d.d.23-7-1553:Popcke contra Hessel Mockema en diens zusters.

HvF 16491-89 d.d.30-4-1555:Mr.Jan Jans,pastoor te Waaxens,contra de erfgenamen van Abbe Sjucksma,onder wie ook Popcke Mockema te Dokkum.

?Had hij ook een zoon Keimpe,genoemd bij P.I.1578 met bezit te Ee.

 

Popcke was gehuwd met  Tieth van Sjoerda, overleden Ee 27 aug 1557  *, begraven Dokkum.

 

Sioerdastate lag bij Oosternijkerk; familie van haar zal zijn Hessel van Sioerda, genoemd in 1487 als bemiddelaar; in 1487 bij verbond met Dokkum en in 1491 bij verbond met Groningen (OFO IV-77,87 en PAX 47).

 

Uit dit huwelijk:

 

           1   Juw van Mockema, volgt onder A-VI-a.

 

           2   Botte van Mockema, volgt onder A-VI-b.

 

 

B-V-a Ernst van Mockema, overleden 1543/1552, zoon van Taecke van Oenema, ook Helbada (B-IV) en Doedt van Holdinga.

 

Genoemd bij R.v.A.1511 met bezit van Mockemastate te Aalsum en Hallum.

RvA 1540 20/8 Jucke Walta is in 1540 te Hallum meyer van Ernst van Mockama en was dat ook al daar in 1511.

HvF 16687-583 en 16688-2 d.d.14-5-1533,22-1-1534:Jan van Coelen contra Ernst van Mockema;Ernst veroordeeld tot betaling.

In 1543 genoemd met bezit in Hallum en Aalsum (BB 145a,155a,155b).

HvF 16690-238 d.d.2-9-1552:de kinderen van Ernst worden genoemd als erfgenamen van hun neef Abbe van Sjucksma.

De kinderen zijn:

Hessel voor zichzelf, Luypck (voor haar Sjuck Mellema),Anna (voor haar Worp Juckema),Frouck (voor haar Douwe Aylva) en Doedt (voor haar curator George van Roorda).

Voor de grootouders van Ernst zie de Nederl.Heraut 1884-242.

 

Ernst was gehuwd (1) met  Luypck van Bolta, overleden voor 1520 (?), vermoedelijk dochter van Sjoerd van Bolta (1511 te Ferwerd) en N.N.

 

Zij moet niet worden verward met Luypck Sjoerds van Bolta uit Morra, die in eerste huwelijk getrouwd was met Botte van Holdinga.

 

Ernst was gehuwd (2) met  Anna van Foppinga, dochter van Hessel van Foppinga en Frouck van Eminga.

 

Uit dit huwelijk:

 

           1   Luypck van Mockema, geboren voor 1527, overleden 1553/1555.

 

Zij wordt in 1555 niet meer genoemd met haar broer en zusters als erfgename van Abbe Sjucksma (HvF 16691-89 d.d.30-4-1555)

 

Luypck was gehuwd met Sjuck van Mellema, overleden jul 1560  *, begraven Leeuwarden,Oldehove ,op 25-7-1560, zoon van Poppe van Mellema en Eets van Gauckema.

 

HvF 16690-238 d.d.2-9-1552:zijn vrouw Luypck is erfgename van haar neef Abbe van Sjucksma.

HvF 16690-326 d.d.23-7-1553:Popcke Mockema contra Sjuck als man van Luypck.

Hij hertrouwde Jel van Aylva (zie GJB 1995-151).

 

 

           2   Hessel van Mockema, geboren voor 1527, volgt onder B-VI-a.

 

           3   Anna van Mockema, afkomstig uit Aalsum, geboren voor 1527, overleden 5 dec 1585 , begraven Boksum,grafschrift.

 

HvF 16699-38 d.d.27-4-1581:zij voor zich en voor haar kinderen bij wijlen Werp Juckema contra Jelle Syurts te Deinum.

HvF 16699-216 d.d.22-2-1582:Anna Mockema,weduwe Juckema,contra Jelle Syurdts.

HvF 16700-104 d.d.18-12-1582:Anna Mockema,weduwe Juckema,contra Jelle Syurdts.

Anna was eigenaar van Mockemastate te Aalsum (haar zoon Lieuwe van Juckema verkoopt in 1611 deze state).

Zie ook Grafschriften IV-48 (met foto van de grafzerk voor Anna,haar man Werp en kleindochter Anna)

 

 

Anna was gehuwd met Werp van Juckema, geboren ± 1526, overleden 9 feb 1560 , begraven Boksum, grafschrift, zoon van Wytze van Juckema en Ynts Ruurdsdr van Feytsma.

 

HvF 16690-238 d.d.2-9-1552:zijn vrouw Anna behoorde bij de erfgenamen van haar neef Abbe van Sjucksma.

HvF 16690-326 d.d.23-7-1553:Popcke Mockema contra Worp als man van Anna.

HvF 16691-89 d.d.30-4-1555:Mr.Jan Jans,pastoor te Waaxens,contra de erfgenamen van Abbe Sjucksma,onder wie Anna,vrouw van Worp Oedsma.

Hij woonde met zijn vrouw in Boksum op Oedsmastate,noemde zich daarom ook Oedsma;hij werd 33 jaar.

Zie ook Grafschriften IV-48 en grafschriften Roorda II-147.

 

 

           4   Frouck van Mockema, geboren voor 1527, overleden na 1580.

 

HvF 16699-81 d.d.28-6-1581:Frouck als weduwe van Douwe van Ailua contra Thyman Formers.

 

Frouck is getrouwd ± 1545 met Douwe van Aylva, overleden n 1566 ,voor 18-12-1580, zoon van Tjaert van Aylva en Ulbet Tadema.

 

Hij woonde te Ferwerd.Zie GJB 1995-154 en N.L.1989-46.

HvF 16690-238 d.d.2-9-1552:zijn vrouw Frouck behoorde bij de erfgenamen van haar neef Abbe van Sjucksma.

HvF 16690-326 d.d.23-7-1553:Popcke Mockema contra Douwe als man van Frouck.

HvF 16691-89 d.d.30-4-1555:Mr.Jan Jans,pastoor te Waaxens,contra de erfgenamen van Abbe Sjucksma,onder wie zijn vrouw Frouck.

 

 

           5   Doedt van Mockema, geboren ± 1528, overleden 28 apr 1621  *, 94 jaar (?)

 

HvF 16690-238 d.d.2-9-1552:zij was nog minderjarig en behoorde tot de erfgenamen van haar neef Abbe van Sjucksma;George van Roorda is haar curator.

HvF 16703-218 d.d.15-3-1589:Doed Mockema voor wijlen haar man Homme van Harinxma contra de gedeputeerde staten van Friesland.

HvF 16704-27 d.d.30-3-1590:Hylck Harinxma,weduwe Tjalling van Eysinga,contra haar schoonzuster Doed Mockema,weduwe Homme van Harinxma.

HvF 16705-118 d.d.5-2-1601: contra juffr. Doedt Mockema,weduwe Harinxma.

Er is voor haar een geschilderd wapenbord uit 1621, waarbij vermeld wordt dat ze dan 92 jaar is (Fr.Adelaar 1887-3-19).

 

Doedt Mockema verkreeg Sjuxmastate te Waaxens (W.D.) na de dood van Syts van Tjessens in 1606.

 

Doedt is getrouwd 1552/1553 met Homme van Harinxma, ,thoe Slooten, overleden voor 1589, zoon van Pieter van Harinxma en His Douwesdr van Juwsma.

 

HvF 16690-326 d.d.23-7-1553:Popcke Mockema contra Homme als man van Doedt.

HvF 16691-89 d.d.30-4-1555:Mr.Jan Jans,pastoor te Waaxens,contra de erfgenamen van Abbe Sjucksma,onder wie Doedt.

HvF 16692-29 d.d.14-12-1559:Mr.Jan Jans (zie boven) contra Homme Haersma voor zijn vrouw Doed en voor zijn schoonzusters Frouck en Anna,getrouwd met resp.Douwe Aluwe en Worp Juckema.

Hij testeerde op 12-1-1563 (T323-02,25).

 

 

 

B-V-b Taecke van Mockema, overleden voor 1527, zoon van Taecke van Oenema, ook Helbada (B-IV) en Doedt van Holdinga.

 

In 1501 genoemd als "geselle " van Jancko Douwema.

Op 9-7-1504 tekende Take Unema de reversaalbrief (nr.18) en op verzoek ook namens Erms Nema (nr.19).

Tako Mockama wordt op 5-1-1505 vermeld bij de edelen van Dongeradeel.

Op 4-7-1507 genoemd in de Sneker recesboeken als Taeka Mockama en ook bij R.v.A.1511 als zodanig vermeld.

In 1511 was hij eigenaar van “Mercla” onder Hallum, dat zijn vrouw Auck van haar moeder Luts erfde.

R.v.A.1511:met bezit in Leeuwarden,Finkum (als Taecke Oenema),Hallum,Westernijkerk,Morra,Anjum,Ee,Aalsum,Dokkum en Akkerwoude.

Hij wordt niet genoemd bij de heerschappen die in 1515 trouw zweren aan Karel V. Wellicht is hij dan reeds overleden.

Bij R.v.A Ferwerderadeel 1540 zijn de bezittingen van hem onder Hallum en Westernijkerk in handen van zijn vrouw Auck Mercla en haar tweede man Wyger Feytsma(4-33,15-19,15-20,15-34,16-31,16-34 en 35-36).

Bij R.v.A.Leeuwarderadeel 1540 worden als bezitters van het land te Finkum vermeld zijn kinderen:Tsalinck en Taeck Mockumma en ook volgens B.B.100b hebben Taecke Mockema kinderen in 1543 bezit in Finkum.

 

Hij had misschien te Leeuwarden onwettige nakomelingen  met de naam Mockema n.l Gosse Taeckes,Wyger Taeckes en Jan Taeckes (zie HvF 16703-317 d.d.8-7-1589);zij procederen over de erfenis van Taeck Mockema, dochter van Taecke en Auck.

Gosse Mockema en zijn vrouw,Jantien Jacobsdr,worden genoemd als lidmaten te Leeuwarden ca.1581. Gosse wordt genoemd 1591/1592 als cipier op het blokhuis te Leeuwarden. Wyger Mockema wordt genoemd bij  HvF 16700-246 d.d. 1583 en hij was deurwaarder bij het Hof van Friesland in 1585.

Gosse en Wyger worden in 1589 genoemd als erfgenamen van hun broer Jan (HvF 16703-317.)

Wyger had als kinderen Jantien,Engel en Laurents Mockema ( Jantien is als Jancke Mockema op 5-11-1608 ondertrouwd gerecht Leeuwarden met PieterJans Kluyter).

Janneke Wiegers Mockema overleed 17-7-1617, oud 33 jaar, en Pieter Jansz Cluyter, lakencooper Leeuwarden, op 24-9-1623, beiden begraven Gal.Kerk aldaar (Walle [3795]).

Laurents trouwde als Louerens Mockema, apotheker, op 6-4-1614 te Leeuwarden met Bauck Brantzum).

Een kleinzoon zal zijn Wigerus Mockema, op 14-10-1636 student te Franeker en op 2-4-1642 te Leiden.

 

n.a.v. onderzoek Job Schellekens:

 

Een zoon van Gosse Mockema uit zijn huwelijk met Jantien Jacobsdr of  uit een andere relatie is vermoedelijk Mr.Wyger Gosses.

Wiger Gosses (Leeuwarden) trouwde Leeuwarden 9-1-1614 met Pite Pieters (Rinsumageest).

Mr.Wijger Gosses laat dopen te Sint Annaparochie, geen moeder genoemd:

Hylck op 23-10-1614,  Hittie op 10-5-1619, Sioucke op 1-7-1621 en Gosse op 14-11-1624.

Hydtie Wygers Mockma (Sneek) trouwde Sneek 6-9-1648 met Harmen Willems (Groningen).

Mr.Wygger Gosses (Rijperkerk) trouwde Sneek 5-4-1638 met Lijsbedt Poppes (Sneek).

Hij werd in 1639 burger van Sneek.

Uit zijn tweede huwelijk zullen geboren zijn te Sneek (geen doop gevonden): Freerk en Pietje.

De eerste trouwde als Fredericus Vigeri Mockema op 21-4-1667 te Sneek met Tittie Dircks Rooda (Sneek).

De tweede trouwde als Pyttie Wiegers Moccama op 8-4-1670 te Sneek met Hans Janssen (Stavoren)

Een kleinzoon van Fredericus Vigeri Mockema is Fredericus Mockema, geboren 26-12-1698, gedoopt Harlingen 1-1-1699, overleden 10-11-1722, zoon van Wiger Mockema en Berber Augustinus.

Van de laatste Fredericus is een geboortelepel bewaard gebleven (H.de Walle).

 

 

 

 

 

 

Taecke was gehuwd met  Auck Tjallingsdr van Jellinga, ,ook Auck Mercla, overleden na1552, dochter van Tjalling van Jellinga en Luts van Feytsma.

 

T327-1098 d.d.1552: uitspraak in een geschil tussen Tjalling van Camstra en Auck Mercla over de nalatenschap van kleindochter Rints Mockema.

T326-1202: zij maakt een overeenkomst met Tjalling Camstra over de nalatenschap van Rints Mockema.

Bij RvA 1540 heeft zij bezit te Hallum.

Zij hertrouwde met een Wyger Feytsma.

Familie van Auck Marcla zullen zijn Reenick Marcla, in 1511 meyer van Tako Mockema,  en Jan Marcla, in 1540 meyer van Wyger Feytsma.

.Zie ook N.O.I-172.

 

 

Uit het huwelijk van Auck met Taecke:

 

           1   Tjalling van Mockema, volgt onder B-VI-b.

 

           2   Luts van Mockema.

 

Non in Sion.

 

 

           3   Doedt van Mockema.

 

Non in Foswert.

 

 

           4   Taeck van Mockema, overleden Emden 7 jan 1573.

 

HvF 16689-161 d.d.1540:Taeck als weduwe van Lieuwe van Beyma.

HvF 16690-120 d.d.20-1-1551:Taeck,weduwe van wijlen Mr.Lieuwe van Beyma,procedeert voor haar kinderen bij voornoemde Lieuwe tegen Mr.Tjalling van Riemersma,curator over deze kinderen.

Recesboek FRD 4 d.d.18-7-1569:haar zoon Lieuwe Beyma zegt dat zijn moeder in 1557 voor hem land te Achlum heeft gekocht.

HvF 16703-195 d.d.4-2-1589:onderzoek naar de goederen die Taeck Mockema aan haar zoon Lieuwe heeft nagelaten.

HvF 16703-317,396 d.d.8-7-1589 en 30-10-1589:Gosse Taeckes en Wyger Taeckes namens ook wijlen Jan Taeckes (onwettige zoons van haar vader ?) contra Sjoerd van Beyma als erfgenaam van zijn oom Lieuwe van Beyma en als zodanig voor een derde erfgenaam van zijn grootmoeder Taeck.

 

Taeck was gehuwd (1) met Lieuwe Sjoerds van Beyma, overleden 1539/1540, zoon van Sjoerd Lieuwes van Beyma en Catharina van Bockema.

 

Mr.Lieuwe van Beyma was heerschap te Arum.

OFO II-299 d.d.12-11-1520:huwelijksvoorwaarden voor zijn eerste huwelijk met Frouck van Camstra,waarbij de ouders van weerskanten worden genoemd.

HvF 16481-214 d.d.18-3-1539:hij procedeert vanwege zijn kinderen bij Frouck met zijn zwagers Wigle en Wytze Camstra tegen Homme van Camstra.

 

Taeck is getrouwd voor 1556 (2) met Hessel van Aysma, geboren Marrum 1527/1528, overleden 1 aug 1592, begraven Leeuwarden,Jacobijnerkerk, zoon van Schelte van Aysma en Tjets van Aesgema.

 

HvF 16691-105v d.d.14-12-1556:Mr.Hessel Aysma voor zijn vrouw Taeck contra Jelger Feytsma.

HvF 16691-146 d.d.16-12-1557: Mr.Hessel Aysma en zijn vrouw Taeck Mockema contra Jelger Feytsma te Hallum.

In 1568 als balling eerst naar Groningen en dan naar Emden,maar in 1577 terug in Friesland.

HvF 16700-98 d.d.18-12-1582:Dr.Hessel van Aysma,president van het Hof,wegens zijn overleden vrouw Taeck, en Lieuwe van Beyma,en anderen als eisers.

Dr.Hessel van Aysma was president van het Hof van Friesland 1580-1587.

 

 

 

A-VI-a             Juw van Mockema, overleden 28 mrt 1566  *, begraven Dokkum, zoon van Popcke van Mockema (A-V-b) en Tieth van Sjoerda.

 

Julius Mockema is op 10-7-1538 student te Leuven.

Hij woonde 1565/1566 te Dokkum en had o.a. bezit in de Anjumer kolken (HvF 16705-86 d.d.11-12-1600).

HvF 16690-156 d.d.4-5-1551:Juw Mockema als volmacht voor Popcke Mockema contra de abt van Dokkum.

HvF 16691-182 d.d.4-9-1556:Julius van Mockema contra Reynthie Folckerts,grietman van Dongeradeel.

HvF 16692-162 d.d.28-2-1561:Anna Feytsma,weduwe Frans van Humalda,voor zich en voor haar kinderen procedeerde over het bezit van een sate tegen de broers Botte en Julius.

HvF 16692-278 d.d.13-3-1562:Frans Canters als man van Geel van Humalda contra de broers Botte en Julius (zie ook GJB 1978-79).

HvF 16693-14 d.d.5-10-1565:Juw Tjaerts Mockema te Leeuwarden contra Juw Mockema te Dokkum.

HvF 16693-74 d.d.24-1-1566:Juw Mockema te Dokkum contra Dirck Dircks,olderman aldaar, en Jan van Coelen.

 

Juw was gehuwd met  Lisck van Heringa, geboren ± 1525, overleden 1584 ,59 jaar, dochter van Eelcke van Heringa en Womck van Jongema.

 

Uit dit huwelijk:

 

           1   Eelcke van Mockema, geboren  1553 , overleden na 1580.

 

In het Fries museum is een zilveren doosje uit 1574 van Eelcke Mockema te Metslawier op de leeftijd van 21 jaar.

In 1572 genoemd als grietman van Dantumadeel.

Genoemd bij P.I.1578 met bezit te Metslawier.

HvF 16698-251 d.d.22-4-1580:Er wordt door inwoners van Rinsumageest geprocedeerd tegen personen met belangen in Dantumadeel,onder wie Eelcke.

HvF 16701-50 d.d. febr.1585:de stad Dokkum contra Eelcke Mockema van Metslawier en zijn zuster Womck;zij worden veroordeeld tot betaling.

Conscr.Ex.te Emden: Hij staat met zijn vrouw op de lijst van de in 1580 uit Friesland uitgeweken personen met de vermelding van overlijden.

Hij stierf kinderloos.

 

Eelcke was gehuwd met Auck van Herema, afkomstig uit Tzum, overleden na 1588, dochter van Wigle van Herema en Gerlant Hoytesdr Uninga van Hoytema.

 

Zij wordt in 1580 met haar man genoemd in Emden.

HvF 16702-33 d.d.18-5-1586:haar schoonzuster Womck procedeert tegen haar.

HvF 16702-100 d.d.5-10-1586:Auck Herema te Tzum,weduwe Eelcke Mockema,contra Womck Mockema en Roelant van Achlen.

HvF 16703-167 d.d.18-12-1588:schoonzuster Womck,erfgenaam van Eelcke,procedeert tegen haar.

 

 

           2   Womck van Mockema, overleden 26 mrt 1605  *, begraven Ferwerd.

 

HvF 16698-251 d.d.22-4-1580:er wordt door inwoners van Rinsumageest geprocedeerd tegen personen met belangen in Dantumadeel,onder wie Womck en haar man Roelant.

HvF 16701-173 d.d.27-9-1585:Meus Jacobs van Ternaard procedeert tegen Womck van Mockema.

HvF 16702-33 d.d.18-5-1586:Womck Mockema te Emden procedeert tegen haar schoonzuster Auck Herema.

HvF 16702-100 d.d.5-10-1586: Auck Herema procedeert tegen haar en haar man Roelant.

HvF 16703-91 d.d.30-9-1588:Roelandt van Achelen en Womck zijn vrouw contra Julius van Mockema.

HvF 16703-167 d.d.18-12-1588:Womck als erfgenaam van haar broer Eelcke contra zijn weduwe Auck Herema.

Leeuwarden Hyp.boek GG-1-4v d.d.24-4-1589:Roland van Achlen en Wompk van Mockema,echtelieden alhier,hebben op 24-4-1589 een schuldvordering van 130 dalers ter zake verkoop van twee vierjarige hengsten op Idtsen Grevynck alhier.

HvF 16703-290 d.d.18-6-1589:Willem Rooswinckel te Alckmaer contra Womck en haar man te Metslawier en contra Auck Herema,weduwe van Eelcke Mockema.Zij worden samen veroordeeld tot betaling van 400 goudguldens.

T327-1769 en T5-2850: Het Bonifatiusconvent te Dokkum had in 1529 een schuld aan haar grootouders Popcke en Theet.Womck,huisvrouw van Roelant van Achelen,mede-erfgenaam van wijlen haar vader Juw Mockema,verkoopt aan Bjuck van Cammingha,weduwe van Goffe van Aebinga, de jaarlijkse huuropbrengst van goederen van dat klooster (1581).

Na het overlijden van Womck verkocht dochter Aldegonda de Mockamastins in Dokkum (GsvD,173).

 

Womck was gehuwd met Roelant van Achelen, overleden Antwerpen 2 aug 1611  *, begraven Ferwerd 13 aug 1611.

 

Grietman van Dantumadeel (1572) en Hennaarderadeel (1576).

In 1580 als balling buiten Friesland (C.E.).

HvF 16704-80 d.d.1-6-1590:Julius van Meckema te Holwerd contra Rolant van Achlen en Womck van Mockema te Metslawier.

Hij woonde later met zijn vrouw op Camminghastate bij Ferwerd (al in 1511 in bezit van de Mockama’s en bij P.I.1578 in zijn bezit).

Ook na 1600 wordt vaak geprocedeerd voor het Hof van Friesland door Roelant en zijn vrouw (pro en contra).

HvF 16705-121,130,170,215 en 234 in het jaar1601.

HvF 16706-83,197,249,326 en 363 in de jaren 1602,1603 en 1604.

 

 

           3   Tieth van Mockema.

 

Zij is jong overleden.

 

 

           4   Popcke van Mockema.

 

Hij is jong overleden.

 

 

 

A-VI-b Botte van Mockema, overleden 20 sep 1573  *, begraven Dokkum, grafschrift onduidelijk, zoon van Popcke van Mockema (A-V-b) en Tieth van Sjoerda.

 

HvF 16480-306 d.d.29-1-1529:Juffrouw Alyt van Groeningen contra Botte Mockema;zij beweert dat hij haar huwelijksbeloften heeft gedaan,maar hij ontkent.

HvF 16687-199,218 d.d.29-1-1529,15-3-1529 over dezelfde zaak.

HvF 16481-417 d.d.28-3-1536:Botte Mockema contra Mr.Gercke Popckema;de eiser krijgt het recht opnieuw te citeren volgens def.sent.d.d.4-4-1536. Over deze zaak ook HvF 16688-230,16689-25 d.d.8-3-1536,20-5-1538.

HvF 16481 d.d.4-6-1538):Botte Mockema contra Mr.Gercke Popckema,voorheen pastoor te Goutum.Botte had nog recht op 60 goudguldens;gedaagde verschijnt niet en de eis wordt toegewezen.

In 1543 ook met bezit in Lichtaard (B.B.149a,150a).

HvF 16691-111 d.d.16-9-1555:Christoffel van Hubitz voor zijn vrouw Cunira van Martena contra o.a.Botte Mockema als man van Womck Tjaerda.

HvF 16692-162 d.d.28-2-1561:Anna Feytsma,weduwe Frans van Humalda,voor zich en haar kinderen contra de broers Botte en Julius over het bezit van een sate.

HvF 16692-278 d.d.13-3-1562:Frans Canters,man van Geel van Humalda,contra de broers Botte en Julius (zie ook GJB 1978-79).

HvF 16692-455 d.d.25-10-1563:Botte Mockema te Dokkum contra Andries Havinga te Hallum inzake ontruiming Jouwsmastate.

HvF 16701-249 d.d.22-12-1585:zijn kinderen als erfgenamen contra zijn schoonzuster His van Hermana.

Hij bouwde in 1556 een nieuwe Mockemastins in Dokkum,op de plaats van het huidige Admiraliteitshuis (GsvD-175).

 

Botte was gehuwd (1) met  Womck Sydsdr van Tjaerda, overleden 6 jun 1554  *, begraven Dokkum, grafschrift onduidelijk, dochter van Syds van Tjaerda en Moedt Sydsesdr van Sythiema.

 

Uit dit huwelijk:

 

           1   Syds van Mockema, volgt onder A-VII.

 

           2   Taecke van Mockema, overleden 29 dec 1597, begraven Wirdum, grafschrift

 

HvF 16692-443 d.d.15-10-1563:Taecke Mockema contra Auck Gerckes (Stania ?).

Hij wordt bij P.I.1578 genoemd met bezit in Ee en woonde in 1578en in de jaren daarna op Mockemastate bij Dokkum (N.O.II-302).

HvF 16703-381 d.d.22-10-1589:Reyner Willems bij Oudwoudumerzijl in Kollumerland c.s. contra Taecke van Mockema te Ee.Taecke wordt veroordeeld tot betaling van 55 goudguldens.

Voor Taecke zie ook grafschriften Roorda IV-91.

 

Taecke was gehuwd met Ysck Gerroltsdr van Feytsma, overleden Leeuwarden 25 mei 1615, begraven Wirdum 31 mei 1615, grafschrift, dochter van Gerrolt Hessels van Feytsma en Anna van Camstra.

 

Er is een kerkbankinscriptie uit 1594 in Dokkum,waar ze met haar man staat vermeld (zie Roorda grafschriften III).

N.O.II-303:In 1600 verhuurde een Eeck Mockema Tyaardasate te Medhuizen (ten noorden van Ee).

Op 13-4-1600 wordt  Eesck Mockema bevestigd als lidmaat te Leeuwarden.

 

HvF 16705-236 d.d.12-7-1601 en HvF 16706-137 d.d.29-3-1603:Eesck van Feytsma,weduwe van Taco van Mockema,als eiseres.

Leeuwarden Hyp.boek GG-2-171 d.d.8-5-1605:Eesck van Feytsma,weduwe Mockema,had een schuldvordering d.d.4-6-1602 op de brouwer Olphert Olpherts van 100 dalers,30 stuivers het stuk.

T342-05,nr.38:leedbrief voor de begrafenis op 31 mei 1615 te Wirdum van Isck Feytsma,weduwe Taco Mockema,met de namen van de genodigden en de aangezegden.

 

Uit dit huwelijk:

 

                a Anna van Mockema, overleden 1 nov 1578, begraven Ee, grafschrift.

 

 

b Gerrolt van Mockema, overleden 10 okt 1579, begraven Ee, grafschrift.

 

 

c Boele van Mockema, overleden 18 dec 1581, begraven Ee, grafschrift.

 

 

           3   Rints van Mockema, overleden 19 okt 1604 , begraven Holwerd, grafschrift.

 

HvF 16701-249 d.d.22-12-1585:genoemd bij de erfgenamen van haar vader als vrouw van Ritske Ringie.

Zie grafschriften Roorda III-85.

 

Rints was gehuwd met Ritscke van Rinia, overleden 26 feb 1618 , begraven Holwerd, grafschrift, zoon van Saecke van Rinia en Romck Sjoerdsdr van Jaersma.

 

Grietman van Westdongeradeel.Zie grafschriften Roorda III-85.

 

 

           4   Kinsck van Mockema, overleden 11 mei 1588 , begraven Blija, grafschrift.

 

Overleden op 20-jarige leeftijd  in de kraam ? Dat is niet mogelijk als haar moeder in 1554 is overleden;bovendien wordt zij reeds in 1581 genoemd als de vrouw van Taco van Aylva.

Zie ook grafschriften Roorda III-106.

 

Kinsck was gehuwd met Taco van Aylva, overleden 28 jul 1615 , begraven Blija, grafschrift, zoon van Douwe van Aylva en Frouck van Mockema.

 

In 1578 woont hij in Dokkum,in 1581 in Harlingen en in 1615 in Blija.

Hij hertrouwde na 1588 met Barbara van Douma.

In 1592 is hij grietman van Ferwerderadeel.

HvF 16699-65 d.d.14-6-1581:de familie Canters procedeert tegen Taecke van Ailua uit Harlingen en zijn vrouw Kinsck Mockema.

Taco testeerde in 1598 (DDD1-161).

HvF 16707-172 d.d.3-10-1605:Taco van Aylva,grietman van Ferwerderadeel, als erfgenaam van zijn overleden vrouw Kinsck van Mockema.

Zie ook grafschriften Roorda III-106,GEN 742 en GJB 1995-157.

 

 

Botte was gehuwd (2) met  Bernsck Scheltesdr van Scheltema, overleden 23 mei 1566  *, begraven Dokkum, dochter van Schelte van Scheltema en Ursel van Herckema.

 

Zie ook grafschriften Roorda III-16.

 

Botte was gehuwd (3) met  Ansck Minnesdr van Eminga, overleden 21 dec 1605  *, begraven Engelum, dochter van Minne van Eminga en Eelck Bottesdr van Jarla.

 

Uit dit huwelijk:

 

           5   Womck van Mockema.

 

Zij zal genoemd zijn naar zijn eerste vrouw en is jong overleden.

 

 

 

B-VI-a             Hessel van Mockema, geboren v 1527, overleden n 1561, zoon van Ernst van Mockema (B-V-a) en Anna van Foppinga.

 

Hesselus Mockema is in juni 1541 student te Leuven.

HvF 16690-84,107 d.d.1-10-1550,28-11-1550:Popcke Mockema contra Hessel Mockema.

HvF 16690-210 d.d.9-3-1552:Hette Hemmema en Hessel Mockema als volmachten der vijf delen contra dijkgraaf Adriaen Michiels.

HvF 16690-238 d.d.2-9-1552:Hessel bij de erfgenamen van Abbe Sjucksma.

HvF 16690-270 d.d.12-11-1552:Anthonis Morael contra Hessel Mockema.

HvF 16690-326 d.d.23-7-1553:Popcke Mockema contra Hessel Mockema en diens zusters.

HvF 16691-89 d.d.30-4-1555:Mr.Jan Jans,pastoor te Waaxens,contra de erfgenamen van Abbe Sjucksma,onder wie Hessel Mockema.

HvF 16691-105v d.d.12-12-1556:Hessel Mockema contra Frans en Seerp Wybrants.

HvF 16692-29 d.d.14-12-1559:Mr.Jan Jans (zie boven) contra Hessel Mockema.

HvF 16692-241 d.d.20-11-1561:Hessel Mockema voor zijn vrouw Oenka contra Frans Wybrants c.s.inzake Jornahuystera sate bij Warga.

 

Hessel was gehuwd met  Oencke van Juwsma, overleden v 1589, dochter van Oene van Juwsma en Tieth Janckesdr van Douma.

 

In 1543 onder voogdij van haar grootvader Douwe (BB 122b).

 

Uit dit huwelijk:

 

           1   Salvius van Mockema, overleden 7 mrt 1606  *.

 

Salvius Mockema is op 1-11-1575 student te Padua en wordt in 1581 genoemd als student te Douai.

Salvius verkoopt  1580/1584  land te Dronrijp (T327-780/782).

HvF 16701-30 d.d.dec.1584:Ockthien Bolema,weduwe Engbert Andries,contra Salvius Mockema;hij wordt veroordeeld tot betaling van 53 carolusgulden.

HvF 16702-125 d.d.20-10-1586:hij steunt zijn zuster in de zaak tegen Syds van Botnia en zijn vrouw te Nijland.

HvF 16704-414 d.d.25-10-1591:Salvius Mockema te Leeuwarden en Anna Mockema als erfgenamen van hun ouders contra Teth van Douma,vrouw van Sydts van Botnia.

Hij was niet getrouwd en was de laatste man uit zijn familie.

 

 

           2   Anna van Mockema, overleden 17 okt 1605  *, begraven Schraard.

 

HvF 16700-147 d.d.22-3-1583:eiser Anna van Mockema,weduwe Jan van Ferwe(Vervou)

HvF 16702-125 d.d.20-10-1586:Anna van Mockema te Harlingen,voor 50% erfgenaam van haar ouders,met haar broer Salvius,contra Syds van Botnia te Nijland.

HvF 16703-388 d.d.28-10-1589:Anna van Mockema te Harlingen,weduwe van Joan Verwou,en voor haar broer Salvius,samen erfgenaam van hun overleden moeder,contra Tetcke Douma,vrouw van Sydts van Botnia te Sneek,als enige erfgenaam van haar vader Douwe van Douma.

Zie ook HvF 16706-12,139,178,192,340,351 en 387 in de jaren1602,1603 en 1604.

HvF 16484-250 d.d.27-3-1604:Fredrich van Vervou contra Anna van Mockema;hij vindt dat hij de administratie moet hebben van de goederen van de kinderen uit haar eerste huwelijk met Johan van Vervou.

HvF 16484-394 d.d.14-7-1604:Amelia van Grombach contra Anna van Mockema.

HvF 16707-190 d.d. 17-10-1605: contra Anna van Mockema voor haarzelf en voor haar broer Salvius, beiden voor de helft erfgenaam van hun ouders Hessel van Mockema en Anna van Juwsma.

 

Anna was gehuwd (1) met Johan Raeses van Vervou, overleden 1580.

 

Hij was hopman in het leger.

 

Anna was gehuwd (2) met Gabbe van Aylva, overleden 21 feb 1606  *, begraven Schraard, zoon van Johan van Aylva en Ulck Gabbesdr van Scheltema.

 

 

B-VI-b Tjalling van Mockema, overleden 1541/1543, zoon van Taecke van Mockema (B-V-b) en Auck Tjallingsdr van Jellinga, ,ook Auck Mercla.

 

Als Salingius Mockema op 25-6-1530 student te Leuven.

In 1540 genoemd als grietman van Dantumadeel.

Zijn vrouw is voor hem overleden en hij zou hertrouwen met Wyts Rinnerda,maar Tjalling zelf overleed voortijdig.

T327-1366:hij maakt in 1539 een regeling met zijn schoonmoeder over het nagelaten bezit van schoonvader Jasper.

T327-1369:in wandelkoop zijn huis in Dokkum tegen een huis in Dantumawoude (1540).

T327-1370:uitspraak in een geschil tussen Tjalling en Douwe Bottes Tysma over land te Dantumawoude (1541).

B.B.1543:er is sprake van land te Rinsumageest van Tzialing Mockema weeskind (blz.198b).

 

Tjalling was gehuwd met  Baete Jaspersdr van Aesgema, overleden 1539 ?, dochter van Jasper van Aesgema en Tjepck Tjepckesdr van Tjallinga.

 

Uit dit huwelijk:

 

           1   Rints van Mockema, overleden v 25 aug 1552.

 

Zij overleed als jongedochter.

T327-1098 d.d.25-8-1552:Tjalling van Camstra als beheerder voor zijn kinderen bij Wypk Jaspersdr Aesgema heeft een geschilmet Auck Mercla  over de nalatenschap van wijlen Rynthe,dochter van wijlen Tzalingh Mockema en Baete zijn schoonzuster. Auck Mercla is de grootmoeder van Rynthe.

 

 

 

A-VII Syds van Mockema, overleden 11 feb 1595, begraven Leeuwarden,Jacobijnerkerk, grafschrift, zoon van Botte van Mockema (A-VI-b) en Womck Sydsdr van Tjaerda.

 

Als Sixtus Mockema op 14-5-1569 student te Leuven.

Raadsheer bij het Hof van Friesland 1585-1595 (genoemd o.a HvF 16703-209 d.d.7-3-1589);voor meer zie HvR.

G.O.1581:hij heeft op 20-12-1580 ook bezit te Morra (blz.116) en regelt met Gerlof Bolta de opkomsten aldaar.

Na zijn overlijden was Douwe van Sytzama curator over zijn kinderen Womck en Jets (HvF 16705-251 d.d.14-9-1601).

 

 

Syds was gehuwd (1) met  Eets Ulckesdr Douma van Oenema, ,ook Jets, begraven Leeuwarden, dochter van Ulcke Douwes Douwema en Jets Abbesdr van Latsma.

 

Uit dit huwelijk:

 

           1   Womck van Mockema, overleden Coevorden nov 1606  *, begraven Leeuwarden ,bij haar ouders.

 

Womck is in ondertrouw gegaan Leeuwarden 17 mrt 1605 en getrouwd aldaar 10 apr 1605 , met Ids van Eminga, overleden 14 feb 1635, zoon van Sjuck van Eminga en Fouwel van Holdinga.

 

Hij had geen kinderen en wordt genoemd als kapitein,later als kolonel.

 

 

           2   Jetscke van Mockema, geboren 1586, overleden Leeuwarden 27 aug 1630, 44 jaar, begraven Dronrijp, grafschrift Walle.

 

Met haar stierf de adellijke familie Mockema uit.

MEN 52-9 d.d.5-11-1619 (blz.17):Jetscke is hertrouwd en Watze van Ockinga wordt voogd over haar kinderen Jeltje(10) en Margrieta(5).

MEN 52-9v d.d.5-11-1619 (blz.18 e.v.):inventarisatie t.b.v de kinderen.

MEN 52-20v d.d.9-11-1619 (blz.40/41):scheiding/deling der goederen.

HvF 16792:autorisatie d.d.24-7-1628:Margretha van Cammingha,in haar 14e jaar,verzoekt samen met haar moeder Jetske van Mockema als voogd te benoemen Hobbe van Aylva,grietman van Baarderadeel.

 

Jetscke is getrouwd ± 1610  (1) met Jarich van Cammingha, geboren  1581, overleden 17 sep 1615  *, 34 jaar, begraven Dronrijp 26 sep 1615, grafschrift  Walle, zoon van Rienck van Cammingha en Margriet Jarichsdr van Botnia.

 

Zie GEN 742 (Dootboeck) en ook Grafschriften IV-81.

Op de grafzerk van Jarich en Jetscke te Dronrijp de namen: Camminga, Stinstra, Botnia, Stania, Douwema, Latsma, Mockema, Tiaerda (Walle).

Het betreft de namen van hun grootouders: Frans van Cammingha x Fedt van Stenstera,  Jarich van Botnia x Luts van Stania, Botte van Mockema x Womck van Tjaerda, Ulcke Douma van Oenema x Jets van Latsma.

 

Jetscke is getrouwd v 5 nov 1619 (2) met Hobbe van Aylva, geboren ± 1582, overleden 14 jun 1645 ,63 jaar, begraven Hylaard, grafschrift, zoon van Ulbe van Aylva en Sjouck van Heringa.

 

Hij testeerde met zijn vrouw op 16-8-1632 (T323-25).

Hij woonde op Tjessingastate te Hylaard en was grietman van Baarderadeel (1628).Zie GJB 1995-157.

 

 

 

Syds was gehuwd (2) met  Aelcke Hansesdr van Galama, overleden 9 apr 1622  *, begraven Menaldum, grafschrift, dochter van Hans van Galama en Riem Herckesdr van Popma.

 

Zij hertrouwde met Feye van Aylva,overleden 6-12-1631 te Menaldum (GJB 1995-156).

Zij overleed zelf in 1622 op de bruiloft van Sippe van Scheltema met Rixt van Scheltema te Morra (GEN 742).

 

Uit dit huwelijk:

 

           3   Ydt van Mockema.

 

Over haar is niets bekend.

 

 

 

 

_