Genealogie van het adellijk geslacht van Tjaerda

 

                      Voor het geslacht Tjaerda en Tjaerda van Starckenborgh zie uitvoerig

                                        N.L. 1951-130/140, 162/174 en 197/200

 

                                                  

                 Voor de bronnen en afkortingen zie pagina 6 van de site

                        Eveneens voor het nodige voorbehoud bij sommige personen en filiaties.

 

 

 

 

 

         I Syds van Tjaerda, overleden na 10 okt 1444.

 

In 1421 bij de ondertekenaars (Charterboek I-435).

Genoemd te Rinsumageest in OFO I-34 d.d.5-6-1421 en in OFO I-76,78,79 d.d.12-3-1439,9-10-1439,30-5-1440.Hij woonde op Tjaerdastate bij Rinsumageest.

Genoemd als grietman van Dantumadeel te Rinsumageest in OFO I-38 d.d.16-2-1423.

Mederechter van Dantumadeel in OFO I-56 d.d.25-7-1431.

Pax-10 d.d.10-10-1444:Syds en andere hoofdelingen contra Taecke van Heemstra e.a.

Over de grafsteen te Rinsumageest d.d.28-10-1341 met namen van misschien voorouders uit het geslacht Tjaerda zie DVF 1865-144/151 en N.L 1951-132.

 

Syds was gehuwd met  Alydt van Huninga, afkomstig uit Groningerland, overleden n 1472 ?.

 

Testeerde zij in 1473?

 

Uit dit huwelijk:

 

           1   Worp van Tjaerda, volgt onder II-a.

 

           2   Idteke Sydsdr van Tjaerda, overleden voor 30 jan 1469.

 

Ook vermeld als Jey,zie N.L.1951.

 

Idteke was gehuwd (1) met Syds Eelckes, ,Onsta ?.

 

Idteke was gehuwd (2) met Gercke van Eysinga, overleden v 30 jan 1469, zoon van Feye van Eysinga en Etheke Bornhuistra.

 

           3   Sippe van Heemstra, overleden v 25 mrt 1491.

 

Hij nam de naam aan van zijn vrouw en zou samen met zijn vrouw in 1484 een testament hebben gemaakt.Zij woonden op Heemstrastate tussen Morra en Metslawier.

Pax-10 d.d.10-10-1444:Sippe van Heemstra en andere hoofdelingen contra Taecke van Heemstra e.a.

Genoemd te Morra in OFO II-28 d.d.10-8-1449.

Hij werd in 1474 gevangen gezet te Langweer (zie N.O.II-391).

 

Voor zijn nageslacht zie bij van Heemstra.

 

Sippe was gehuwd met Ansck Poppesdr van Heemstra, afkomstig uit Morra, overleden n 25 mrt 1491, dochter van Poppe van Heemstra en N.N..

 

Zij testeerde te Morra op 24-3-1491 als Ansck Himstera (F.T.52 en OFO III-22).

Bij het testeren leven haar zoons Feye,Rienck en Syds,maar zijn haar zoon Poppe en haar dochters vermoedelijk al overleden.

 

 

           4   waarschijnlijk Ael Sydsdr van Tjaerda.

 

           5   Bartholt Tjaerda van Starkenborgh, volgt onder II-b.

 

 

    II-a Worp van Tjaerda, overleden na 30 jan 1469 ,in 1470?, begraven Rinsumageest, zoon van Syds van Tjaerda (I) en Alydt van Huninga.

 

Hij woonde op Tjaerdastate te Rinsumageest.Zie voor hem N.L 1951-137 en ook N.O.III-136.

Genoemd te Rinsumageest in Pax-18,20 d.d.7-11-1463,4-8-1468.

OFO I-199 d.d.30-1-1469:hij zegelt te Rinsumageest (mee voor zijn broers Sippe en Bartolt) de huwelijksvoorwaarden voor Hack van Eysinga.

 

Worp was gehuwd met  Jouck Sytzesdr van Martena, overleden na 1488, waarschijnlijk dochter van Sytze van Martena en Hylck van Camstra.

 

Zij testeerde te Wetzens 1474/1488 als Jouka Tirdema,dorsaal Jouck Tyaerda (F.T.51 en OFO I-384).

Uit haar testament blijkt dat zij dan een zuster heeft met een dochter in klooster Klein Nazareth en ook een broer met dochter Doed in klooster Bethlehem;haar man Gabbe leeft nog.

Zij moet wel uit het eerste huwelijk van haar vader zijn,omdat zij anders in 2e huwelijk met haar halfbroer zou zijn getrouwd (met Aede).

 

Jouck was later gehuwd met Aede Hessels van Jongema, overleden 22 sep 1474 *, zoon van Hessel Aedes van Jongema en Jel Epesdr van Harinxma.

 

Jouck was later gehuwd met Gabbe van Jarla, overleden Ee 1488 *, zoon van Botte van Jarla en Anna N., ,Anna van Bolta ?.

 

Uit het huwelijk van Worp en Jouck:

 

           1   Kinsck van Tjaerda, volgt onder III-a.

 

 

    II-b Bartholt Tjaerda van Starkenborgh, overleden n 21 nov 1492, zoon van Syds van Tjaerda (I) en Alydt van Huninga.

 

Genoemd met zijn broer Worp te Rinsumageest in Pax-20 d.d.4-8-1468.

Ook genoemd in OFO II-89 d.d.20-8-1479 en in OFO III-14 d.d.5-6-1482.

OFO II-146 d.d.14-11-1486:Leeuwarden wil een duurzame vrede met hem.

OFO IV-70:genoemd op 14-11-1486 met zijn zonen Botte en Syds in een register van Leeuwarden onder 60.

Pax-76 d.d.21-11-1492:als hoofdeling in Dantumadeel sloot hij zich aan bij het verbond met Groningen d.d.17-9-1491.

Zie ook N.L.1951-162.

 

Bartholt was gehuwd met  Ydteke van Jarla, dochter van Botte van Jarla en Anna N., ,Anna van Bolta ?.

 

Zij wordt als grootmoeder van Bartolt en Sjouck genoemd bij de nagelaten goederen van Amcke van Jarla (OFO II-334).

 

Uit dit huwelijk:

 

           1   Botte Tjaerda van Starkenborgh, volgt onder III-b.

 

           2   Worp Tjaerda van Starkenborgh, volgt onder III-c.

 

           3   Alydt Tjaerda van Starkenborgh.

 

Zie N.L.1951-162.

 

Alydt was gehuwd met Wilcke van Rinia, overleden v 1511.

 

OFO III-14 d.d.5-6-1482:getuigenis van zijn schoonvader Bartholt inzake Wilka Ringhia.

OFO II-106 d.d.10-6-1482:Wilka Renghia gedagvaard te Sneek en in OFO II-113 d.d.5-5-1483 over de gewelddaden begaan door Wilka Ringhia.

OFO II-186 d.d.10-8-1492:genoemd bij het verbond tussen Oostergo en Westergo.

Later hoofdeling te Stiens.

In 1511 heeft een dochter van hem bezit in Hallum.

 

 

           4   Ydteke Tjaerda van Starkenborgh.

 

Zie N.L.1951-140.Zij zou getrouwd zijn geweest met een Gerbrant van Meckema,maar deze komt niet voor in de genealogie Meckema (verwezen wordt naar MS.Doys-182).

 

 

           5   Eesck Tjaerda van Starkenborgh.

 

Zij wordt genoemd in familiepapieren,zie N.L.1951.

 

 

           6   Aef Tjaerda van Starkenborgh.

 

Zij wordt genoemd in familiepapieren,zie N.L 1951.

 

 

 

  III-a Kinsck van Tjaerda, overleden na 1 okt 1492, dochter van Worp van Tjaerda (II-a) en Jouck Sytzesdr van Martena.

 

Pax-65 d.d.1-10-1492:Kinsck Tjaerda,weduwe van Syds,stelt haar huis in Rinsumageest beschikbaar voor gebruik door de Groningers.

Zie verder ook T313-1, N.L.1951-139 en GJB 1998-137.

 

Kinsck is getrouwd ± 1484 (1) met  Syds van Botnia, ,ook Syds Tjaerda, overleden Rinsumageest 1492, zoon van Tjalling van Botnia en N. van Sibeda.

 

Eerst te Marrum,na zijn tweede huwelijk op Tjaerdastate te Rinsumageest.

In 1475 wordt hij genoemd als Syds Bottinga bij de bezetting van Dokkum (GsvD-93).

OFO II-105 d.d.23-5-1482:Syds en Fecke Bottinga genoemd bij een overeenkomst met Leeuwarden.

In GPCV en OFO II-121 d.d.11-3-1485 wordt hij als Syds Tjaerda genoemd als grietman van Dantumadeel.

OFO II-146 d.d.14-11-1486:Leeuwarden wil een duurzame vrede met Syds Tjaerda.

Genoemd in 1487 in een register van Leeuwarden onder 94 en 128 (OFO IV-70).

In OFO II-155 d.d.1-11-1487 als Syds Tyarda en in OFO II-159 d.d.18-3-1488 als Syds Botinga.

OFO I-358 d.d.24-4-1488:Syds Tjaerda te Rinsumageest zegelt een overeenkomst.

Vermoedelijk wordt hij ook nog genoemd als Ids Tjaerda,die zich volgens Pax-62 d.d.14-6-1492 aansluit bij het verbond met Groningen van 17-9-1491.

Hij had uit zijn huwelijk met Kinsck geen kinderen en testeerde in 1491.

Zie verder GJB 1998-137.

 

Syds was weduwnaar van Ansck Jeppesdr van Jeppema, dochter van Jeppe Keimpes van Jeppema en Frouck van Helbada.

 

Kinsck was gehuwd (2) met  Schelte van Scheltema (Scheltinga), overleden Leeuwarden 1516/1517, zoon van Syds van Scheltema (Scheltinga) en Syts Hommesdr van Oedtsma.

 

Hij woonde eerst in Huizum en later als hoofdeling op Tjaerdastate te Rinsumageest en is overleden te Leeuwarden voor of  in 1517.

Hij was raadsheer bij het Hof van Friesland 1499/1500.

Op 9-7-1504 tekent Schelte Tjaerda de reversaalbrief (nr.13) en ook voor Tjalling Emesz (nr.14).

Schelto Tzaerda opter Gheest wordt op 5-1-1505 vermeld onder de edelen van Dantumadeel.

OFO IV-75 d.d.28-6-1487:genoemd bij het verbond tussen Westergo en delen van Oostergo.

Pax-86 d.d.13-5-1493:Schelte te Huizum sluit zich aan bij het verbond van Leeuwarden met Groningen d.d.10-10-1492.

OFO IV-119 d.d.27-3-1500:genoemd bij besluiten van de Leppa inzake dijken en zijlen.

OFO III-31 d.d.12-9-1502:genoemd als Schelta op der Geest.

In 1500/1501 als Schelta Tiarda grietman van Dantumadeel,Achkarspelen (in 1508 niet meer) en Kollumerland (in 1503 niet meer); in 1510 nog grietman van Dantumadeel.

OFO IV-149,174 d.d.18-9-1505,3-7-1508:Hij geeft als grietman van Dantumadeel consent op aankoop van land bij Roodkerk.

OFO I-512 d.d.10-7-1506:Schelte op Rinsumageest koopt van zijn zuster Teet.

Bij R.v.A.1511 heeft landheer Schelte Tjaerda van Rinsumageest veel bezit in Dantumadeel en Ferwerderadeel en ook te Britsum, Huizum, Hempens en Teerns

Toen in 1515 N.O.Friesland overging van de Saksers naar de Geldersen en Tjaerdastate werd verwoest vluchtte hij van Rinsumageest naar Leeuwarden (N.O.III-136 en GsvD,123).

 

Uit dit huwelijk:

 

           1   Syds van Tjaerda, geboren na 1492, volgt onder IV-a.

 

 

   III-b Botte Tjaerda van Starkenborgh, overleden n 1545, zoon van Bartholt Tjaerda van Starkenborgh (II-b) en Ydteke van Jarla.

 

Botto van Sterckenborgh tekent op 9-7-1504 de reversaalbrief (nr.25).

Op 5-1-1505 staat Botto Tzaerda tho Sterckenburg bij de edelen van Dantumadeel.

Zie ook N.L.1951-162.

 

Botte was gehuwd met  Ave van Clant, dochter van Willem van Clant.

 

Uit dit huwelijk:

 

           1   Bartholt Tjaerda van Starkenborgh, geboren 1500, volgt onder IV-b.

 

 

   III-c Worp Tjaerda van Starkenborgh, overleden 1502/1503, zoon van Bartholt Tjaerda van Starkenborgh (II-b) en Ydteke van Jarla.

 

In 1500 mede-afgevaardigde naar Bornsterzijl om hertog Albrecht van Saksen te keren.

Als zijn dochter Sjouck in 1503 wordt geboren is hij misschien al overleden.

Worp is niet bij de ondertekenaars van de reversaalbrief d.d. 9-7-1504.

Op 5-1-1505 staan “Werp Tzaerda tho Sterckenborg kinderen” op de lijst van edelen uit Dantumadeel.

Zie ook N.L.1951-140,162.

 

Worp was gehuwd (1) met   Eva van Gayckinga.

 

Zie N.L.1951.

 

Worp was gehuwd (2) met  Graets van Eysinga/Bolta, overleden 24 jun 1512 *, begraven Metslawier ,grafschrift, dochter van Tjalling van Bolta en vermoedelijk N.van Juwsma.

 

Graets was later gehuwd met Focke Sybrens van Ropta, overleden 4 jul 1512 *, begraven Metslawier ,grafschrift, zoon van Sybren van Ropta en Kinsck Sapes van Sythjema.

 

Graets zal vermoedelijk in 1504 hertrouwd zijn met Focke (hun zoon Worp wordt in 1504 geboren).

 

 

Uit het huwelijk van Worp en Graets:

 

           1   Sjouck Tjaerda van Starkenborgh, geboren 1503, overleden 10 mrt 1535 ,31 jaar, begraven Metslawier ,grafschrift.

 

OFO II-334 d.d.2-5-1527:scheiding en verdeling met haar neef Bartholt van erfgoederen van hun grootouders Bartholt van Starkenborgh en Ydt van Jarla en van de t.z.t.na te laten goederen van Amcke van Jarla.

Zie ook grafschrift Metslawier.

Dat Sjouck uit het tweede huwelijk stamt van haar vader blijkt uit de kwartieren van Luts van Meckema, vrouw van Douwe Meckema van Aylva (zie aldaar).

 

Sjouck is getrouwd v 2 mei 1527 met Pybe van Meckema, geboren Kollum ± 1495, overleden Brussel 1 mrt 1549 *,54 jaar, begraven Brussel in de Goedekercke, zoon van Feye van Meckema en Tieth van Meckema.

 

Pybe woonde met zijn vrouw op Meckemastate bij Kollum.

HvF 16481-397 d.d.14-3-1536:Pybe en zijn vrouw Sjouck contra Rempt Gaepkes.

HvF 16481-554 d.d.27-10-1536:Pybe als gedaagde.

HvF 16481-579 d.d.20-12-1536:Pybe namens zijn vrouw als eiser.

HvF 16481-745 d.d.15-10-1537:namens zijn moeder Tieth contra Bauck Heemstra.

HvF 16481-164 d.d.20-12-1538:er wordt tegen hem geprocedeerd inzake land te Jouswier.

HvF 16481-290 d.d.30-9-1539:Pybe Meckema als aangeklaagde.

HvF 16481-301 d.d.16-10-1539:Epe van Martena voor zijn vrouw contra Pybe en Bartholt Starckenburg.

HvF 16481-307 d.d.16-10-1539:Pybe contra de kerkvoogden van Kollum.

Bij RvA 1540 met bezit te Ferwerd,dat bij RvA 1511 op naam stond van zijn grootmoeder Bernsck;in 1540 ook met bezit te Reitsum.

BB 1543:hij heeft bezit te Metslawier.

Voor zijn overlijden en begraven zie de grafsteen van zijn vrouw te Metslawier.

 

 

 

   IV-a Syds van Tjaerda, geboren na 1492, overleden 18 okt 1545, begraven Rinsumageest ,grafschrift, zoon van Schelte van Scheltema (Scheltinga) en Kinsck van Tjaerda (III-a).

 

Aangesteld als grietman van Dantumadeel op 18-2-1517;hij heeft vermoedelijk afstand gedaan in 1536.

Hij wordt in 1522 vermeld als olderman van Dokkum.

Op 27-8-1527 moest hij als grietman van Dantumadeel verschijnen voor de stadhouder om iets te doen aan de afwatering van de Woudvaart (GsvD,128).

OFO IV-257 d.d.4-5-1529:ruiling van aandelen/renten met Edo Martena.

In 1535 verzoekt hij als grietman om schadeloosstelling voor inwoners van Dantumadeel vanwege de afbraak van huizen in Dantumadeel t.b.v.de stadswallen van Dokkum (Gsvd,129).

HvF 16481-581 d.d.20-12-1536:hij procedeert tegen de kinderen en kleinkinderen van Hessel Jelgers Feytsma.

Hij wordt bij R.v.A.1540 genoemd als Mr.Syds Tjaerda met bezit in Hallum (Sythiemastate),maar ook met ander bezit daar en in Ferwerd,Reitsum, Jislum ,Britsum, Huizum, Hempens en Teerns, wat in 1511 behoorde aan zijn vader.

Zie voor Syds ook T313-2/5.

Hij testeerde te Rinsumageest als bewoner van Tjaerdastate op 25-2-1540 (F.T.157).

Zijn 8 kinderen erven,maar dochter Kinsck werd deels onterfd.

Na zijn overlijden worden zijn zwager Haring Sythiema en neef Frans Roorda voogden over zijn kinderen.

 

Syds was gehuwd (1) met  Anna Fliling, afkomstig uit Leuven.

 

Anna Fliling wordt in het Burmaniaboek als eerste vrouw van Syds vermeld (SFA Tjaerda, noot 18) met kinderen Mary en Kynsch en Moed Sytyema als tweede vrouw.

Het blijft wel vreemd dat Syds in zijn testament (FT 157) alle 8 kinderen noemt maar niet zijn eerste vrouw.

Syds dochter Anna uit tweede huwelijk zal naar zijn eerste vrouw zijn genoemd.

 

Uit dit huwelijk:

 

           1   Mary Sydsdr van Tjaerda, geboren ± 1520, overleden 11 aug 1601 *, begraven Leeuwarden,Jacobijnerkerk ,grafschrift.

 

Op een steen uit 1607 in de Grote Kerkstraat te Leeuwarden wordt vermeld dat zij als weduwe van Ritscke geld had geschonken voor de bouw van 10 kamers.

Zij testeerde te Leeuwarden op 3-4-1599 en was bij overlijden 80 jaar.

 

Mary was gehuwd (1) met Juw van Juwsma, afkomstig uit Wirdum, overleden 1541, begraven Wirdum, zoon van Oene van Juwsma en Lisck Douwesdr van Harinxma.

 

Op 5-1-1505 op de lijst van Friese edelen (T342-05,62).

Bij R.v.A.1511 met bezit te Leeuwarden,Wirdum en Wartena en bij R.v.A 1540 als eigenaar en gebruiker te Wirdum.

HvF 16481-578 d.d.20-12-1536:Juw als erfgenaam van Amcke Jarla als gedaagde.

HvF 16481-203 d.d.15-2-1539:Yvo van Frittema meent namens zijn vrouw recht te hebben op de nalatenschap van wijlen Eelck van Ockinga,Juws vrouw.

Hij wordt ook nog genoemd in 1543 (BB),maar is dan al overleden.

 

Juw was weduwnaar van Eelck Pietersdr van Ockinga, overleden 1534 ?, begraven Wirdum ,grafschrift Eelck ..., dochter van Pieter Lolles van Ockinga en N Louwsdr van Donia.

 

 

Mary was gehuwd (2) met Feye van Goslinga, overleden 17 mrt 1546 *, begraven Wirdum, zoon van Tjepcke van Goslinga en Frouck van Oenema.

 

Feye was weduwnaar van Jens Tjepckesdr van Sjoorda, afkomstig uit Kollum.

Hij woonde te Driesum.

 

Mary was gehuwd (3) met Ritscke van Eysinga, overleden Leer( Oost-Friesland) 9 mei 1573, begraven Leeuwarden,Jacobijnerkerk ,in 1592,grafschrift, zoon van Aede van Eysinga en Tieth Ritsckesdr van Juckema.

 

            

           2   Kinsck Sydsdr van Tjaerda, volgt onder V-b.

 

 

 

Syds was gehuwd (2) met  Moedt van Sythiema, afkomstig uit Hallum, overleden 27 sep 1557, begraven Rinsumageest ,grafschrift, dochter van Syds van Sythiema en Womck Lieuwesdr van Juckema.

 

Haar 4 zusters,allen non in klooster Foswerd,worden in het testament van haar man genoemd.

HvF 16691-111 d.d.16-9-1555:Christoffel van Hubitz contra o.a.Moedt,weduwe Syds Tjaerda,en contra Haring Sythiema en Frans Roorda,voogden over de kinderen.

T313-231:brief van Moed van Sythiema, weduwe Syds Tjaerda.

 

Uit dit huwelijk:

 

           3  Schelte van Tjaerda,  geboren 1531/1532, volgt onder V-a.

 

4  Syds van Tjaerda, geboren 1531/1532, overleden na 7-8-1566.

 

Sixtus Tjaerda werd op 11-5-1547 student te Leuven, samen met zijn broer Schelte.

Syds was een tweelingbroer met Schelte.; hun broer Worp was 3 jaar jonger.

Hij was kanunnik te Oorschot en testeerde daar 7-8-1566.

Uit het testament blijkt dat hij een dochter Syts had bij zijn bijzit.

 

           5  Worp van Tjaerda, geboren 4 feb 1534 ,(volgens HvR op 4-2-1535), overleden na 1575.

 

Worp was in mei 1551 student te Leuven.

Zijn huwelijk was kinderloos.

Hij woonde op Tjaerdastate te Rinsumageest en wordt nog genoemd in 1575.

 

Voor Mr.Worp Tjaerda zie HvF 16693-2 d.d.1565,HvF 16693-91 d.d.1566, HvF 16694-26,55 d.d.1569 en HvF 16694-123 d.d.1570.

 

Worp was gehuwd met Ynts van Aggema, dochter van Pieter Aggema van Walta en Jets Sydsdr van Eminga.

 

Ynts was weduwe van Feye van Goslinga, zoon van Feye van Goslinga en Jens Tjepckesdr van Sjoorda.

 

           6   Syts Sydsdr van Tjaerda.

 

Syts was gehuwd met Botte van Eminga, overleden 1560/1585, zoon van Minne van Eminga en Eelck Bottesdr van Jarla.

 

Hij woonde te Wetzens.

HvF 16692-525 d.d.1564:Botte van Eminga.

In 1585 is zijn broer Syds voogd over zijn kinderen.

 

 

           7   Anna Sydsdr van Tjaerda, overleden n 14 nov 1578.

 

Zij testeerde op 16-4-1578 en op 14-11-1578.

 

Anna was gehuwd met Aucke van Unia, ,zonder kinderen, zoon van Juw Auckes van Unia en Ael Ritsckesdr van Juckema.

 

8 Womck Sydsdr van Tjaerda, overleden 6 jun 1554 *, begraven Dokkum ,grafschrift onduidelijk.

 

Womck was gehuwd met Botte van Mockema, overleden 20 sep 1573 *, begraven Dokkum ,grafschrift onduidelijk, zoon van Popcke van Mockema en Tieth van Sjoerda.

 

HvF 16480-306 d.d.29-1-1529:Juffrouw Alyt van Groeningen contra Botte Mockema;zij beweert dat hij haar huwelijksbeloften heeft gedaan,maar hij ontkent.

HvF 16687-199,218 d.d.29-1-1529,15-3-1529 over dezelfde zaak.

HvF 16481-417 d.d.28-3-1536:Botte Mockema contra Mr.Gercke Popckema;de eiser krijgt het recht opnieuw te citeren volgens def.sent.d.d.4-4-1536. Over deze zaak ook HvF 16688-230,16689-25 d.d.8-3-1536,20-5-1538.

HvF 16481 d.d.4-6-1538):Botte Mockema contra Mr.Gercke Popckema,voorheen pastoor te Goutum.Botte had nog recht op 60 goudguldens;gedaagde verschijnt niet en de eis wordt toegewezen.

In 1543 met bezit in Lichtaard (B.B.149a,150a).

HvF 16691-111 d.d.16-9-1555:Christoffel van Hubitz voor zijn vrouw Cunira van Martena contra o.a.Botte Mockema als man van Womck Tjaerda.

HvF 16692-162 d.d.28-2-1561:Anna Feytsma,weduwe Frans van Humalda,voor zich en haar kinderen contra de broers Botte en Julius over het bezit van een sate.

HvF 16692-278 d.d.13-3-1562:Frans Canters,man van Geel van Humalda,contra de broers Botte en Julius (zie ook GJB 1978-79).

HvF 16692-455 d.d.25-10-1563:Botte Mockema te Dokkum contra Andries Havinga te Hallum inzake ontruiming Jouwsmastate.

HvF 16701-249 d.d.22-12-1585:zijn kinderen als erfgenamen contra zijn schoonzuster His van Hermana.

Hij bouwde in 1556 een nieuwe Mockemastins in Dokkum,op de plaats van het huidige Admiraliteitshuis (GsvD-175).

 

Botte was later gehuwd met Bernsck Scheltesdr van Scheltema, overleden 23 mei 1566 *, begraven Dokkum, dochter van Schelte van Scheltema en Ursel van Herckema.

Botte was later gehuwd met Ansck Minnesdr van Eminga, overleden 21 dec 1605 *, begraven Engelum, dochter van Minne van Eminga en Eelck Bottesdr van Jarla.

 

 

   IV-b Bartholt Tjaerda van Starkenborgh, geboren 1500, overleden 7 nov 1561/14 jun 1566, zoon van Botte Tjaerda van Starkenborgh (III-b) en Ave van Clant.

 

OFO II-334 d.d.2-5-1527:scheiding en deling met nicht Sjouck (en man Pybe) van erfgoederen van hun grootouders Bartholt van Starkenborgh en Ydt van Jarla en t.z.t.na te laten goederen van Amcke van Jarla.

HvF 16481-301 d.d.16-10-1539:Epe van Martena vanwege zijn vrouw contra Bartholt en Pybe van Meckema.

RvA 1540:bezit o.a.te Blija.

Zie ook N.L.1951-162.

 

Bartholt was gehuwd met  Bawe Friling, ,ook Cater, overleden 30 okt 1570, dochter van Lambert Friling en Tetie Cater.

 

Uit dit huwelijk:

 

           1   Johan Tjaerda van Starkenborgh, geboren ± 1532, volgt onder V-c.

 

           2   Teteke Tjaerda van Starkenborgh, overleden 5 apr 1580 *, begraven Hallum.

Teteke was gehuwd met Epe Epes van Douma, overleden 11 jan 1585 *, begraven Hallum ,grafschrift, zoon van Epe Douwes van Douma en Tjets van Camstra.

 

Hij woonde te Hallum en had daar bezit gekocht bij RvA 1540 (III-3/26).

Hij kwam door zijn eerste vrouw in bezit van Gerbadastate,later Doumastate.

 

Epe was weduwnaar van Saepck Jelgersdr van Feytsma, overleden 14 okt 1564, begraven Hallum ,grafschrift, dochter van Jelger Hessels van Feytsma en Claer van Eminga.

 

           3   Lambert Tjaerda van Starkenborgh, volgt onder V-d.

 

           4   Matthias Tjaerda van Starkenborgh, ,ook Teso, overleden v 18 sep 1578.

 

Hij vestigde zich in Duitsland.

 

 

           5   Bartholt Tjaerda van Starkenborgh, volgt onder V-e.

 

           6   Claes Tjaerda van Starkenborgh, volgt onder V-f.

 

           7   Botte Tjaerda van Starkenborgh, overleden Emden 23 jul 1568, begraven aldaar.

 

           8   Willem Tjaerda van Starkenborgh, volgt onder V-g.

 

 

     V-a Schelte van Tjaerda, geboren 1531/1532, overleden 1576/1581, zoon van Syds van Tjaerda (IV-a) en Moedt van Sythiema

 

Schelte werd op 11-5-1547 student te Leuven, samen met zijn broer Syds.

In 1554 is hij student te Padua.

Hij verkreeg Tjaerdastate bij overlijden van zijn broer Worp en woonde daar met zijn vrouw His.

Zie voor Schelte Tjaerda ook HvF 16695-112 d.d.1573  en HvF 16696-92 d.d.1575.

T313-6/19: Schelte en His.

 

Veel stukken over hem in het archief Tjaerda van Rinsumageest (T313,Tresoar).

 

Schelte was gehuwd met  His van Hermana, overleden 13 jan 1615, begraven Rinsumageest 24 jan 1615 ,grafschrift, dochter van Vincent van Hermana en Maria van Frittema.

 

HvF 16701-249 d.d.22-3-1585:een zaak tegen haar door de erfgenamen van Botte Mockema,haar overleden zwager.

 

Uit dit huwelijk:

 

           1   Syds van Tjaerda, volgt onder VI-a.

 

 

     V-b Kinsck Sydsdr van Tjaerda, overleden na 1540, dochter van Syds van Tjaerda (IV-a) en Anna Fliling.

 

Zij kreeg van haar vader in zijn testament alleen de legitieme portie,omdat zij tegen zijn wil met de knecht Frans Sysma trouwde,nadat ze van Frans zwanger was geraakt.

 

Kinsck was gehuwd met  Frans Sysma, overleden voor 1555.

 

Uit dit huwelijk:

 

           1   Marie van Tjaerda, overleden na 1555.

 

HvF 16691-111 d.d.16-9-1555:Renick van Burmania en Folckert Buwema als voormonden over Marie Tziarda te Wirdum,het bij wijlen Frans Sysma nagelaten weeskind bij Kindteke Tziarda.

 

 

 

 

     V-c Johan Tjaerda van Starkenborgh, geboren ± 1532, overleden 2 mei 1608 *, begraven Groningen ,in de Martinikerk, zoon van Bartholt Tjaerda van Starkenborgh (IV-b) en Bawe Friling, ,ook Cater.

 

In 1593 vermeld als hofmeester van de stadhouder en in 1595 als oud-hofmeester (T7).

Hij was later gedeputeerde van de Ommelanden.

 

Johan was gehuwd met  Gaets van Grovestins, geboren ± 1535, overleden 1605, begraven Groningen ,in de Martinikerk, dochter van Idzart van Grovestins en Tjets van Oenema.

 

Bij het trouwen met Johan was zij al weduwe van een andere man.

 

Uit dit huwelijk:

 

           1   Idzart Tjaerda van Starkenborgh, geboren 9 mei 1571, overleden Meurs 16 mrt 1625 (Nieuwe tijd), begraven aldaar 27 mrt 1625 (Nieuwe tijd).

 

Hij was kapitein in het leger.

Idzart had bij overlijden geen kinderen.

 

Idzart is getrouwd Wommels 20 nov 1608 met Teth van Grovestins, dochter van Douwe van Grovestins en Habel van Herema.

 

           2   Bartholt Tjaerda van Starkenborgh, volgt onder VI-b.

 

 

     V-d Lambert Tjaerda van Starkenborgh, overleden 1581, begraven Groningen ,in de Broerkerk, zoon van Bartholt Tjaerda van Starkenborgh (IV-b) en Bawe Friling, ,ook Cater.

 

Hij was gedeputeerde van de Ommelanden.

 

Lambert is getrouwd 1550 (1) met  Elteke Coenders, afkomstig uit Beyum, dochter van Albert Coenders.

 

Uit dit huwelijk:

 

           1   Ludolf van Starkenborgh, geboren Garsthuizen 1556, overleden 31 dec 1618, begraven Leens.

 

Ludolf  is getrouwd 10 nov 1586 met Hidcke Onsta, overleden 1 apr 1618, begraven Leens, dochter van Apcke Onsta.

 

Zij was erfdochter van Verhildersum bij Leens. Kinderen zijn Anna Maria en Lambert met nageslacht in de provincie Groningen.

 

 

           2   Botte van Starkenborgh, overleden 1573, begraven Uithuizen.

 

 

 

Lambert is getrouwd 1558 (2) met  Reneke van Awlsum.

 

 

     V-e Bartholt Tjaerda van Starkenborgh, overleden 15 apr 1573, begraven Mariënburg (O.F), zoon van Bartholt Tjaerda van Starkenborgh (IV-b) en Bawe Friling, ,ook Cater.

 

Hij was hoofdeling te Eenrum.

Grafschrift volgens notities Aernout van Buchel.

 

Bartholt was gehuwd met  Cnier van Oosterhuizen, ,ook Anna, afkomstig uit Groningerland.

 

Uit dit huwelijk:

 

           1   Albert van Starkenborgh, overleden 17 okt 1637.

 

Hij woonde te Eenrum.

 

Albert was gehuwd (1) met Abeltje Onsta, overleden v 10 feb 1619, dochter van Apcke Onsta.

 

Albert was gehuwd (2) met Anna Peters.

 

 

     V-f Claes Tjaerda van Starkenborgh, overleden v 2 sep 1574, zoon van Bartholt Tjaerda van Starkenborgh (IV-b) en Bawe Friling, ,ook Cater.

 

Ingeschreven als student te Heidelberg 29-7-1553.

 

Claes was gehuwd met  Teth van Unia, dochter van Juw Auckes van Unia en Ael Ritsckesdr van Juckema.

 

Uit dit huwelijk:

 

           1   Aaltje Tjaerda van Starkenborgh, geboren 1561, overleden 22 nov 1625 ,64 jaar, begraven Oenkerk ,grafschrift.

 

Aaltje was gehuwd met Feye van Heemstra, geboren ± 1578, overleden 23 jul 1618 ,40 jaar, begraven Oenkerk ,grafschrift, zoon van Feye van Heemstra en Tjits Epesdr.

 

Hij woonde in de Trynwâlden.

 

 

 

     V-g Willem Tjaerda van Starkenborgh, overleden 9 mei 1575, begraven Hinte (O.F.), zoon van Bartholt Tjaerda van Starkenborgh (IV-b) en Bawe Friling, ,ook Cater.

 

Hij was hoofdeling te Blija.

 

Willem was gehuwd met  Tryn Eijsma.

 

Uit dit huwelijk:

 

           1   Bartholt van Starkenborgh, geboren ± 1563, overleden 9 mrt 1637, begraven Blija.

 

Hij woonde te Blija en testeerde op 24-1-1637.

 

 

 

           2   Isack van Starkenborgh.

 

           3   Willem van Starkenborgh.

 

 

   VI-a Syds van Tjaerda, overleden 4 okt 1612 *, begraven Rinsumageest 12 okt 1612 ,grafschrift, zoon van Schelte van Tjaerda (V-a) en His van Hermana.

 

Hij woonde met zijn vrouw op Tjaerdastate te Rinsumageest.

T7-423:Syds van Tjaerda in 1597 voor 5 jaar verbannen uit Friesland wegens het doden van iemand tijdens een vechtpartij.

T313-20/24: Syds en Eelck.

 

Syds was gehuwd met  Eelck Reynersdr van Frittema, overleden 6 sep 1638, begraven Rinsumageest ,grafschrift, dochter van Reinier van Frittema en Saepck Pietersdr van Cammingha.

 

Zie voor haar N.O.III-132.

T342-05,nr.38:in 1615 als weduwe op de begrafenis van Isck van Feytsma.

 

Uit dit huwelijk:

 

           1   Maria Sydsdr van Tjaerda, geboren Rinsumageest 1595/1596, overleden aldaar 8 jan 1661, begraven aldaar 22 jan 1661 ,grafschrift.

 

Zij verkreeg Tjaerdastate te Rinsumageest van haar ouders.

Op 18 mei 1610,toen zij 14 jaar was,legde zij de eerste steen van de toren van Rinsumageest.

T313-25/31: stukken over Ruurd en over haar als weduwe Juckema.

In Rinsumageest werden nog een dochter en een zoon van haar en Ruurd begraven,zie grafschriften de Walle [5613]  en [ 5618].

Op het graf van haar en Ruurd de 16 kwartieren van haar en zijn betovergrootouders.

Voor haar: Tjaerda-Starkenborgh, Sythiema-Juckema, Hermana-Galama, Frittema-Donia, Frittema-Wybinga, Donia-Tietema, Cammingha-Mockema en Aebinga-Scheltinga.

Haar betovergrootouders zijn echter:   Schelte van Scheltema x Kinsck van Tjaerda, Syds van Sythiema x Womck van Juckema, Hobbe van Hermana x Wick van Feytsma, Yvo van Frittema x Tjaerteke van Donia, N.van Frittema x ? N.van Wybinga, Louw van Donia x Catharina van Harinxma, Sjuck van Cammingha x Bauck van Mockema en Anlof van Aebinga x Saepck van  ? Scheltema.

Voor hem: Juckema-Albada, Feytsma-Eminga, Mockema-Mockema, Foppinga-Eminga, Roorda-Camstra, Juckema-Esgema, Galama-Feytsma en Walta-Dekama.

Zijn betovergrootouders zijn echter: Werp van Juckema x Bauck van Oedtsma (met moeder Albada), Ruurd van Feytsma x Tjemck van Eminga, Taecke van Oenema (Mockema) x Doedt van Holdinga, Hessel van Foppinga x Frouck van Eminga, Ruurd van Roorda x Syts van Camstra, Ritscke van Juckema x Syts van Baerda (Aesgema), Otte van Galema x Wisck van Tietema en Douwe van Walta x Hylck van Dekema (vergelijk zijn kwartieren met T323-2754).

 

Maria was gehuwd met Ruurd Werps van Juckema, afkomstig uit Menaldum in 1603, overleden 13 nov 1639, begraven Rinsumageest ,grafschrift, zoon van Werp van Juckema en Aelcke Ruurdsdr van Roorda.

 

Ruurd woonde eerst op Orxmastate te Menaldum en in 1615 met zijn derde vrouw in Rinsumageest op Tjaerdastate (T342-05,38).

T327-1388,1389:extract uit huwelijksboek Leeuwarden van zijn huwelijk in 1608 met Barbara en de dispensatie voor het huwelijk wegens bloedverwantschap.

T327-1390:belofte van Ruurd aan Barbara om de roerende goederen voor zijn zoons uit 1e huwelijk te inventariseren (1608).

T327-1397:overdracht aan Ruurd en Maria van Tjaerda van de 20e penning uit een zate te Birdaard (1623).

T327-1401:scheiding en deling in 1634 van percelen land onder Jellum tussen Imck van Dekema c.s. en Ruurd van Juckema c.s. (n.a.v.sententie Hof van Friesland d.d.21-12-1629).

T327-1403:scheiding en deling in 1640 van door Ruurd nagelaten goederen tussen zijn vrouw en kinderen.

Autorisatie HvF d.d.14-1-1640:Gerrolt van Juckema als curator over zoon Worp,23 jaar;Homme van Camstra als curator over Schelte,21 jaar;Goffe van Camstra over Lieuwe,19 jaar.

Diverse data van overlijden en geboorte komen uit het "huisboek" van Ruurd (zie Grafschriften II-83/84 (Roorda).

 

Ruurd is eerder in ondertrouw gegaan Leeuwarden 9 sep 1603 ,voor het gerecht en getrouwd aldaar 6 okt 1603 ,voor het gerecht met Edwer Gerroltsdr van Cammingha, ,ook Eduarda, afkomstig uit Leeuwarden in 1603, overleden 22 mrt 1606 *, begraven Leeuwarden,Jacobijnerkerk, dochter van Gerrolt van Cammingha en Ath Heresdr van Ockinga.

 

Ruurd is eerder in ondertrouw gegaan Leeuwarden 23 feb 1608 ,voor het gerecht en getrouwd aldaar 17 mrt 1608 ,voor het gerecht met Barbara van Dekema, overleden Menaldum 17 jun 1610, dochter van Frans van Dekema en Gerlant Hettesdr van Hemmema.

 

 

   VI-b Bartholt Tjaerda van Starkenborgh, overleden 16 jan 1640, begraven Leeuwarden 29 jan 1640 ,Galileërkerk,grafschrift, zoon van Johan Tjaerda van Starkenborgh (V-c) en Gaets van Grovestins.

 

Hij was kolonel bij de cavalerie.

Bartholt had alleen twee dochters.

Zie ook Grafschriften III-40.

 

Bartholt was gehuwd met  Ebel van Grovestins, overleden Arnhem 15 mrt 1621, begraven Tzum, dochter van Douwe van Grovestins en Habel van Herema.

 

Uit dit huwelijk:

 

           1   Jannetta Tjaerda van Starkenborgh, geboren in 1618, overleden in 1660.

 

Jannetta ,ook Jeannette, is in ondertrouw gegaan te Leeuwarden op 26 nov 1636 en getrouwd dec 1636, 3e pr. 11-12-1636 Leeuwarden, met Willem van Schwartzenberg thoe Hohenlansberg, geboren 1 dec 1598, overleden 22 jul 1668, zoon van George Wolfgang van Schwartzenberg Hohenlansberg en Doedt van Holdinga.

 

Zijn doopnaam Willem werd latergewijzigd in Wilco Holdinga.

Voor stukken over hem en zijn vrouw zie T326-158/166.

 

2 Agatha Tjaerda van Starkenborgh, geboren in 1620, overleden in 1670.

 

In 1642 worden voor het gastmaal na de begrafenis van Jarich van Liauckema uitgenodigd Jhr. George van Schwartzenberg en zijn vrouw Agathe Tjaerda van Starkenborgh, wonende op Groot-Terhorne te Beetgum.

 

Agatha is in ondertrouw gegaan te Leeuwarden op 26 nov 1636 en getrouwd dec 1636, 3e pr. 11-12-1636 Leeuwarden, met George Frederick van Schwartzenberg thoe Hohenlansberg,

geboren 30 nov 1607, overleden Beetgum 25 jan 1679, zoon van George Wolfgang van Schwartzenberg Hohenlansberg en Doedt van Holdinga.

 

Voor stukken over hem en zijn vrouw zie T326-181/220b.